Zoeken

Resultaat 1 tot 10 van 10.

Lisianthus toekomstbestendig stap drie: waar ligt de ondergrens voor energie-input?

Doel Het doel van dit project is demonstratie van een duurzame lisianthusteelt met een veel lagere energie-input dan tot nu toe in de praktijk gebruikelijk is. De ondergrens wordt opgezocht voor het elektragebruik voor belichting en de aanvullende warmtevraag. Projectbeschrijving Lisianthus is een hoogproductieve en intensieve teelt: er wordt zeer intensief belicht en de warmtevraag is hoog. Na iedere teelt wordt de grond gestoomd, wat ook gasverbruik vraagt. Daarnaast worden groeihormonen gebruikt voor strekking aan het begin van de teelt en remming van bloemstelen aan het einde van de teelt. De lisianthusteelt zet in op verduurzaming. Recent heeft dit veel kennis over effecten van daglengte, lichtspectrum en stralingswarmte opgeleverd. Die kennis wordt momenteel ingepast in een praktijk-demoproef met goede resultaten t.a.v. teelt en ook energiebesparing. Dit project is een vervolg daarop waarin onder andere bespaard wordt op belichting, maximaal geïsoleerd door intensief schermen, gegoten met druppelslangen en de inzet van groeiregulatoren wordt verder gereduceerd. De kennis van het onderzoek naar de effecten van klimaat en voeding op het ontstaan van brandkoppen wordt ingepast. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Lager energiegebruik mogelijk, zonder kwaliteitsverlies In dit onderzoek is aangetoond dat de ondergrens voor energie-input in de lisianthusteelt verder omlaag kan dan tot nu toe in de praktijk gebruikelijk is. Door een combinatie van energiebesparende maatregelen bleef de teelt snel en stabiel, met takken van goede kwaliteit (voldoende lengte, gewicht en houdbaarheid). Slimmer belichten werkt direct door in elektra-besparing Het elektriciteitsgebruik kan verder worden verlaagd door PAR- en verroodbelichting tijdig af te schakelen zodra er voldoende daglicht beschikbaar is. Dit leidde niet tot negatieve effecten op de teeltsnelheid of takkwaliteit. Ook het beperken van verrood tot alleen de eerste teeltweken bleek passend binnen een energiezuinige strategie. Vochtbeheersing blijft de kritische factor Een belangrijk aandachtspunt blijft het beheersen van brandkoppen, omdat ernstige verbranding kan leiden tot verlies van het groeipunt, teeltvertraging en dus extra energiegebruik. Om dit te voorkomen is gekozen voor extra luchtbeweging en telen bij een hoger vochtdeficiet (>6 g/m³) om verdamping te stimuleren. Dit hielp om brandkoppen beheersbaar te houden, maar vroeg tegelijkertijd om extra warmte-inzet voor vochtafvoer. Ontvochtiging nog niet efficiënt genoeg: warmteverlies blijft knelpunt De actieve ontvochtigers bleken in de praktijk onvoldoende efficiënt om genoeg vocht af te voeren. Daardoor moest een deel van de ontvochtiging alsnog via kieren en luchtramen, wat zorgde voor latent warmteverlies. Dit maakt vervolgvraagstukken relevant, zoals: is een hoger vochtdeficiet gedurende de héle teelt nodig, of vooral in de eerste fase? Praktijkwaarde: scherpere sturing maakt energiezuinig telen haalbaar De resultaten laten zien dat energiezuinigere lisianthusteelt haalbaar is, mits telers lichtsturing, luchtbeweging en vochtbeheersing goed op elkaar afstemmen en fasegericht sturen. Daarmee biedt het onderzoek concrete aanknopingspunten om verdere stappen te zetten richting een toekomstbestendige lisianthusteelt met lagere energie-input. Projectnummer: 24008

