Zoeken

Resultaat 1 tot 7 van 7.

Met LED naar een perfecte chrysant

In 2017 en 2018 is onderzoek gedaan naar de teelt van de Perfecte Chrysant, waarbij ontvochtiging en koeling middels OPAC’s en aanzuiging van lucht van boven de doeken is gebruikt. Er is belicht met LED en SON-T (hybride). CO2 is beperkt gedoseerd en de warmte inzet is geminimaliseerd door een extra schermdoek te gebruiken en geen standaard ondernet (minimumbuis) te hanteren. Met de koeling wordt via ruim voldoende warmte worden geoogst om hiermee de kas jaarrond met een warmtepomp en warmte koude opslag (WKO) te kunnen verwarmen. Met hybride belichting is elektriciteit bovendien effectiever benut dan met alleen SON-T belichting. Energetisch is er een grote stap te zetten, maar tegen hoge investeringen (WKO). Daarbij is het doel een perfecte chrysant niet gerealiseerd. De sierwaarde van de geoogste chrysanten is door de begeleidende telers als minder dan de praktijk beoordeeld, al werd de kwaliteit per teelt zeker in het tweede jaar beter. De doelen van dit project zijn: Uitvoeren van een perfecte chrysantenteelt (in totaal 6 teelten) op 1000 m2 onder full LED bij een gelijkblijvende of hogere lichtbenuttingsefficientie (LBE) dan bij SON-T. Productie van uniforme kwaliteit chrysanten; de ‘perfecte chrysant’. Het objectiveren van de kwaliteit van de chrysant. Monitoren van de groei van de plant gedurende de gehele teelt. Ontwikkeling van een praktisch toepasbare methode voor het gedetailleerder volgen van de groei van de chrysant. Beheersing van de luchtvochtigheid door actieve ontvochtiging met een warmtepomp waarbij de warmte op dagbasis wordt benut om de kas te verwarmen. Het demonstreren van het effect op het kasklimaat van insectengaas met een maaswijdte voor grotere insecten in de luchtramen in combinatie met verneveling. Dit project wordt gefinancierd door Kas als Energiebron, chrysantentelers (ChrIP), stekbedrijven en Signify. Projectnummer: 20109

Van 01-02-2019 tot 14-05-2020
Afgerond

Jaarrond paprika met LED

Nederland heeft een groot areaal paprikateelt waarmee een groot deel van de Europese markt beleverd wordt. Paprika’s vanuit Nederland zijn echter nog niet jaarrond beschikbaar, wat wel voor een duurzame relatie met de retailer noodzakelijk lijkt. Ook moeten we vooruitkijken naar een paprikateelt die toekomstbestendig is, waarbij we rekening houden met 3 belangrijke pijlers: klimaatneutraal, rendabel en een goede, kwalitatief hoogwaardige productie. Om jaarrond aan de markt te kunnen zijn is belichting noodzakelijk, maar is nu nog geen gemeengoed. Door de ontwikkeling van LED belichting nemen de kansen op een succesvolle belichte winterteelt van paprika ook toe. Met LED kan het klimaat meer onafhankelijk van de belichting worden gestuurd en er kan in het spectrum gevarieerd worden om zo het gewas de juiste richting te geven. Voor een rendabele klimaatneutrale teelt met belichting moet eerst de teeltkennis voor de toepassing van belichting in paprika worden ontwikkeld. Belangrijke elementen hierin zijn plantbalans (zeker bij het eerste en tweede zetsel waarbij het licht afneemt), klimaatstrategie (focus op het terugkomen van de zetten door de juiste balans tussen licht en temperatuur), en lichtspectrum. Doel van dit project is het ontwikkelen van een teeltstrategie met LED belichting in paprika. Daarbij wordt verrood toegepast om de strekking van de plant in de winter te bevorderen. In het project is een sterke focus op het optimaliseren van de source/sink balans om een gelijkmatige productie te kunnen realiseren. Dit dan ook bepaald worden middels geavanceerde metingen en berekeningen. Ook zullen de productie, kwaliteit, zetting, plantbelasting, vruchttemperatuur, uitgroeiduur en wateropname goed worden gemonitord. Het project medegefinancierd door de gewascoöperatie paprika, Philips en Ludvig Svensson. Rendabele winterteelt Een onverwacht resultaat in de proef was het verschil in productie tussen de lichtbehandelingen en specifiek de behandeling ‘Hybride + verrood’. Deze lichtbehandeling realiseerde structureel gedurende de teelt een hogere productie met uiteindelijk gemiddeld 2.5 kg/m2 meer productie tot week 15 en 5 kg/m2 aan het einde van de teelt ten opzichte van de overige drie lichtbehandelingen. De oorzaak voor deze hogere productie is in de proef niet volledig te achterhalen geweest. Metingen aan droge stof percentage lieten geen verschillen zien. Wel lijkt de oorzaak te relateren aan het aandeel verrood in het lichtspectrum, die in de behandeling ‘Hybride met verrood’ het hoogst was. De uiteindelijke productie (rood geoogst) was aan het einde van de teelt 41.7 kg/m2; 37.5 kg/m2 ; 35.6 kg/m2 ; 36.6 kg/m2 voor respectievelijk ‘Hybride + verrood’ ; Hybride ; LED + verrood ; LED. Deze gerealiseerde productie biedt potentie richting een rendabele winterteelt. Het vruchtgewicht in de laatste weken van de teelt was te laag en vraagt nog verbetering. Projectnummer: 20095

