Zoeken

Resultaat 1 tot 2 van 2.

Denkkader Licht

De opkomst van LED techniek, waarbij slechts enkele golflengten additioneel toegevoegd wordt ter bevordering van de fotosynthese, roepen vragen op over voorwaarden van de (samenstelling en samenhang van ) golflengtes of wel over het optimale en minimaal vereiste lichtspectrum voor een goede groei van gewassen. Dat de kennis over kunstlicht beperkend is, is met name gebleken bij roos. Maar ook ten aanzien van stuurlicht blijken hypothese in proeven niet bevestigd te worden. Met name kunstlicht stelt ons voor nieuwe vragen, confronteert ons met onvolledige kennis en begrip, met als gevolg onjuiste aannames en onvolledige analyses. Het gebrek aan kennis noopt tot een kritische beschouwing van alle kennis en de omstandigheden waaronder die kennis is verzameld. Bestaande kennis en proefresultaten zullen geanalyseerd moeten worden om te bepalen welke kennis verworpen moet worden, welke kennis aangepast, welke kennis over het hoofd is gezien en toch bruikbaar is en welke kennislacunes er zijn. Het gaat om de integrale effecten van licht(samenstelling). Niet alleen op de fotosynthese, maar ook op de verdeling en benutting van assimilaten tot product en kwaliteit, planthabitus en overige aspecten als (ongewenste) verdamping, hormoonbalanseffecten op knop en wortel of (verstorings)effecten op strekkingsprocessen. Dit kan leiden tot nieuwe inzichten en bijdragen aan het gewenste doel: een betere productie en kwaliteit en effectievere benutting van kunstlicht in de winter en (in mindere mate) tot betere afscherming bij overmaat van licht in de zomer. Doelstelling van dit project is het bepalen van relevante kennis en kennislacunes die de sector en het onderzoek leiden naar een betere toepassing van kunstlicht (en in mindere mate) het verbeteren van afscherming in de zomer. Werkpakket 1. Kennisinventarisatie Dit werkpakket start met een korte ronde waarin de kennis, ervaring en ideeën omtrent licht van een aantal telers, adviseurs en onderzoekers wordt geïnventariseerd. Na deze ronde kennisinventarisatie worden de onderwerpen gegroepeerd en uitgewerkt. Aan het einde van deze fase is er een min of meer compleet overzicht van de kennis en ervaring op het gebied van benutting van lichtkleuren in de tuinbouw, in relatie tot andere teelt- en klimaatmaatregelen. Werkpakket 2. “Spelen” met de kennis en ervaring In dit werkpakket wordt de kennis die opgedaan is in werkpakket 1 in een breder kader geplaatst. Dit werkpakket begint met een workshop waarin de kennis (kort) gepresenteerd wordt, maar waarin vooral de dogma’s rond licht en het gebruik van lichtkleuren besproken worden. Deze workshop moet nieuwe ideeën, concepten en verdere vragen opleveren. Deze worden verder uitgewerkt, ook weer gebruik makend van bestaande informatie en (waar nodig) specialistische kennis van (ervarings)deskundigen. In dit werkpakket willen we de omzetting maken van kennis (opgedaan in werkpakket 1) naar concepten hoe je het lichtklimaat optimaal in kunt zetten in de glastuinbouw, maar ook van wat de onmogelijkheden hiervan zijn. Dit moet leiden tot een totaalplaatje van wat er mogelijk is. Een aanbeveling voor telers die overwegen over te stappen naar LED-belichting is zich goed te laten informeren door lampenfabrikanten over de producten die zij bieden, lichtspectrum, efficiëntie, ervaringen en financieringsmogelijkheden. Hierbij gaat het niet alleen om de effecten op gewas, maar ook om plantweerbaarheid, mogelijkheden tot scouting en de werkbaarheid van het personeel onder die lichtcondities. In de afgelopen twintig jaar is het elektriciteitsgebruik in de glastuinbouw snel toegenomen door toenemende arealen belichte teelt en een sterke toename van het geïnstalleerd vermogen aan belichting. Deze trend is te keren door de vervanging van de huidige SON-T belichting door LED-belichting, die efficiënter is in het omzetten van elektriciteit in licht. LED-belichting biedt nieuwe perspectieven voor de teelt en sturing van gewassen, omdat het lichtspectrum kan worden aangepast aan de behoeftes van het gewas. Dit biedt mogelijkheden om de morfologie, ontwikkeling en fysiologie van planten te sturen. Beter gebruik mogelijkheden In het project ‘Denkkader licht’ hebben onderzoekers van Wageningen University & Research bestaande kennis, proefresultaten en praktijkervaringen geïnventariseerd en geanalyseerd om bij te dragen aan de kennis die nodig is om te komen tot een beter gebruik van de mogelijkheden van LED-belichting in de glastuinbouw. Hierbij is niet alleen gekeken naar de effecten op gewas, maar ook op de plantweerbaarheid en natuurlijke vijanden. Dit project levert daarmee geen standaard lichtrecepten op, maar biedt een denkkader om te begrijpen waarom bepaalde effecten optreden en hoe per gewas de kennis moet worden opgebouwd om wel te kunnen komen tot de meest effectieve belichtingsstrategieën. Systeemverandering Uit proeven en demonstratieprojecten blijkt dat de overstap van een onbelichte teelt of SON-T belichting naar een LED belichte teelt de nodige consequenties heeft voor temperatuurverdeling, ontwikkelingssnelheid, raamopening en daarmee voor CO2 benutting, warmte en elektriciteitsverbruik. Het toepassen van LED’s in de kas is een systeemverandering, waarbij alle elementen van het systeem opnieuw geoptimaliseerd moeten worden. Projectnummer: 20113