Van 01-06-2024 tot 01-12-2025
Afgerond

Lisianthus toekomstbestendig stap 2: minder elektra, warmte en CO2

Doel Het doel van dit project is een duurzame lisianthusteelt demonstreren met een veel lagere elektra-input, minimale aanvullende warmtevraag, veel minder CO2-behoefte, minimaal gebruik van groeiregulatoren, en uiteindelijk de teelt ook uit de grond. Projectbeschrijving Lisianthus is een hoogproductieve en intensieve teelt. Er wordt zeer intensief belicht. Ook de warmtebehoefte is hoog en er wordt gas verbruikt. Daarnaast worden groeihormonen gebruikt voor strekking aan het begin van de teelt en remming van bloemstelen aan het einde van de teelt. Daartegenover staat wel een zeer hoge productie. Desalniettemin valt er veel te behalen qua verduurzaming. De eerste belangrijke stap is inmiddels gezet met belichting. Er kan verder worden verduurzaamd door te belichten met dimbare en sepctraal stuurbare LED-belichting en door wamte-input zo veel mogelijk te reduceren met energiebesparende technieken en minder vochtinbreng. Dit project betreft een demonstratieproef in vijf opvolgende teelten met drie hoofdrassen waarin een goede lisianthus wordt geteeld onder dynamisch dimbare en met verrood apart aanstuurbare LED-belichting. Er is een minimale aanvullende warmte-input door 2 schermen, actieve ontvochtiging met warmteterugwinning, accepteren lager vochtdeficit, geen minimumbuis en gebruik druppelslangen. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Er is ook een bijdrage gevraagd van de gewascoöperatie lisianthus, Florensis, Sakata, Van Egmond en Ludvig Svenson. In vijf opeenvolgende proeven zijn diverse energiebesparende strategieën onderzocht. Iedere teelt bouwde voort op de inzichten uit de vorige, met als doel een duurzame én rendabele lisianthusteelt. De belangrijkste conclusies onderstrepen dat de inzet van full-LED belichting, actieve ontvochtiging, aangepaste irrigatie en een geoptimaliseerde lichtstrategie leiden tot een fors lager energieverbruik. De resultaten vormen een solide basis voor de verdere verduurzaming van de Lisianthusteelt. Veel van de onderzochte strategieën kunnen direct door telers worden toegepast. Verdere winst is te behalen door het finetunen van teeltstrategieën bij hogere luchtvochtigheid, gericht op nog efficiënter warmtegebruik. Projectnummer: 23005

