Zoeken

Resultaat 1 tot 10 van 10.

Een lager piekverbruik en een hogere lichtbenutting in potplanten. Pilotgewas Zamioculcas

In de winter van 2017-2018 is het project gestart waarin Het Nieuwe Telen concept is toegepast op een onbelichte teelt van de tropische potplant Zamioculcas. Hoewel dit heeft geleid tot een energiebesparing van 45% ten opzichte van de Traditionele teelt (respectievelijk verbruik van 23,4 m3/m2 en 12,9 m3/m2 in 9 maanden), heeft de temperatuurverlaging in de winter soms wel geleid tot een latere opkomst. Deze achterstand werd echter in de zomer ruimschoots ingehaald. De teelt van Zamioculcas kan efficiënter door de teeltduur te verkorten. De efficiëntiestappen zijn te maken in de winter door de warmte beter om te zetten in groei en in de zomer door de assimilaten-aanmaak te optimaliseren. De potgrondtemperatuur is in de Zamioculca teelt bepalend voor de ontwikkelingssnelheid, omdat het groeipunt van de Zamioculca zich ondergronds bevind. De Zamioculca in Het Nieuwe telen liep groeivertraging op in de winter doordat de potgrondtemperatuur in HNT lager lag dan in de traditionele teelt. De teeltduur kan worden verkort door de potgrondtemperatuur in HNT gelijk te stellen aan die van de traditionele teelt door middel van lokale verwarming. De stooktemperatuur van de onderbuis kan hiermee tegelijkertijd worden verlaagd waardoor er minder warmte verloren gaat naar de kasbodem wat het (piek)verbruik zal verlagen. Door het gebruik van een groot verwarmend oppervlak en daarnaast de stooklijn van de onderbuis te verlagen kan naar schatting 50% aan warmte worden bespaard t.o.v. HNT-teelt van afgelopen proef. Daarnaast zal het piekverbruik worden verlaagd door het schermstrategie voor isolatie gelijk vanaf het begin te implementeren. De proef zal plaatsvinden op ca. 150 m2 bij Delphy. De afdeling is reeds ingericht met verschillende elementen die belangrijk zijn voor het optimaliseren van de teelt en het terugbrengen van het piekverbruik (dubbel energiescherm met spouw, harmony-scherm, verticale ventilatoren en verneveling). Om de warmte dichter bij het groeipunt te brengen wordt de afdeling uitgerust met een elektrische matverwarming. Ook zal CO2 dosering worden toegepast, naast metingen over o.a. licht, gewas- en pottemperatuur, watergehalte, EC en voedingsopname, gewas en energieverbruik. Door het inzetten van verneveling kan er meer licht in de afdeling worden toegelaten. De grenzen van het gewas zijn echter onbekend en liggen dus verder dan vooraf gedacht werd. Wanneer er meer licht kan worden toegelaten betekent ook dat er andere factoren dan licht een beperking kunnen zijn voor de groei. In de afdeling zal een Crop Observer worden ingezet in de periode van maart t/m september om te achterhalen welke momenten het gewas lichtstress ervaart en welke klimaatfactoren hier invloed op hebben. Ook zal op twee momenten in de teelt CO2 en lichtresponsecurves bepaald worden om meer te weten te komen over de (netto) fotosynthese. Doelstelling is om 50% energie te besparen door de warmte dichter bij het groeipunt aan te brengen door middel van lokale verwarming met een groot VO; door het (piek) verbruik te verlagen in de wintermaanden en het gebruik van 3 schermen. Telers en toeleveranciers dragen € 28.000,- bij aan dit project. Het gebruik van elektrische matverwarming biedt de mogelijkheid voor de potplantenteelt om in de toekomst zelfs fossielvrij te kunnen telen. Daarnaast kan er een aanzienlijke verkorting van de teelt gerealiseerd worden door toepassing van HNT. Dat is de voornaamste conclusie uit de proef genaamd ‘Een lager piekverbruik en een hogere lichtbenutting in potplanten’. Toepassing van Het Nieuwe Telen op zamioculcas, een (sub)tropische potplant, leidde in de proef ‘Een lager energieverbruik in potplanten’ (2017-’18) tot verkorting van de teeltduur en tot een vollere plant. De lagere temperatuur setpoints in de winterperiode zorgde echter voor een latere opkomst van veren ten opzichte van de traditionele teelt. In potentie zou de teelt dus nog sneller kunnen. In de zomer ontstond chlorose van het blad wat de sierwaarde van het product verlaagde, waardoor de vraag rees hoe er op een veilige manier toch meer licht kan worden toegelaten. Projectnummer: 20102