Van 01-08-2018 tot 31-10-2019
Afgerond

De groenste komkommer

Jaarrond productie van komkommer zal de marktpositie verbeteren en bijdragen aan de lange termijn rentabiliteit. Assimilatielicht is een voorwaarde om komkommers in de winter te kunnen telen. De belichting die benodigd is moet hoger zijn dan 100 µmol om een komkommerteelt de winter door te brengen, en zal aangevuld worden met LED’s vanwege een warmteoverschot op bepaalde momenten. Bepalen van de teeltstrategie en plantbalans met een voldoende hoog lichtniveau voor winterproductie vormt de uitdaging van dit onderzoek aangezien dit ook nog geen gemeengoed is in de komkommerteelt. In dit project zal een klimaatneutraal teeltconcept worden gedemonstreerd, waarbij de kennis rondom Het Nieuwe Telen tezamen met een hoog lichtniveau en minimale warmte input en maximale warmte terugwinning gecombineerd zal worden. In een winterteelt komkommerproef bij het Improvement Centre in 2017-2018 waarbij is geteeld met 215 µmol hybride belichting is gebleken dat er nog een uitdaging ligt in de juiste plantbalans en plantbelasting in relatie tot geboden licht en klimaat. Kennis wordt nu meegenomen in deze demonstratieteelt. Voorafgaand aan de inrichting van de afdeling zal een ontwerpfase plaatsvinden om definitief invulling te geven aan de lichtconfiguratie en ontvochtigingssysteem . Vooraf aan de teelt wordt een teeltplan opgesteld. Op het Delphy Improvement Centre wordt een afdeling van 1000 m2 ingericht met een hybride belichtingssysteem, actieve ontvochtiging, energiedoeken en een lichtafschermingsdoek. De meeste uitdagingen zullen liggen in de winterperiode waar de focus zal liggen op de plantbalans en licht in relatie tot het minimaliseren van het energieverbruik. Naar de zomer toe zal de focus meer komen te liggen in het optimaal gebruik maken van licht, temperatuur en CO2. Gedurende de teelt zal de ontwikkeling van het gewas, de productie en het gemiddeld vruchtgewicht op weekbasis gemonitord worden. Om inzicht te krijgen in de lichtbenutting van assimilatiebelichting zal een CropObserver worden gebruikt. Ook wordt de hoeveelheid PAR, watergift, watergehalte en EC in de mat, planttemperatuur en netto uitstraling gemeten. Ook zal van een snuffelpaal van EMS worden opgehangen om de concentraties van m.n. NOx en ethyleen te meten n.a.v. eerdere problemen in de praktijk mogelijk gerelateerd aan de belichting. Diverse partijen dragen in cash en in kind bij aan dit project waaronder gewascooperatie komkommer, Ludvig Svensson, Philips, Cultilene. De proef was opgezet en uitgevoerd met het doel om jaarrond aan de markt te zijn met duurzame komkommers van goede kwaliteit. Op termijn zal de glastuinbouw grotendeels gasloos moeten kunnen telen. Er is belichting nodig om in de winter komkommers te kunnen telen. LED belichting (148 μmol/m2/s) was toegevoegd aan een Son-t installatie (74 μmol/m2/s) om stappen te maken in energie efficiëntie en tegelijkertijd de huidige belichtingssituatie in acht te nemen. Actieve ontvochtiging (ontvochtigingscapaciteit: 30 gram/m2/uur) werd gebruikt in dit teeltsysteem, om te beproeven of gasloos telen binnen handbereik ligt. Het productiedoel was om minimaal 3 kg/m2/week te produceren in de wintermaanden om een rendabele teelt aan te tonen. Belangrijkste conclusie is, is dat verrood onderdeel van de oplossing zal zijn om in de winter een rendabele komkommerteelt te realiseren. Het lichtspectrum zal de focus moeten krijgen in vervolgonderzoek. Optimalisatie van de warmte oogst strategie om in de toekomst gasloos te kunnen telen volgt in de onderzoeks stappen daarna. Projectnummer: 20094