Van 01-05-2023 tot 31-03-2025
Afgerond

Lisianthus toekomstbestendig stap 1; minder elektra met LED

Doelstelling Ontwikkelen van een teeltstrategie met full-LED belichting. Aan het einde van het project wordt een schets gemaakt van een fossielvrije toekomstbeeld. Projectbeschrijving Bij lisianthus wordt zeer intensief belicht, inmiddels zelfs al meer dan 400 μmol m⁻² s⁻¹. Telers willen wel energiezuiniger telen en met LED kan zeer fors bespaard worden op elektra. Echter, telers durven de stap naar een relatief groot aandeel, of zelfs volledig LED vaak niet aan, vanwege onzekerheid over effecten op de gewasontwikkeling van (1) het lichtspectrum, en (2) van het ontbreken van nabij-infrarode warmtestraling (NIR). Die onzekerheid staat verdere verduurzaming in de weg. Dit is een eerste belangrijke stap richting een fossielvrije teelt samen met een lage warmtevraag. Het terugwinnen van de latente warmte is een belangrijke volgende stap en op termijn mogelijk het telen uit de grond. Dit onderzoek is verdeeld in drie werkpakketten (WP’s): 1. Klimaatkamerproef voor fine-tuning effect lichtspectrum op plantontwikkeling. 2. Kasproef. Bij dit onderdeel ligt het zwaartepunt van het project. 3. Ontwikkeling roadmap toekomstbestendige en duurzame lisianthusteelt. WP 1. Klimaatkamerproef In een eerdere proef bij Plant Lighting (zomer 2020) is de basis al gelegd, en bleek lichtspectrum een zeer groot effect te hebben op bloeisnelheid en plantlengte. Eén aanvullende teeltronde is vereist om betere conclusies te kunnen trekken en het spectrum te optimaliseren. Dat biedt de basis voor de belichting in de daaropvolgende kasproef. In de klimaatcel is ruimte voor twee rassen en 6 belichtingsbehandelingen waar gevarieerd wordt met de intensiteit en het aantal weken verrood. WP 2. Kasproef (Go/ no Go einde eerste teelt van de drie teelten) In drie proefkassen van ±85 m² per kas netto wordt de proef uitgevoerd. De hoofdvraag is: Wat is het effect van lichtspectrum en warmtestraling op de ontwikkeling en productiviteit van lisianthus? De proefopzet is als volgt Drie opeenvolgende teelten worden uitgevoerd in de periode september 2021-april met een Go/No Go na de eerste teelt. De drie proefkassen verschillen in belichting. Full-LED (spectrum volgt uit WP1). Hybride (50% SON-T/50% LED RWB). Hybride (50% SON-T/50% LED RWB + verrood-spectrum als in kas 1). Er wordt belicht met maximaal 400 μmol m⁻² s⁻¹ en de belichting is schakelbaar in twee (of drie) stappen. Raskeuze (3) in overleg met de BCO. Planttemperatuur en fotosynthese wordt gemeten naast uiteraard productie en kwaliteit. WP 3. Roadmap toekomstbestendige en duurzame lisianthusteelt Er worden een aantal verdiepingssessies gehouden waarbij worden experts uitgenodigd op gebied van thema’s waaronder licht, energiebalans in de kas en substraatteelt (teelt los van de grond). Verder wordt er gerekend aan de energiebalans voor lisianthus in een moderne, commerciële kas. M.n. aandacht is voor verschillende combinaties van schermen, actieve ontvochtiging en terugwinning van (latente) verdampingswarmte op kasklimaat, aanvullende warmtevraag, elektragebruik, en CO2-besparing. Er zullen verschillende scenario’s worden geanalyseerd met de ‘Virtuele Kas’ om uiteindelijk een toekomstschets te kunnen maken van de lisianthusteelt. Projectnummer: 20178