Van 01-12-2018 tot 31-03-2020
Afgerond

Lager energieverbruik potplanten

Het energieverbruik voor warmte in de potplantenteelt bedraagt tussen 30 en 35 m 3 /m 2 op jaarbasis. Er zijn meerdere mogelijkheden om dit aanzienlijk te verlagen, maar onzekerheid t.a.v. de gevolgen voor het product en de teeltplanning maakt dat telers in de praktijk terughoudend zijn met het toepassen van energiebesparing. Een groep Zamioculcas telers heeft het initiatief genomen voor een demo bij Delphy Improvement Centre. Het projectvoorstel betreft een zo energiezuinig mogelijke teelt op kleine schaal die vergeleken wordt met een referentie die zoveel mogelijk de teeltstrategie uit de praktijk volgt. In de uitwerking van de teeltstrategie wordt onderscheid gemaakt tussen de lichtarme winter periode van oktober tot maart en de rest van het jaar. De volgende maatregelen worden toegepast: meer schermen, meer schermuren, telen met de natuur (het licht) mee, perioden met hoger RV en inzet van verticale luchtbeweging voor verbetering van het micro klimaat. In de lichtrijke periode van het jaar zal met een diffunderend scherm en verneveling het beschikbare licht beter benut gaan worden. De hoofdteelt is Zamioculcas en alle teeltstadia worden meegenomen. Om de uitwerking op andere soorten mee te nemen zal ook gekeken worden naar één teeltstadium van Dipladenia. Zowel het kasklimaat als de groei en het teeltresultaat worden intensief gemonitord: verticaal temperatuurprofiel, PAR, pottemperatuur, vers- en drooggewicht, bladoppervlakte, plantvorm en bloei (bij Dipladenia). De verwachting is dat het energieverbruik met 30% kan afnemen tot ca. 20 m 3 /m 2 . De teeltmaatregelen die voorzien zijn passen in het kader van HNT. De proef wordt intensief begeleid door de deelnemende telers en zij dragen ook € 36.000,- bij aan het project. Tropische potplanten in een onbelichte teelt maken weinig ontwikkeling door in de winter waardoor de energie input in die periode inefficiënt wordt benut. Daarnaast zijn de toegelaten lichtniveaus laag waardoor er makkelijk een snellere gewasgroei met besparing van energie kan worden gerealiseerd door meer licht toe te laten. Een steilere licht:temperatuur verhouding met een hogere luchtvochtigheid in Het Nieuwe Telen in vergelijking tot de traditionele teelt, zorgt voor een Zamioculcas gewas dat vier weken eerder vermarktbaar is, waarbij tegelijkertijd 48% energie kan worden bespaard De Zamioculcas in HNT startte trager met de uitloop van veren, maar deze achterstand werd ruimschoots ingehaald richting de zomer met meer en langere veren dan in de Traditionele teelt wat uiteindelijk heeft gezorgd voor een vollere plant. Dipladenia bloeide in HNT uitbundiger dan in de traditionele teelt. De plantontwikkeling en de gecreëerde klimaatcondities in HNT lijken elkaar te versterken en daarmee ook de groei van de plant te versnellen. De snellere groei in HNT ging gepaard met een kleur groen dat lichter is dan in de praktijk. Scherm-, en nevelstrategie afstemmen op het verlagen van de VPD <2 kPa lijkt een goede basis te zijn om op een relatief veilige manier meer licht toe te laten. Om grenzen van de lichtverhoging te onderzoeken zijn er chlorofyl fluorescentie metingen uitgevoerd waaruit naar voren kwam dat volwassen Zamioculcas tot wel 26 mol/m 2 /dag en >1000 µmol/cm 2 /s momentane instraling kunnen verwerken zonder vertoon van lichtschade aan fotosysteem II. Het jonge gewas ervaart lichtstress >±500 µmol/cm 2 /s, maar onduidelijk blijft wanneer er bladschade optreed. De Zamioculcas kan meer licht verdragen dan gedacht, dit heeft mede bijgedragen aan de teeltversnelling, de volheid van het gewas en aan energiebesparing. In vervolgonderzoek zou er onderzocht moeten worden hoe het hogere lichtniveau veilig kan worden toegepast, zodat kwaliteit in gewaskleur wordt behouden. Bekijk hier het vervolgproject. Projectnummer: 20063

