Zoeken

Resultaat 1 tot 10 van 10.

Kennisuitwisseling Fossielvrije en duurzame glastuinbouw 2020-2022

In het project Kennisuitwisseling Fossielvrije Glastuinbouw wordt intensief gecommuniceerd met de glastuinbouwsector over de opties voor een fossielvrije bedrijfsvoering en op welke termijn deze kan worden ingevuld. Dit project is ingebed binnen de aanpak vanuit het projectteam KaE met directe verbinding naar zowel onderzoek als praktijk. Vervolg op het project 2018-2019 . Doel Uitgebreide kennisuitwisseling (communicatie) over alle aspecten die aan de orde zijn bij de transitie naar fossiel vrije glastuinbouw. De communicatie is twee richting verkeer dus een nevendoel is meer inzicht in de drijfveren en belemmeringen die ondernemers ervaren. Bedrijven kunnen beter onderbouwd hun eigen richting kiezen om fossiel vrij te telen en stappen zetten op weg naar emissieloos telen. Hiertoe worden diverse activiteiten georganiseerd. Het stimuleren van demonstraties en pilots in de praktijk en de resultaten hiervan zichtbaar maken voor de sector. Om de resultaten zichtbaar te maken wordt o.a. samengewerkt met het project monitoring energie innovaties en de fossielvrije demo’s in het onderzoek bij Wageningen University & Research in Bleiswijk. Organisatie van diverse bijeenkomsten voortbouwend op het voorgaande project kennisuitwisseling fossielvrij. De bijeenkomsten kunnen zowel gewasgericht zijn, regionaal om dichtbij de ondernemers aan te sluiten of gericht op derden die een belangrijke rol spelen in de transitie van de glastuinbouwsector. Tweejaarlijks wordt een symposium georganiseerd. Verdieping en verspreiding van de teeltkennis rond HNT. De transitie naar fossiel vrij telen raakt aan de kern van de glastuinbouw in de teeltstrategie en teeltsturing. Al 10 jaar wordt vanuit KaE ingezet op verdieping van de teeltkennis. In dit werkpakket wordt de aanpak geprofessionaliseerd onder de naam Academy (zie de website ). Het gaat concreet om de bundeling van diverse cursussen en trainingen, specifieke (kantine)bijeenkomsten over HNT, bijeenkomsten over plantweerbaarheid, studiedagen en workshops voor het onderwijs. Tevens worden ondersteund materiaal en digitale tools ontwikkeld en beschikbaar gesteld. Inhoudelijk is van belang dat fossiel vrij telen gekoppeld wordt aan duurzaam telen in het algemeen. Dit betekent dat andere thema’s dan energie maar die wel raken aan de teeltstrategie en energiezuinig telen, betrokken worden in de teeltkennis aanpak. Specifiek gaat het nu om plantweerbaarheid, maar de aandacht wordt ook verbreed naar water, bemesting en wortelmilieu. Ondersteunend aan de hierboven genoemde werkpakketten is budget beschikbaar voor (kleine) opdrachten door derden. Communicatie is de kern van het project. Ondersteund door de communicatie afdeling van Glastuinbouw Nederland aangevuld met externe specialisten wordt de website KaE vernieuwd. Verder wordt binnen dit pakket materiaal ontwikkeld zoals filmpjes, graphics en animaties die ondersteunend zijn voor het overbrengen van de boodschap. Parallel aan het symposium genoemd onder 3 wordt tweejaarlijks een special van Onder Glas uitgebracht met voorbeeldprojecten uit de praktijk. Naast tien kleine opdrachten om acute kennis vragen op te lossen hebben zo'n 3000 personen deelgenomen aan bijeenkomsten. Ook hebben ruim 800 deelnemers een cursus gevolgd van Het Nieuwe Telen (HNT). Ook is HNT onder de aandacht gebracht bij het onderwijs en is veel kennis gecommuniceerd via filmpjes, een special bij Onder Glas, de website van Kas als Energiebron en vakbladartikelen. Projectnummer: 20141