Van 01-08-2017 tot 01-07-2018
Afgerond

Energiebesparing door bladpluk bij komkommer

Een mogelijkheid voor verdergaande verlaging van het energiegebruik in de onbelicht glasgroenteteelt bij toepassing van Het Nieuwe Telen is het efficiënter benutten van de assimilaten en het terugdringen van onnodige verdamping door het gewas te sturen met bladpukken. In proeven van Wageningen UR in de tomatenteelt en praktijk proeven in de aubergineteelt en in de paprikateelt zijn de eerste stappen gezet. De gedachte is dat door het bladpakket (LAI) gericht te sturen de assimilaten aanmaak voor een groter deel naar de vruchten gestuurd kunnen worden en dat met minder bladoppervlak met name in de herfst minder vocht geproduceerd wordt door het gewas. Dit betreft een verkennende proef met hoge draad komkommer. Binnen één afdeling worden 5 behandelingen uitgevoerd met variaties in stengeldichtheid en % blad pluk. Het bladpukken gebeurt in het jongste stadium zodat zo min mogelijk assimilaten verspild worden bij de aanmaak. De 5 behandelingen worden gemonitord op gewasontwikkeling (snelheid, LAI), lichtonderschepping en fotosynthese snelheid onder- en bovenin het gewas en productieresultaten (drooggewicht, kwaliteit e.d.). Dit voorstel sluit aan op de eerste stappen die gezet zijn om de aanpak te ontwikkelen tot een zo laag mogelijk energiegebruik in warm geteelde gewassen. Dat kan bij maximale isolatie met bijv. dubbele schermen en zo min mogelijk energie inzet voor vochtafvoer. Om dit te bereiken is een andere gewasmanagement aanpak nodig dan nu gebruikelijk is, gericht op verhoging van de assimilaten aanpak, efficiëntere inzet van de assimilaten en minimalisering van energie inzet voor vochtafvoer. Voor een goede productie is een optimale combinatie van stengeldichtheid en assimilatenaanbod noodzakelijk. Bladpluk alleen leidde tot een licht stijgende abortie, een lagere ontwikkelingssnelheid en dus minder oksels, en een lagere LAI met minderlichtonderschepping. Dit gaf dus minder vruchten en minder kilo’s. Dit kan echter worden gecompenseerd door een hogere stengeldichtheid. Er ontstaat dan een gewas met een normale LAI en gewasstructuur, maar wel met een hoger aantal oksels m -2 waar vruchten aangehouden kunnen worden. De productie en lichtbenuttingsefficiëntie nemen toe. Hier staat tegenover dat ook de arbeid voor gewasverzorging toeneemt. Het is, net als bij tomaat, te verwachten dat toepassing in donkere perioden leidt tot minder energieverbruik om vocht af te voeren. De aanbeveling voor de praktijk, op basis van wat we nu weten, zou zijn: pluk met mate blad, combineer het met een relatief hoge stengeldichtheid, en bespaar energie in een winterteelt. Projectnummer: 20033

Van 01-04-2016 tot 31-12-2016
Afgerond
  • 1