Van 01-08-2018 tot 31-12-2019
Afgerond

Freesiateelt toekomst-proof

Freesia wordt nu nog vaak geteeld in relatief oude kassen. Er zit grote variatie in de productie van freesia gedurende het jaar. In de winter ligt de productiviteit laag. Er wordt dan zeer koel geteeld (8-10˚C) en belicht met SON-T (±65 μmol/m2/s). Door de lage temperatuur gaat de gewasontwikkeling traag. Een hogere temperatuur geeft slechte kwaliteit. Net als bij andere gewassen draait productiviteit en kwaliteit bij freesia om de balans tussen aanmaak van assimilaten (source) en vraag naar assimilaten (sink). Een onbalans betekent verspilling van energie. Uit een eerdere studie (Plant Dynamics, 2016-17) bleek al dat freesia in het najaar ‘source’ over heeft en in de winter ‘source’ tekort komt. Hier liggen dus kansen voor verbetering. Voordat nagedacht wordt over een omvangrijk belichtingsonderzoek, is het van belang dat eerst nagedacht wordt over hoe dat past binnen een modernere en duurzamere freesiateelt. Daarom richt dit projectvoorstel zich op het samen met telers, adviseur en toeleveranciers uitwerken en doorrekenen van een nieuw teeltconcept. Dit betekent een goede balans tussen source en sink, waardoor licht, warmte en CO2 optimaal worden benut door het gewas. Dit in een kas met optimale benutting van natuurlijk daglicht en zo min mogelijk elektraverbruik voor de noodzakelijke aanvullende belichting. Minimale warmteverliezen met eventueel gebruik van WKO of warmtepomp voor koelen en verwarmen, en bijpassende schermstrategie. De gewascoöperatie freesia is medefinancier van dit project. In deze studie van Plant Lighting, Ecocurves, Plant Dynamics en Pronk Consultancy zijn de effecten van verschillende belichtingsscenario’s voor een oude en moderne kas gesimuleerd. Bij een belichting met 200 of 300 μmol/m2/s PAR komt de gesimuleerde fotosynthese op waarden vergelijkbaar met die in de zomer. De kas moet echter op een gemiddelde etmaal temperatuur van tegen de 20°C worden gehouden. De daartoe benodigde extra warmte wordt tijdens de belichtingsuren en bij gebruik van een energiescherm vrijwel helemaal geleverd door de extra straling en de lampwarmte. De tijdens de belichtingsuren benodigde buiswarmte neemt daardoor af tot vrijwel nul, in het bijzonder als de belichting geheel of gedeeltelijk (hybride) met SON-T lampen wordt gerealiseerd. Echter, de nachtelijke warmtevraag neemt nauwelijks af, of zelfs toe bij hogere intensiteiten LED-belichting overdag (met twee gesloten schermen). Dit komt voornamelijk door het hogere temperatuursetpoint dat aangehouden wordt bij een hogere lichtsom. Warmtepomp Als in de toekomst geen aardgas meer beschikbaar is, dan kan de in het belichtingsseizoen benodigde (nachtelijke) warmte waarschijnlijk het best worden geleverd met een warmtepomp door middel van het uitbreiden van de bestaande installaties voor koeling van de bodem. Hoe het gewas reageert op een veel hogere intensiteit van SON-T en/of LED belichting moet proefondervindelijk moeten vastgesteld. Projectnummer: 20092