Van 01-10-2019 tot 31-12-2022
Afgerond

Kennisondersteuning warmteclusters glastuinbouw

In dit project wordt in samenwerking met betrokkenen (ondernemers, regionale overheden, greenports) voor ieder glastuinbouwcluster in Nederland een analyse uit te voeren en een daarop gebaseerd plan te realiseren voor de mogelijkheden en realisatie van een klimaatneutrale warmtevoorziening als alternatief voor aardgas. Het resultaat is een gerapporteerde inventarisatie en plan per glastuinbouwcluster. De planning is om uiterlijk begin 2019 in alle glastuinbouwclusters in Nederland een inventarisatie te zijn gestart. Vervolgens is de planning om uiterlijk eind 2020 voor alle glastuinbouwclusters in Nederland met voldoende potentieel (duurzame warmte opties, ondernemerschap etc.) een economisch haalbaar plan en een organisatie aanpak tot stand te brengen om een klimaatneutrale warmtevoorziening voor het betreffende cluster mogelijk te maken. Voor ieder cluster waar dit relevant is vormt een uitvoerbaar concept voor een lokaal warmtenet onderdeel van het plan. Doel van het project is de oriëntatie van ondernemers op een klimaatneutrale toekomst te versterken door verbinding, versterking en samenwerking tussen het landelijke programma Kas als Energiebron en de regionale overheden en Greenports ter uitvoering van het programma onderdeel ‘Energiewinst in de Regio’ van het programma Kas als Energiebron. Dit project wordt vanuit Kas als Energiebron met 25% ondersteund door het ministerie van LNV, met een maximum van € 190.000,-. LTO Glaskracht Nederland financiert eveneens 25%. De andere helft komt vanuit de directe regio: provincies, gemeenten, greenports. Regionale medefinanciering is een voorwaarde voor het oppakken van de beschreven aanpak ter plaatse. Aanpak Ondernemerscollectieven in de glastuinbouwclusters worden ondersteund met kennis en kunde in alle fases van de totstandkoming van klimaatneutrale opties voor de warmtevoorziening. Bij de aanpak en fasering wordt maatwerk geleverd op basis van de lokale situatie. Stap 1: Als eerste wordt per cluster door inventarisatie en analyse in samenwerking met ondernemers en stakeholders de kansen en mogelijkheden voor klimaatneutrale warmte in kaart gebracht. Deze stap levert per cluster een go/no go moment op voor het vervolg. Een belangrijk element betreft de mogelijkheid om een lokaal warmtenet tot stand te brengen waardoor een collectieve aanpak van de toekomstige warmtevoorziening tot stand kan komen. Indien uitsluitend individuele opties kansrijk zijn zal de activiteit worden afgerond en overgedragen aan de betreffende ondernemers. Stap 2. Het vervolg voor ontwikkeling van collectieve warmte oplossingen bestaat uit maatwerk waarbij de kansen en mogelijkheden van lokaal beschikbare klimaatneutrale warmte leidend zijn en nader verkend en uitgewerkt worden. Speciaal op het terrein van lokale warmtenetten leveren de ondersteuners kennis en expertise bij de totstandkoming, zowel technisch als organisatorisch en financieel met als uitgangspunt dat een goed gepositioneerd warmtenet de kansen op benutting van klimaatneutrale warmte aanzienlijk zal vergroten. Stap 3. Uiteindelijk wordt een professionele organisatie van ondernemers (coöperatie) in staat gesteld om zelfstandig tot de realisatie van de warmte opties te komen. De activiteit bestaat in grote mate uit het aanbieden en communicatie van kennis, zowel over technisch inhoudelijke zaken rond energiebesparing en energievoorziening maar ook aangaande procesmatige zaken rond het organiseren van een cluster. De ontwikkelde kennis en inzichten van het programma Kas als Energiebron worden ingebracht, waaronder de noodzaak en mogelijkheden van energiebesparing en het invullen van de resulterende energiebehoefte via duurzame energie en inzet van warmtenetten. In dit proces wordt een adviserende en ondersteunende rol vervuld bij de contacten met externe partijen. Projectnummer: 20069

Van 01-12-2017 tot 31-12-2020
Afgerond

Uitvoering Versnellingsplan Het Nieuwe Telen

In de tuinbouwvisie van het kabinet en het energieakkoord wordt geconstateerd dat een versnelde ontwikkeling en praktijkintroductie van Het Nieuwe Telen (HNT) noodzakelijk is om de doelen voor 2020 te realiseren. Daartoe is een versnellingsplan "Glastuinbouw koploper energie besparen" opgesteld. Dit project betreft de uitvoering van dat versnellingsplan en subsidieert de benodigde menskracht voor de coördinatie en uitvoering voor 2 jaar en de out of pocketkosten voor projecten/bijeenkomsten e.d. voor 1 jaar. In 2014 werd een groot aantal activiteiten in gang gezet, waaronder: regionale kantinebijeenkomsten HNT, studiegroepen HNT, training HNT voor teeltadviseurs, ontwikkelen onderwijsmodule, demonstraties in de praktijk en een helpdesk HNT. Dit loopt in 2015 door. Er hebben zo'n 40 kantinebijeenkomsten over Het Nieuwe Telen (HNT) plaatsgevonden, 325 telers hebben de basiscursus HNT gevolgd, waarvan ruim 100 ook nog een vervolgcursus. Ook 150 niet-telers (adviseurs, leveranciers en andere belangstellenden uit de sector) hebben een korte kennismaking in een cursus van drie bijeenkomsten met HNT gehad. De basisprincipes van HNT zijn vastgelegd in een boek en er worden op dit moment weblectures geproduceerd. De aanpak van HNT vindt steeds meer draagvlak in de glastuinbouwsector. Projectnummer: 14039