Van 01-11-2017 tot 31-12-2018
Afgerond

HNT Paprika 2.0

Vanuit de succesvolle demonstratie van HNT paprika 2016 zijn enkele belangrijke vragen overgebleven en nieuwe uitdagingen ontstaan. Zo is het warmteverbruik vooral verlaagd door minder minimum buis, geen warmte vernietiging voor CO 2 aanmaak (externe CO 2 voorziening) en meer benutten van zonnewarmte. Het verbruik in de koudste maanden is echter nog relatief hoog. Daar ligt dus nog een uitdaging qua besparing en om een vlakker en daarmee economisch rendabeler verbruiksprofiel te creëren. Een belangrijke nevendoelstelling in 2016 was de vruchtkwaliteit en plantgezondheid. Met name het vermijden van binnenrot in de vruchten of gewasuitval door fusarium is voor de praktijk essentieel. Dat is tot nu toe goed gegaan in de proef, maar een keiharde sluitende verklaring en daarmee voor de praktijk direct na te volgen recept is er niet. Wel is het aannemelijk dat het beperken van uitstraling, de hogere etmaaltemperaturen en het telen in balans (licht/temperatuur relatie) een positieve bijdrage geleverd hebben. Door het nagenoeg wegvallen van warmteverbruik in de zomermaanden is de teelt volledig aangewezen op externe CO 2 voorziening. Dat brengt een nieuwe afweging mee t.a.v. de inzet van CO 2 . Daarom is er behoefte aan een optimale CO2 doseringsstrategie. Dit heeft geleid tot een voorstel voor een demonstratie van HNT paprika bij Delphy IC met: Twee beweegbare scherminstallaties bestaande uit een hoog isolerend scherm en een hoog transparant scherm Een CO 2 doseerstrategie afhankelijk van licht en raamstand Inzet van luchtbeweging i.p.v. minimum buis met hetzij horizontale ventilatoren hetzij nivolatoren Extra metingen voor CO 2 controle Inzet van een thermoview camera om het effect van uitstraling te volgen en gewas condensatie te voorkomen De energiedoelstelling is een verbruik van 15 m 3 /m 2 aan warmte en 22.5 kg CO 2 /m 2 per jaar. Dit is heel veel lager dan gebruikelijk in de praktijk, maar toch met beperkte investeringen. Om de vertaalbaarheid naar de praktijk zo goed mogelijk te maken is naast een intensieve, wekelijkse begeleiding door telers voorzien in een monitoring op een naastgelegen praktijkbedrijf. Met hetzelfde ras en plantdatum worden de verschillen geminimaliseerd. Door een intensieve vergelijking van klimaat, gewas en productie wordt gezocht naar verschillen en overeenkomsten tussen de praktijk en de proef. Dit moet de telers vertrouwen geven om elementen uit HNT paprika 2.0 over te nemen in de praktijk. De plantdatum was op 1 december. Gedurende de teelt is een aantal struikelblokken geweest waar goed lering uit is getrokken. De beoogde productieprognose is niet gerealiseerd. De productie in de kas gemeten kwam uit op 31.1 kg/m2 en het gemiddeld vruchtgewicht was 195 gram. De lagere productie wordt toegeschreven aan een aantal factoren: extra lichtverlies door het spouwscherm; een periode in maart waarin boriumgebrek is ontstaan (water en opname van voedingselementen tijdens de proef was niet optimaal); beperkte dosering van CO2 en het toepassen van vruchtdunning. Gedurende de zomerperiode zijn kwalitatieve problemen aan de vruchten geconstateerd: watervlekken (verbranding van de schouders) en stekplekken. Dit is met name toe te schrijven aan de hoge temperaturen in combinatie met een hoge instraling die in juni was gerealiseerd. Het ras Allrounder bleek hier gevoeliger voor te zijn dan in de teelt in 2016 is gerealiseerd met Maranello. Positief was dat er gedurende de teelt geen enkele vrucht met binnenrot is geconstateerd na een week bewaring. Projectnummer: 20047