Van 01-04-2021 tot 31-12-2022
Afgerond

Duurzamere teelt lisianthus door verlengde opkweek

Lisianthus is een zeer intensieve teelt met belichtingsniveau’s die de 300 μmol/m2/s inmiddels gaan overstijgen. De opkweek-fase is energetisch veel minder intensief dan de 8 weken durende afkweek. Door een verlengde opkweek, kan de afkweek mogelijk van 8 naar 7 weken (12,5% energie besparing). Daarnaast is er ook besparing op warmte doordat er in de opkweek minder gegoten hoeft te worden en dus besparing op energie voor het droogstoken. Door een betere lichtbenutting door een start met grotere planten met mogelijk ook een hogere fotosynthese-efficiency is er mogelijk eenzelfde eindkwaliteit te behalen met minder belichting. In het project wordt samengewerkt met Lisianthus-(op)kwekers, substraatleveranciers en opkweekbedrijf Florensis (proefbegeleiding, plantverzorging, kasruimte). De planten van de succesvolle behandelingen worden uitgeplant bij een kweker in de praktijk met een controle en wordt gemonitord op teeltduur en eindkwaliteit. Het doel van dit project is om kennis te ontwikkelen over alternatieve teeltsystemen in de opkweek van lisianthus, en het effect daarvan op groei, lichtbehoefte en bloeisnelheid. Daarnaast zal het kennis opleveren over het effect van wortelvolume in de opkweek op groei en fotosynthese-eigenschappen. Deze kennis is ook nuttig m.b.t. andere gewassen. Iets kortere afkweek Om in de toekomst lisianthus energiezuiniger te telen, is er op verschillende vlakken kennisontwikkeling nodig. In de opkweekfase is het effect van plantdichtheden en wortelruimte op de mogelijkheden voor verlengde opkweek onderzocht. Vanuit de gedachte dat de afkweekfase veel energie-intensiever is. In de afkweek is verder onderzocht wat de licht-respons van de fotosynthese is voor een heel gewas (assimilatenproductie) en wat de assimilatenvraag is in verschillende fases de afkweek. In de opkweek, uitgevoerd bij Florensis, resulteerde meer ruimte tot veel grotere en robuustere plantjes op moment van afleveren bij de bloemenkweker. Verbazingwekkend genoeg waren de grote verschillen bij uitplanten nagenoeg verdwenen op het moment dat de bloemtakken veilingrijp waren. Een week verlengde opkweek resulteerde in een hooguit enige dagen kortere afkweek. Lichtbenutting hoog In de afkweek blijkt er een groot verschil te zijn tussen de licht-respons van de fotosynthese van individuele bladeren bovenin het gewas en de licht-respons van het gehele gewas. De afname van het rendement waarmee het gehele gewas licht benut bij een toenemende lichtintensiteit verloopt langzaam. Het lichtrendement bereikt z’n hoogste punt pas bij 400 μmol/m2/s PAR gegeven de huidige teeltomstandigheden met hoge temperatuur en plantdichtheid. Toch wordt het rendement ook bij lisianthus uiteindelijk minder. Bij 500W instraling (= ~750 μmol daglicht in de kas) is het rendement van het toegevoegde assimilatielicht van 320 μmol/m2/s PAR nog slechts 53-70%. Bij hogere instraling zakt het rendement verder. Verder vindt er een enorme groeispurt plaats na de derde week in de kas: het aantal bladparen en het drooggewicht nemen vanaf dan enorm toe. Deze groeispurt houdt aan tot oogst. Concluderend kan worden gesteld dat de lichtbenutting van lisianthus hoog is. Kansen voor besparing liggen vooral bij afschakelen van belichting bij hoge daglicht-instraling. Gericht telen op jaarrond gelijke kwaliteit vraagt eerder afschakelen van belichting in seizoenen met meer instraling. Vervanging van SON-T door LED biedt uiteindelijk de hoogste elektrabesparing. Projectnummer: 20091