Van 19-08-2014 tot 01-05-2016
Afgerond

Invloed diffuus-scherm op kwaliteit en productie roos

In dit project wordt een afdeling met het nieuwe Harmony-doek vergeleken met een afdeling met het traditionele zomerdoek. Dit heeft als doel om de invloeden van dit nieuwe doek in vergelijking met een standaard doek in kaart te brengen. We weten dat we met een diffuus-scherm meer licht in de kas kunnen toelaten, omdat er minder directe instraling plaatsvindt en hierdoor de gewastemperatuur ook lager ligt. Dit moet leiden tot een hogere productie en betere kwaliteit, hetgeen we ook in deze proef wilde aantonen. Dit is helaas niet gelukt doordat het dek bestaat uit gehamerd glas en het scherm relatief zo spaarzaam mogelijk is ingezet. De schermstrategie is tijdens de proef gewijzigd, omdat uit de fotosynthesemetingen duidelijk werd dat een schermpercentage van 50% veel te hoog is en dit de plant direct 'stil' zet. Ook is duidelijk geworden dat het niet meevalt diffuuslicht objectief te meten. Dat diffuuslicht zich anders gedraagt/valt dan licht onder een niet-diffuus scherm bleek wel duidelijk uit het feit dat er onder het diffuse doek bij zoninstraling nauwelijks of geen schaduw wordt gecreëerd. Projectnummer: 13685

Van 30-04-2009 tot 31-12-2009
Afgerond

Ervaring met LED in aardbei

Doel van dit project is het optimaliseren van de LED-proef en het beschikbaar maken van de resultaten voor alle telers. Assimilatiebelichting met SON-T lampen is niet kansrijk in aardbei, mede door de grote warmteontwikeling. Daarom zijn de mogelijkheden van vier verschillende typen LED-belichting onderzocht in een eenvoudig opgezette praktijkproef. Productie in het najaar werd niet beinvloed, maar in het voorjaar was de productie iets hoger. De meeropbrengst was echter ontoereikend om de meerkosten te compenseren. Projectnummer: 13574

Van 01-03-2009 tot 01-07-2009
Afgerond

Praktijkonderzoek LED

Doel van dit project is aantonen of en hoe LED-armaturen kunnen worden ingezet. Op een proefoppervlak van 100 m2 met tomaat en roos is over een periode van 6 maanden te monitoren t.o.v. een referentievlak. In de eerste onderzoeksopzet worden beide proefvlakken onder dezelfde klimaatcondities beschouwd. In het najaar 2007 startte Lioris, Lans en Van den Berg Roses een tweetal LED-praktijkproeven om na te gaan, in hoeverre de LED-technologie nu al de Son-T lampen kunnen vervangen. Om LED als groeilicht te gebruiken, moet de techniek verder worden doorontwikkeld en een aanzienlijke kostprijsverlaging te ondergaan. Op teelttechnisch gebied blijkt eveneens gericht onderzoek nodig te zijn naar onder andere het effect en eventuele bestrijding van temperatuur verschillen in de mat en opname van water en voeding. Ter optimalisatie van de teelt kunnen nu ook al proeven starten om het meest rendabele lichtniveau en spectrum te bepalen, eventueel toegespitst op enkele specifieke teelten. Projectnummer: 13101