Van 01-07-2018 tot 30-04-2019
Afgerond

Perfecte chrysant

Energie is voor de chrysantenteelt de laatste jaren als kostenpost toegenomen. Dit door een dalende sparkspread doordat de behoefte aan een hogere winterkwaliteit meer elektriciteit voor belichting vergt. De chrysantentelers hebben daarnaast behoefte om de zomerkwaliteit beter te borgen en hun winterproductie (verder) te verhogen. In de deskstudies ‘Effectief omgaan met elektriciteit bij chrysant’ en ‘Optimale warmtebalans Chrysant’ zijn alle opties verkend om efficiënter om te gaan met energie. Er is o.a. berekend dat bij een laag energiegebruik, een gasprijs van 0.25 €/m 3 en een lage elektriciteitsprijs het voordeliger is om de warmte uit een warmtepomp met aquifer te halen dan uit een WKK, een verwarmingsketel of uit aardwarmte. In dit voorstel worden de meest belovende opties geïntegreerd in een volledig teeltconcept en getoetst op praktische haalbaarheid. Het doel is om aan te tonen dat: jaarrond een perfecte chrysant is te telen met een warmtegebruik van 15 m 3 /m 2 per jaar aan aardgasequivalenten, 25 kg aan CO2 en 121 kWh/m2. de zomerkwaliteit kan worden geborgd door de kaslucht te koelen. de winterproductie kan worden gelijkgetrokken met de zomerproductie bij een geringe elektriciteitstoename. de bij koeling geoogste warmte kan worden hergebruikt met een warmtepomp en een aquifer, zodat niet hoeft te worden geïnvesteerd in een WKK, en de kas jaarrond kan worden verwarmd zonder aardgas. Hiervoor wordt een kas van 1000 m2 bij het Improvement Centre ingericht voor chrysantenteelten. De kas wordt uitgerust met o.a. diffuus glas met AR coatings, hybride belichting (100 micromol LED en 65 micromol SON-T, beiden in twee schakelbaar), luchtbehandelingskasten die kunnen koelen en verwarmen, luchtaanzuiging van boven het scherm, extra energiedoek en schaduwdoek. In deze kasfaciliteit worden (vooralsnog voor 1 teeltjaar) chrysantenteelten zo energiezuinig mogelijk uitgevoerd. Omdat de kas is op te splitsen in twee delen, kunnen voor iedere teelt twee varianten van dit teeltplan naast elkaar worden getest. Voor ieder vak wordt een keuze gemaakt tussen: wel of geen verlengde opkweek; wel of geen bodemreflectie; irrigatie met beregening of druppelslangen; verschillende belichtingsintensiteiten met LED en/of SON-T; verschillende plantdichtheden. De geoogste chrysanten worden vergeleken met twee referentiebedrijven. Hierbij wordt gelet op teeltsnelheid, versgewicht, drogestofgehalte, bladoppervlak en houdbaarheid. Eind 2017 is besloten het project met 1 teelt te verlengen om zodoende voldoende gegevens te verzamelen om in februari 2018 een goed besluit te kunnen nemen over het beoogde tweede teeltjaar (rest van 2018). Vraagstellingen die we bij de voortzetting willen beantwoorden zijn: Kan de gerealiseerde warmtebesparing ook in de winterperiode worden voortgezet? Blijft de gewasgezondheid en de houdbaarheid op orde als in het begin van de teelt een hoge RV van 93 tot 95% wordt gerealiseerd, die naar het einde van de teelt steeds verder wordt verlaagd? Levert het gebruik van druppelslangen een betere houdbaarheid? Kan met luchtbeweging de bladgrootte worden beïnvloed? Hoe gedraagt de chrysant zich in de winterperiode onder hybride belichting? Kan met het andere lichtspectrum, waaronder een lagere hoeveelheid warmtestraling dezelfde groei en reactietijd worden bereikt als de referentiebedrijven? Bijdrage derden: ca. 10% in cash door ChrIP (chrysantentelers) en stekbedrijven; in kind bijdrage leveranciers (o.a. Philips (lampen). Uit het eindrapport De Perfecte Chrysant blijkt dat de takkwaliteit verbeterd moet worden. Wel is het warmteverbruik veel lager dan verwacht en de warmteoogst veel hoger. Hierdoor kan de teelt met een halvering van de koelcapaciteit ook zonder aardgas worden uitgevoerd. Dat blijkt uit onderzoek van Delphy en WUR Glastuinbouw bij het Improvement Centre. In 2017 zijn bij Delphy Improvement Centre vier chrysantenteelten uitgevoerd op 1000 m2. Het doel was om jaarrond het warmteverbruik onder de 15 m3/m2 aardgas te houden en dat dit ingevuld wordt door de warmteoogst (koeling) middels warmtepomp en aquifers. Ook was het streven om niet meer dan 25 kg CO2 te verbruiken, 121 kWh per m2 per jaar en 5% meer productie ten opzichte van de praktijk. De belangrijkste middelen om deze doelstelling te bereiken zijn hybride belichting (totaal 170 μmol/m2.s), diffuus glas, 3 schermen en 8 luchtbehandelingskasten met een koelvermogen van ±100 W/m2. Projectnummer: E16024