Van 01-10-2016 tot 01-03-2018
Afgerond

Paprika energiezuinig met een goede kwaliteit

Paprika is de een na grootste teelt qua oppervlakte en bij uitstek geschikt om de uitgangspunten van Het Nieuwe Telen op toe te passen. Twijfels over gevolgen voor gewasgezondheid en vruchtkwaliteit zijn de belangrijkste belemmeringen in de praktijk om zo energiezuinig mogelijk te telen. Daarom is demonstratie van een energiezuinige teeltwijze met een uitrusting die zo dicht mogelijk aansluit op de praktijk de manier om te laten zien wat mogelijk is. Een afdeling van het GreenQ/IC is uitgerust met dubbel beweegbaar energiedoek. In een jaarrond teelt worden de principes van HNT toegepast. Dit betekent telen met selectief en weinig inzet van minimum buis, bij gesloten scherm met luchtbeweging (via nivolatoren) om een minimale gewasverdamping te garanderen, maximaal isoleren (> 3.000 uren) met 2 schermdoeken. Vochtafvoer vooral door ventilatie boven gesloten doeken en zo min mogelijk via schermkieren. Verlaging van gewasverdamping en optimalisatie van de assimilatenbalans wordt onderzocht door gewassturing met bladplukken. Dit project wordt volledig door EZ betaald uit de zogenoemde Proof of Principle gelden voor het programma Kas als Energiebron. De productie kwam op een normale tijd op gang. De plantbelasting is de hele teelt relatief hoog gebleven. Dit heeft tot gevolg gehad dat de vruchten in de tweede helft van de teelt relatief klein bleven. De productie gemeten in de kas kwam op 35.8 kg.m⁻² met een gemiddeld vruchtgewicht van 189 gram. Het gasgebruik kwam uit op 16.9 m³.m⁻². De etmaaltemperatuur is gemiddeld op 20⁰C + 2 ⁰C/1000 J.cm⁻².dag⁻¹ gehouden, bij een gewas dat belast is met vruchten. Er zijn twee schermdoeken gebruikt. Een Luxous 1147 FR scherm is 4614 uur en een Luxous 1547 D FR scherm is 4186 uur 100% gesloten geweest op een totale teeltduur van 8375 uur. Uit de metingen met een netto stralingsmeter bleek dat er door het intensieve schermdoek gebruik vrijwel geen momenten zijn geweest met een hoge netto straling van het gewas naar de kas. Onder de doeken is voor luchtbeweging gebruik gemaakt van nivolatoren, die een lichte luchtbeweging in het bovenste deel van het gewas realiseren. Er is vrijwel geen binnenrot gevonden in vruchten die een week bewaard waren. De resultaten van dit experiment sluiten goed aan bij de gedachten van Het Nieuwe Telen over plantbalans en het effect van uitstraling op het gewas. Projectnummer: 20020