Van 01-07-2018 tot 31-12-2019
Afgerond

Sturen op lichtonderschepping in de eerste teeltfase snijbloemen

Snijbloemen zoals lisianthus en lelie hebben een relatief lange beginfase waarin licht niet effectief onderschept wordt. De planten zijn nog klein en de bladeren nog niet goed uitgevouwen, waardoor veel licht verloren gaat. Sturen op een betere bladspreiding geeft een effectievere lichtonderschepping de verdamping, waardoor het calcium-transport naar de cellen van de jonge bladeren toeneemt. Dit voorkomt mogelijk het optreden van brandkoppen. Met lichtkleur( o.a.de juiste golflengte blauw) kan er effectief mee op bladspreiding gestuurd kan worden. Een belangrijke onderzoeksvraag is of eerdere positieve resultaten onder lab-omstandigheden vertaalbaar zijn naar in een situatie in combinatie met daglicht en SON-T licht zoals het geval is in een kas. De hier voorgestelde proef richt zich op lisianthus als voorbeeldgewas en moet een antwoord geven op de vraag of met de juiste stuurlicht-strategie energie (elektra) bespaard kan worden, door een effectievere lichtonderschepping van het gewas. Verder wordt duidelijk wat de neveneffecten zijn: optreden van brandkoppen, lengte gewas en bloeisnelheid. Lisianthus wordt hier gebruikt als voorbeeldgewas, maar er zal in het rapport ook de vertaalslag naar andere gewassen gemaakt worden (zoals lelie). Hiervoor worden in klimaatkamers praktijkomstandigheden voor een lisianthusteelt in de winter gesimuleerd. De eerste weken wordt bijbelicht met blauw stuurlicht in 4 varianten: 1. Controle (geen blauw); 2. Blauw overdag (PAR-som gelijk aan controle); 3. Blauw alleen nacht (PAR-som gelijk aan controle); 4. Blauw dag en nacht (PAR-som gelijk aan controle). Gewasmetingen: Bladspreiding en gewasstand, lengte, groei, teeltduur en optreden van brandkoppen. De gewascoöperatie Lisianthus investeert ondertsteunt dit project met een bijdrage van € 7.200,-. Met blauw licht is de taklengte te sturen bij lisianthus. Dat blijkt uit onderzoek in klimaatkamers van Plant Lighting. Als LED belichting wordt aangeschaft valt aan te bevelen blauw licht apart aan te kunnen sturen. Lisianthus en andere gewassen benutten licht vaak inefficiënt in het begin van de teelt. Sturen op een betere bladspreiding verhoogt de lichtonderschepping van het jonge gewas. Verder kan meer lengtegroei wenselijk zijn bij lisianthus en is preventie van brandkoppen van belang. In dit onderzoek zijn de effecten van blauw stuurlicht op bovengenoemde factoren onderzocht. Onder geconditioneerde is een wintersituatie in de kas gesimuleerd (daglichtsimulatie + SON-T bijbelichting) en zijn twee rassen lisianthus geteeld, waarvan één gevoelig voor brandkoppen. Er waren vier behandelingen waarbij de lichtsom overal gelijk was: (1) controle, (2) + blauw LED-licht dag, (3) + blauw LED-licht nacht, en (4) + blauw LED-licht dag en nacht. Meer taklengte Een effect op brandkoppen is niet gevonden. Vooral blauw in de nacht leidde tot een iets hogere bedekkingsgraad door het gewas. De bladeren bleken zich beter uit te spreiden, maar het effect was niet heel groot. De takken waren uiteindelijk niet zwaarder en zelfs minder zwaar per eenheid lengte. Blauw in de nacht gaf wel meer taklengte. Dit kan gunstig zijn voor lisianthus. Blauw LED-licht tijdens de dag had juist een remmend effect op de lengtegroei. Omdat lange bloemstelen onder de knoppen onwenselijk zijn, zou gedacht kunnen worden aan blauw belichting in de nacht in het begin van de teelt (stimuleren lengtegroei) en later in de teelt juist overdag (compactere bloemstelen onder de knop). Op tijd stoppen met blauw belichten in de nacht voorkomt mogelijk ook de remmende werking op zijtak-uitloop. Sowieso werd het verschil in lengte vooral in de eerste vier weken van de teelt gemaakt. Blauw licht apart aansturen Voor praktische toepassing is het de vraag of een investering in blauwe LED-belichting te verantwoorden is. Alleen als lengte een groot probleem is kan dit overwogen worden. Als toch al geïnvesteerd wordt in LED, valt aan te bevelen de blauwe LED’s apart stuurbaar te maken, zodat op lengte gestuurd kan worden. Projectnummer: 20073

Van 01-05-2018 tot 31-10-2018
Afgerond

HNT lisianthus: demonstratieproeven

In proeven bij het Improvement Centre op 1000 m2 is aangetoond dat het telen van lisianthus op substraat (kokos in gronddoekgoten op eb/vloed) goede producties geeft. Substraat biedt mogelijkheden om de emissies van nutriënten, gewasbeschermingsmiddelen en CO 2 in zeer hoge mate te reduceren. De arbeidsintensieve teeltwisselingen die horen bij gronddoekgoten maakt dit systeem echter onacceptabel voor de praktijk. Ook is de teelt op kleikorrels onderzocht, maar daar vielen de producties tegen. Om de substraatteelt voor de lisianthus telers acceptabel te maken, moet worden gezocht naar een combinatie van een teeltsysteem en een wortelmedium, die praktisch goed hanteerbaar is. Als de teeltresultaten worden vergeleken met de hoeveelheid licht, dan blijkt dat in perioden met veel zonlicht nauwelijks meer assimilaten worden aangemaakt. Desondanks blijft de praktijk in deze perioden nog steeds volop doorbelichten, omdat dit tot snellere bloei leidt. Voor dit onderzoek zal de kas bij het Improvement Centre zodanig worden aangepast dat er 6 verschillende combinaties van substraat en teeltsysteem kunnen worden getest. Hierbij zal een teelt van kokos in gronddoekgoten als referentie dienen. De overige 5 vakken zullen worden ingericht met teeltsystemen die door de praktijk als werkbaar worden geacht. In 2016 worden vier teelten uitgevoerd. Wekelijks zal de groei van de verschillende belichtingsvakken en substraten worden gemeten, en vier maal zullen lichtmetingen en fotosynthesemetingen worden gedaan. Het is de afgelopen twee jaar aangetoond dat er ca. 20 m3 per m2 per jaar bespaard kan worden op stomen. Met dit onderzoek is het doel om 30% te besparen op elektriciteit, ofwel ongeveer 150 kWh/m2/jaar met gelijke productie. Dit is een gecombineerde proef met het Programma Glastuinbouw Waterproof. Daarin wordt geïnvesteerd door EZ (€ 83.000), telers (in cash € 75.000) en toeleveranciers/telers (in kind € 48.00). Projectnummer: E16006