Van 01-01-2017 tot 01-04-2018
Afgerond

Vervolg HNT Lisianthus

Het doel is het uitwerken en toepassen van een teeltstrategie voor lisianthus waarbij minimaal 35% energie en 90% gewasbeschermingsmiddel bespaard wordt. Er is minder dan 2% uitval en de kwaliteit en productie zijn vergelijkbaar of beter dan in de praktijk. Er is ook een maximale duurzaamheidprestatie op gebied van afval, materiaalgebruik en verbruik en economische rentabiliteit. Op basis van de laatste kennis is samen met kwekers een teeltstrategie opgesteld en wordt nu gedemonstreerd op 1000 m2 bij GreenQ / Improvement Centre. De onderdelen van de teelstrategie zijn o.a.: Teelt op substraat met eb & vloed (ipv teelt in de grond) Diffuus glas Drie schermen (energiedoek, isolerend lichtafschermdoek en zonweringdoek) Belichting SON-T in drie trappen schakelbaar (70, 140 en 210 umol) waarbij lichtintegratie toegepast wordt, belichting afhankelijk van de teeltfase. Ventilation Jet Hoge druk verneveling. Gezien de resultaten uit de eerste twee teelten van 2014 bij het GreenQ Improvement Centre lijken deze doelen haalbaar. De vrees voor ziekten (Botrytis, Fusarium)en fysiogene afwijkingen (brandkoppen) weerhoudt vooralsnog een implementatie in de praktijk. Voordat een eerste proef op een praktijkbedrijf kan worden uitgevoerd zal in 2015 nog meer ervaring met het teeltsysteem moeten worden opgedaan. De teelt wordt in drie teeltfasen gesplitst waarbij voor elke fase een optimaal klimaatrecept wordt getest. Zo zal het energiegebruik meer worden toegespitst op de behoeften van het gewas. Andere aandachtpunten in de proef: Meer ervaring opdoen met schermen icm met Ventilation Jets, op basis van de uitstraling (Pyrgeometer). Beter monitoren van de invloed van het teeltsysteem op de vochthuishouding. Achterhalen oorzaak brandkoppen tijdens de eerste teelt (maart/mei). Ontwikkelen en testen andere wortelmedia om de teeltwisselingen versneld uit te kunnen voeren. Beter benaderen praktijksituatie door cyclisch telen (meerdere gewasfasen in dezelfde afdeling). Door te experimenteren met minder energie voor het stomen en door het regelmatig controleren op ziekten in het gietwater, zal worden gekeken in hoeverre ontsmetting van het gietwater verder kan worden gereduceerd. Projectnummer: 15123