Van 01-10-2015 tot 31-12-2016
Afgerond

Telers aan zet voor valorisatie en cross-overs HNT

Dit voorstel betreft een voorzetting van het eerdere project “Telers aan zet voor valorisatie HNT”. Dat project richtte zich op valorisatie van HNT in gerbera en aubergine. Dit vervolgproject zet de monitoring nog een jaar voort op twee gerberateelt bedrijven. Het ene bedrijf is uitgerust met Ventilation Jets, het andere bedrijf met LBK’s en slurven bovendoor. T.a.v. onderzoek aan klimaat, luchtbeweging en gelijkheid wordt samengewerkt met onderzoekers van WUR en TNO. Het aandeel van die onderzoeken komt vanuit het monitoring project van WUR en het onderzoek aan homogeen kasklimaat door TNO. De dagelijkse teelt- en klimaatanalyse wordt via dit project uitgevoerd door Floriconsult. De onderzoeksvragen zijn: Op welke wijze kan de temperatuurgelijkheid verbeterd worden en welke minimale VD is mogelijk en toch veilig genoeg voor een goede productkwaliteit? Hoe verhoudt het schermgebruik zich in de verschillende systemen, zeker gezien het feit dat het ventilation jet systeem (vrijwel) volledig gesloten schermen vereist? Welke horizontale en verticale temperatuur gelijkheid kan worden gerealiseerd en hoe verhoudt dit zich tot elkaar en tot een situatie zonder LBK’s. De huidige aanvraag betreft de voort te zetten begeleiding en analyse door FloriConsult Groep en de projectleiding door TTO. Verder is voorzien in zgn. “cross-overs” met andere teelten, specifiek met chrysanten bedrijven die HNT toe passen. De twee systemen zijn verschillend qua werking: de Ventilation Jet werkt alleen bij grotendeels gesloten schermen en de lucht wordt boven het schermdoek aangezogen en onverwarmd ingebracht. De LBK’s trekken de lucht vanuit de kopgevel en deze lucht wordt wel voorverwarmd en via de luchtslurven in de kas gebracht. De systemen lijken in werking te verschillen van elkaar, maar beide systemen maken het mogelijk om meer schermuren te maken en lucht op een gecontroleerde manier in de kas te brengen. Zuijderwijk-Witzier en Holstein Flowers besparen beiden aanzienlijk in de energiekosten. Wanneer gekeken wordt naar vergelijkbare bedrijven, bedraagt de besparing gemiddeld 25%. Wanneer specifiek naar de bedrijven wordt gekeken kan geconcludeerd worden dat Zuijderwijk een lager VD toestaat in de teelt en hierdoor in potentie meer energie kan besparen. Projectnummer: 20018

Van 01-08-2015 tot 31-07-2016
Afgerond

Vervolg HNT Lisianthus

Het doel is het uitwerken en toepassen van een teeltstrategie voor lisianthus waarbij minimaal 35% energie en 90% gewasbeschermingsmiddel bespaard wordt. Er is minder dan 2% uitval en de kwaliteit en productie zijn vergelijkbaar of beter dan in de praktijk. Er is ook een maximale duurzaamheidprestatie op gebied van afval, materiaalgebruik en verbruik en economische rentabiliteit. Op basis van de laatste kennis is samen met kwekers een teeltstrategie opgesteld en wordt nu gedemonstreerd op 1000 m2 bij GreenQ / Improvement Centre. De onderdelen van de teelstrategie zijn o.a.: Teelt op substraat met eb & vloed (ipv teelt in de grond) Diffuus glas Drie schermen (energiedoek, isolerend lichtafschermdoek en zonweringdoek) Belichting SON-T in drie trappen schakelbaar (70, 140 en 210 umol) waarbij lichtintegratie toegepast wordt, belichting afhankelijk van de teeltfase. Ventilation Jet Hoge druk verneveling. Gezien de resultaten uit de eerste twee teelten van 2014 bij het GreenQ Improvement Centre lijken deze doelen haalbaar. De vrees voor ziekten (Botrytis, Fusarium)en fysiogene afwijkingen (brandkoppen) weerhoudt vooralsnog een implementatie in de praktijk. Voordat een eerste proef op een praktijkbedrijf kan worden uitgevoerd zal in 2015 nog meer ervaring met het teeltsysteem moeten worden opgedaan. De teelt wordt in drie teeltfasen gesplitst waarbij voor elke fase een optimaal klimaatrecept wordt getest. Zo zal het energiegebruik meer worden toegespitst op de behoeften van het gewas. Andere aandachtpunten in de proef: Meer ervaring opdoen met schermen icm met Ventilation Jets, op basis van de uitstraling (Pyrgeometer). Beter monitoren van de invloed van het teeltsysteem op de vochthuishouding. Achterhalen oorzaak brandkoppen tijdens de eerste teelt (maart/mei). Ontwikkelen en testen andere wortelmedia om de teeltwisselingen versneld uit te kunnen voeren. Beter benaderen praktijksituatie door cyclisch telen (meerdere gewasfasen in dezelfde afdeling). Door te experimenteren met minder energie voor het stomen en door het regelmatig controleren op ziekten in het gietwater, zal worden gekeken in hoeverre ontsmetting van het gietwater verder kan worden gereduceerd. Projectnummer: 15123