Van 01-01-2016 tot 31-12-2016
Afgerond

Vervolg HNT Lisianthus

Het doel is het uitwerken en toepassen van een teeltstrategie voor lisianthus waarbij minimaal 35% energie en 90% gewasbeschermingsmiddel bespaard wordt. Er is minder dan 2% uitval en de kwaliteit en productie zijn vergelijkbaar of beter dan in de praktijk. Er is ook een maximale duurzaamheidprestatie op gebied van afval, materiaalgebruik en verbruik en economische rentabiliteit. Op basis van de laatste kennis is samen met kwekers een teeltstrategie opgesteld en wordt nu gedemonstreerd op 1000 m2 bij GreenQ / Improvement Centre. De onderdelen van de teelstrategie zijn o.a.: Teelt op substraat met eb & vloed (ipv teelt in de grond) Diffuus glas Drie schermen (energiedoek, isolerend lichtafschermdoek en zonweringdoek) Belichting SON-T in drie trappen schakelbaar (70, 140 en 210 umol) waarbij lichtintegratie toegepast wordt, belichting afhankelijk van de teeltfase. Ventilation Jet Hoge druk verneveling. Gezien de resultaten uit de eerste twee teelten van 2014 bij het GreenQ Improvement Centre lijken deze doelen haalbaar. De vrees voor ziekten (Botrytis, Fusarium)en fysiogene afwijkingen (brandkoppen) weerhoudt vooralsnog een implementatie in de praktijk. Voordat een eerste proef op een praktijkbedrijf kan worden uitgevoerd zal in 2015 nog meer ervaring met het teeltsysteem moeten worden opgedaan. De teelt wordt in drie teeltfasen gesplitst waarbij voor elke fase een optimaal klimaatrecept wordt getest. Zo zal het energiegebruik meer worden toegespitst op de behoeften van het gewas. Andere aandachtpunten in de proef: Meer ervaring opdoen met schermen icm met Ventilation Jets, op basis van de uitstraling (Pyrgeometer). Beter monitoren van de invloed van het teeltsysteem op de vochthuishouding. Achterhalen oorzaak brandkoppen tijdens de eerste teelt (maart/mei). Ontwikkelen en testen andere wortelmedia om de teeltwisselingen versneld uit te kunnen voeren. Beter benaderen praktijksituatie door cyclisch telen (meerdere gewasfasen in dezelfde afdeling). Door te experimenteren met minder energie voor het stomen en door het regelmatig controleren op ziekten in het gietwater, zal worden gekeken in hoeverre ontsmetting van het gietwater verder kan worden gereduceerd. Projectnummer: 15123