Van 01-01-2015 tot 31-12-2015
Afgerond

Perfecte roos

Door rozentelers is een visie geformuleerd dat zij naar de toekomst toe op een duurzame wijze willen produceren. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: De rozen zijn van topkwaliteit voor het topsegment in de markt. De ambitie is dat ten opzichte van een huidig rozenbedrijf een 30 % efficiëntere inzet van grondstoffen wordt gerealiseerd. De inzet van gewasbeschermingsmiddelen moet 25 % lager zijn dan de huidige praktijk. De beschikbaarheid van grondstoffen- energie, water, nutriënten, CO2 is geborgd. Rozentuinders willen met dit onderzoek een teeltconcept ontwikkelen en testen waarbij een perfecte roos geteeld wordt, maar wel energiezuiniger geproduceerd. Het is voor bedrijven niet mogelijk om dit zonder goede onderbouwing op het eigen bedrijf te realiseren. Er zal eerst op semipraktijk schaal aangetoond moeten worden dat dit kan. Dit kan door bij het Improvement Centre een afdeling van 1000 m2 in te richten waarin volgens de modernste inzichten – met toepassing van technieken uit Het Nieuwe Telen - wordt gewerkt. Hiervoor wordt in nauw overleg met tuinders een teeltplan gemaakt en intensief uitgevoerd en gevolgd. Daarbij worden o.a. de volgende innovaties toegepast: Led tussenbelichting in combinatie met SON-T bovenbelichting luchtbehandelingskasten voor koeling, verwarming en luchtbeweging geforceerde buitenlucht ventilatie diffuus glas met AR coating nauwkeurige CO2 dosering Scherm installatie met de 99 %lichthinderdoek, harmony 25 op zelfde draden bed en XLS 10 op onderste draden bed. In een kas van 1000 m2 bij GreenQ Improvement Centre voorzien van diffuus glas, koeling middels OPAC’s, LED tussenbelichting, actieve ventilatie onder het gewas en drie schermen is in een onderzoek van twee jaar gewerkt aan het telen van goede rozen op een energiezuinig wijze. Uit het onderzoek konden onder andere de volgende conclusies getrokken worden: Na twee jaar onderzoek met Red Naomi werden rozen geproduceerd die aan de gestelde kwaliteitscriteria voldeden. De productie doelstelling in een vol productief jaar was 275 stuks/m2 en 15 kg per m2. Dit is in het tweede jaar gerealiseerd. Dit is een voor praktijkomstandigheden hoge maar haalbare doelstelling. De besparing op elektriciteit voor belichting is 6% in het tweede jaar ten opzichte van de referentie. Dit is minder dan de doelstelling. De besparing op CO2 is met een dosering van 67.9 kg/m2 ruim 50% en voldoet daarmee aan de doelstelling. De warmte-input is verlaagd tot 911 MJ/m2 in het tweede jaar, en daar kan volledig in worden voorzien door het gebruik van de warmte die bij koeling uit zonlicht is geoogst. Voor beheersing van meeldauw en botrytis is het nodig de luchtvochtigheid beneden de 85% te houden. Dit is bij een energiezuinig teeltwijze moeilijk te bereiken. In het project is geconstateerd dat de gewasbescherming met de gehanteerde teelttechniek niet is verbeterd. Het knippen en inbuigen is essentieel voor de gehele struikopbouw en daarmee voor het bereiken van een goede productie van hoge kwaliteit. De geforceerde ventilatie (AVS) met lucht onder het teeltsysteem werkt om het onderin het gewas droog te houden als het absolute vocht buiten lager is dan het absolute vocht onder in de kas. In het gewas neemt de lucht snel vocht op, zodat het op de hoogte van de knoppen weer vochtig is. De tussenbelichting met LED leverde geen verbetering van de lichtbenuttingsefficiëntie in g/mol licht. De OPAC kan worden gebruikt voor verwarming, koeling of ontvochtiging. Voor elk van de drie functies is een andere sturing van ventilator, aanvoertemperatuur water en pompcapaciteit voor de waterflow nodig. Projectnummer: 14791

Van 01-10-2013 tot 01-01-2015
Afgerond
  • 1