Van 01-01-2015 tot 31-12-2015
Afgerond

Het Nieuwe Telen Chrysant, deel 2

Simulatieberekeningen uit 2010 toonden aan dat het warmtegebruik bij chrysant fors kan worden verlaagd, met name door vochtproblemen op een andere manier aan te pakken dan met een minimumtemperatuur van het ondernet. Onderzoekers, voorlichters, leveranciers en 10 chrysantentelers hebben ervoor gekozen om een proef uit te voeren met een luchtbehandelingsunit (LBU) die droge buitenlucht kan opwarmen en via een slurf boven het gewas kan uitblazen. Dit onderzoek is een vervolg op deel 1 . Deze proef is uitgevoerd op een vak van 2000 m2 bij Arcadia chrysanten in Kwintsheul. Hierbij is onder andere het kasklimaat, het warmtegebruik en de productie vergeleken met dat van het naastgelegen vak. De installatie bleek goed te functioneren. De verdeling van lucht over het proefvak werd als voldoende beoordeeld. In het eerste jaar bleek de luchtvochtigheid in het proefvak zeer goed te beheersen, maar door de lage RV bleef de energiebesparing beperkt. Daarom is in het najaar van 2013 een tweede scherminstallatie geplaatst met een transparant doek, zodat de kas ’s nachts met een dubbele scherminstallatie en ook overdag met een enkele installatie kon worden geïsoleerd. De lage RV en wellicht ook de luchtbeweging, leidde tot een kortere reactietijd. Daarom is gedurende de loop van de proef steeds minder ontvochtigd en werd iets koeler geteeld. Omdat steeds meer vertrouwen ontstond in de beheersbaarheid van de luchtvochtigheid, werd in 2014 aangedurfd om de onderverwarming gedurende de eerste 2 tot 5 weken van iedere teelt uit te schakelen. Tijdens 1 teelt heeft dit in het proefvak geleid tot meer bruin blad dan in het referentievak, maar tijdens de overige teelten bleek de hoeveelheid bruin blad in het proefvak juist iets lager te zijn. Projectnummer: 14753.02

Van 01-04-2013 tot 01-05-2015
Afgerond

Het Nieuwe Telen Chrysant

In dit project wordt op een praktijkbedrijf onderzoek gedaan aan energiebesparing in de chrysantenteelt. Geëxperimenteerd wordt met luchtbeweging boven het gewas, inbreng van droge buitenlucht, beter isolerende schermen en andere verwarmingsstrategieën bij overgangen van donker naar licht en vice versa. In de najaars- en winterteelt zijn vanaf start teelt verschillende temperatuur regimes aangehouden. In de najaarsteelt (plantweek 43) kregen de planten in de ene behandeling een temperatuur van 19/20°C D/N. In de andere behandeling werd vanaf start een temperatuur van 17/18°C D/N aangehouden. In de tweede teelt (plantweek 4) is deze temperatuur aangepast naar een stooktemperatuur 18/19°C D/N bij de controle, de behandeling was ingesteld op 15/16°C D/N. In beide teelten is een energiebesparing gerealiseerd van ruim 25%. Echter had dit een gemiddelde teeltduur vertraging van 3 dagen tot gevolg. Daarnaast zijn er met een aantal rassen kwaliteitsproblemen gesignaleerd. In de proef is het duidelijk geworden dat de koude tolerantie in het huidige assortiment goed is. Bij toepassing van de resultaten in de praktijk is het belangrijk om de luchtvochtigheid goed te volgen. Door de lagere teelttemperatuur ontstaat er een te hoge RV dat risico’s met zich mee brengt. Projectnummer: 14753.01