Van 01-01-2015 tot 31-12-2015
Afgerond

Meer rendement uit belichting en CO2

D.m.v. gedetailleerde metingen van de fotosynthese in de praktijk en proefkassen wordt in dit project gedetailleerde kennis verkregen over de effecten van lichtintensiteit en CO2 dosering op de fotosynthese. Dit als maat voor productiesnelheid, van een reeks verschillende gewassen, tijdens verschillenden seizoenen, en over verschillende tijdstippen op de dag. Met deze kennis wordt een voor de kwekers bruikbaar protocol gemaakt. Dit protocol is een handvat dat kan leiden tot een rendabelere inzet van belichting en CO2 dosering. Per gewassoort is een protocol gemaakt met daarin de grenswaarden voor licht en CO2-dosering in relatie tot het klimaat. Deze grenswaarden kunnen de kwekers gebruiken om hun belichting, instelling voor schermen, en CO2-dosering beter af te stemmen op de gewasvraag. Hiermee kunnen kwekers hun belichting en CO2 zo optimaal mogelijk inzetten, zonder noodzaak tot grote investeringen. Projectnummer: 14922

Van 01-07-2012 tot 01-06-2013
Afgerond

Het Nieuwe Telen Lisianthus (substraat en belichting)

In dit project wordt een systeem om lisianthus los van de grond te telen onderzocht. Er is voorzien in drie teeltronden in een proefkas waarin naar de invloed van cultivar, substraat, voedingsoplossing en belichtingsniveau wordt gekeken. Bij de lisianthusteelt wordt vijf keer per jaar gestoomd om problemen met Fusarium en Myrothecium te voorkomen. Door stomen uit te bannen kan bij lisianthus 20 tot 24 m3 gas/m2/jaar energie bespaard worden. Met onder andere een deel financiering van Kas als Energiebron is onderzoek gedaan naar de teelt op substraat. In dit onderzoek zijn lisianthusplanten gekweekt zonder problemen met grondgebonden ziekten en zonder chemische behandeling in een cassettesysteem van gevouwen geperforeerde aluminium met daarin en anti-worteldoek. Irrigatie was door eb en vloed of druppelirrigatie. Grof en fijn kokos substraat werden voor elke teeltcyclus ververst. Fijn substraat zonder perliet gaf een hoger gemiddeld steelgewicht en aantal bloemen per tak dan substraat met 15% perliet. Eb en vloed irrigatie gaf een hoger gemiddeld steelgewicht en aantal bloemen per tak dan druppelirrigatie. In de zomer en winter kwamen problemen met brandkoppen bij eb en vloed irrigatie het meeste voor. Verwelking bij de oogst was een probleem dat zich alleen voordeed in behandelingen met druppelbevloeiing, met name bij fijn substraat. EC-strategie had geen invloed op de productie en de kwaliteit van de bloemen. De kweek op voedingsoplossing in een drijvend systeem resulteerde in het laagste gemiddelde steelgewicht en minder bloemen per tak. In een aantal bakken van het drijvende systeem verwelkte en stierven planten in verschillende stadia van ontwikkeling als gevolg van Fusarium besmetting. Projectnummer: 14491

Van 01-11-2011 tot 10-07-2013
Afgerond

Het Nieuwe Telen lisianthus

Doelstelling van dit project is om een teeltwijze op te stellen met een besparing op het energieverbruik voor verwarmen en stomen met 50%. De aanpak bestaat uit arenasessies met telers en andere experts, fotosynthese metingen in de praktijk, literatuurstudie en berekeningen met Kaspro. Voor dit project is in drie arenasessies een systeemontwerp voor lisianthus uitgewerkt dat tot besparing van energie kan leiden. Bespaard kan worden op ontsmettingskosten (20 m3 voor stomen) door te telen op substraat, op verwarming (17.8 m3/m2 a.e. in plaats van nu 42) door het intensiever schermen, het gebruik van meerdere energieschermen en het beperken van de minimum buis. Hiervoor is dan wel ontvochtiging nodig, bijvoorbeeld door het inblazen van droge buitenlucht. Intensievere temperatuurintegratie en een lagere teelttemperatuur worden door de telers minder haalbaar geacht vanwege een vertraging van de teelt. Fotosynthesemetingen geven aan dat er variatie is in bladfotosynthese. Belichtingskosten kunnen pas worden beperkt als bekend is wanneer belichting het meest effectief is voor de aanmaak van assimilaten. Projectnummer: 14235

Van 17-11-2010 tot 31-03-2011
Afgerond
  • 1