Van 01-09-2010 tot 01-09-2011
Afgerond

Het Nieuwe Telen Gerbera

Een energiezuinig teeltconcept is opgesteld voor de gerberateelt vanuit Het Nieuwe Telen. Doel van dit project is minimaal een gelijke productie en gelijke of betere kwaliteit te bereiken als in de huidige praktijk met de helft aan energie-input. Het concept wordt in een tweejarige teelt gedemonstreerd. In het Improvement Centre zijn twee teeltseizoenen gerbera geteeld volgens een aanpak van Het Nieuwe Telen. Er waren drie cultivars aangeplant die een praktijk conforme productie en kwaliteit leverde. De benodigde energie was bijna 50% lager dan gebruikelijk in de praktijk. De besparing is te danken aan een efficiëntere inzet van belichting, intensiever isoleren door meer uren te schermen en het weglaten van de minimum buis. Voor de vochtbeheersing werd gebruik gemaakt van verwarmde buitenlucht dosering en extra luchtbeweging door nivolatoren (verticale ventilatoren, allen het tweede jaar) of kasluchtcirculatie via de LBK (het eerst jaar). De nivolatoren bleken alleen te werken voor het bovenste gedeelte van het gewas. Het project is intensief begeleid en gevolgd door gerberatelers en teeltadviseurs. Het project is verlengd met een derde jaar. Eindresultaat jaar drie In het Improvement Centre zijn drie teeltseizoenen gerbera geteeld volgens een aanpak van Het Nieuwe Telen. Er waren drie cultivars aangeplant die een praktijk conforme productie en kwaliteit leverde. De benodigde energie was in de eerste twee teeltseizoenen bijna 50% lager dan gebruikelijk in de praktijk. In het derde seizoen is de productie geoptimaliseerd waarbij de besparing ten opzichte van de referentie nog 35% bedroeg. Door een betere inzet van assimilatie belichting kon de winterproductie omhoog waardoor het teeltconcept ook economisch interessant is. De besparing is te danken aan een efficiëntere inzet van belichting, intensiever isoleren door meer uren te schermen en het weglaten van de minimum buis. Voor de vochtbeheersing werd gebruik gemaakt van verwarmde buitenlucht dosering en extra luchtbeweging door nivolatoren (verticale ventilatoren, alleen het tweede jaar) of kasluchtcirculatie via de LBK (het eerste en derde jaar). De ervaringen van het derde jaar zijn gebruikt door een groep gerberatelers om te investeren in systemen voor Het Nieuwe Telen te beoordelen in de praktijk. Projectnummer: 13735

Van 01-06-2009 tot 30-09-2011
Afgerond

Het Nieuwe Telen in biologische teelten

Systemen voor vochtbeheersing door gecontroleerde buitenluchtaanzuiging en luchtbeweging moeten intensiever schermen mogelijk maken waarmee energie wordt bespaard. Nieuwe onderzoeksaspecten zijn de toepassing van een dubbelscherm en de wijze van buitenluchtaanzuiging: vanuit de gevel of van boven het scherm. Daarnaast wordt gekeken naar de verschillen tussen ventilatoren voor verticale luchtbeweging en luchtinbreng via horizontale slangen. Het project bevat zowel kasproeven in Bleiswijk als begeleiding van drie telers in de praktijk die een systeem voor buitenluchtaanzuiging (gecontroleerde ventilatie) willen aanleggen. Focus op biologische tomatenteelt. De pijler voor energiebesparing is gebruik van sterk isolerende schermen. Het probleem bij schermen is dat er veel minder condensatie van vocht tegen het koude kasdek plaatsvindt, waardoor de luchtvochtigheid te hoog oploopt. De twee gangbare methoden om vocht te beheersen, vochtafvoeren via een vochtkier en gebruik van minimum buis, vergen allebei veel energie. Deze proef toonde aan dat een aanzienlijke hoeveelheid energie bespaard kan worden door een dubbel energiescherm te gebruiken. Ook het niet instellen van een minimum buis en het scherm pas te openen als de zon meer kracht heeft, leverde energiebesparing op. Het extra scherm kon langer gesloten blijven dankzij goede luchtvochtigheidregeling. Projectnummer: 13488

Van 01-01-2009 tot 31-12-2009
Afgerond
  • 1