Van 01-09-2007 tot 01-10-2008
Afgerond

Geconditioneerd telen van paprika met luchtbevochtiging en koeling

Er wordt aangetoond wat het effect van luchtbevochtiging is op productie en ziekten en plagen bij een standaardteelt en een gekoelde teelt. Hierbij worden duidelijke verschillen in luchtbevochtiging gehanteerd. In drie kascompartimenten van 144 m2 worden verschillende niveaus van luchtbevochtiging aangelegd. Voor een gangbare teelt wordt hierbij het rendement van luchtbevochtiging onderzocht in twee verschillende niveaus. Een derde vergelijking wordt gemaakt met een gesloten teelt waar luchtbevochtiging plaatsvindt. Er wordt geen referentieteelt in het onderzoek meegenomen. In een proef zijn zware bevochtiging, lichte bevochtiging en geconditioneerd telen bij het ras Spider met elkaar vergeleken. Bij de zware bevochtiging is de temperatuur gemiddeld 0,15°C hoger geweest dan in de afdeling met lichte bevochtiging. In de geconditioneerde afdeling is de temperatuur gemiddeld nog 0,13°C hoger. De luchtvochtigheid en het CO2-gehalte waren in afdelingen met zware bevochtiging en de geconditioneerde afdeling met koeling hoger, waarbij in de geconditioneerde afdeling de hoogste waarden zijn gerealiseerd. De productie bij zware bevochtiging is 30,6 kg/m2 en bij lichte bevochtiging 29,2 kg/m2. Bevochtiging had in deze proef een licht positief effect. Er werden meer, maar fijnere vruchten geoogst bij de zware bevochtiging. Door de iets hogere temperatuur en de lagere raamopening is bij de zware bevochtiging minder kg CO2 gedoseerd. De geconditioneerde kas bleef met 30 kg/m2 achter in productie ten opzichte van de verwachting. De oorzaak hiervan was schade aan de plant mogelijk door te hoge CO2 concentratie begin mei in combinatie met veel licht. Projectnummer: 12985

Van 01-08-2007 tot 01-02-2009
Afgerond

Paprikateelt in gesloten kas, vervolg

Het project is gericht op het optimaliseren en implementeren van het telen van paprika in een gesloten kas. In een eerste fase (één jaar) worden nog openstaande onderzoeksvragen beantwoord door teelttechnisch onderzoek. In de daaropvolgende fasen (drie jaar) wordt de opgedane teeltkundige kennis in een nieuw op te zetten praktijkbedrijf, aangekocht en beheerd vanuit winstoogmerk door participerende telers, uitgevoerd en gemonitord en zo nodig aangepast. Uit de resultaten van het demonstratiebedrijf moet blijken dat het telen in een gesloten kas een beter rendement oplevert dan een traditionele teelt. Er vindt een intensieve kennisoverdracht naar de paprikasector plaats. Dit project is het vervolg op het project Paprikateelt in gesloten kas. Dit project is gestopt na fase 1. De geconditioneerde afdeling heeft gemiddeld een productie stijging van 3% ten opzichte van de standaardafdeling gerealiseerd. Uit de economische analyse blijkt dat de productiestijging minstens 12% moet zijn om een positief resultaat te hebben ten opzichte van de standaardsituatie. Wel bleek dat een goed gewas geteeld kan worden onder geconditioneerde omstandigheden. Als alle kosten en baten bij elkaar worden genomen, dan is een geconditioneerde kas (nog) niet rendabel. Projectnummer: 12700

Van 01-11-2006 tot 31-12-2010
Afgerond

Paprikateelt in gesloten kas

Doel van deze proef is inzicht te krijgen in de praktische mogelijkheden om paprika's te telen in een gesloten kas waarbij het kwantitatieve doel een productieverhoging is van 20% ten opzichte van een standaardteelt bij toptuinders met daarnaast 36% energiebesparing. Met een ruw teeltplan is gestart. Door een onderzoeker zijn waarnemingen verricht die elke 14 dagen besproken zijn met de begeleidingscommissie waarna eventueel klimaat- en teeltaanpassingen zijn uitgevoerd. Dit moet uiteindelijk leiden tot een ideaal teeltplan voor paprika in een gesloten kas. Het onderzoek in het eerste jaar toonde aan dat telen van paprika in een gesloten kas een duidelijke potentie in meerproductie en energiebesparing heeft. Dit rechtvaardigt de wens om in 2007 het onderzoek naar de productie potentie voort te zetten. Projectnummer: 12329

Van 01-01-2005 tot 31-12-2006
Afgerond

Kennisinventarisatie voor een optimaal teeltconcept voor paprika in een gesloten kas

Er is een kennisinventarisatie bij paprika gedaan om richtlijnen te krijgen voor een teeltoptimalisatie. De volgende vragen zijn daarbij uitgangspunt. Wat zijn de optimale niveaus van de parameters CO2 en luchtbeweging, licht, temperatuur en vocht voor de Nederlandse paprikateelt? Welke teeltmaatregelen kunnen er genomen worden om deze parameters te optimaliseren. En welke mogelijkheden biedt de gesloten kas als het gaat om optimale teeltomstandigheden? Uit de inventarisatie blijkt dat het optimale CO2-gehalte tussen 700 en 1.000 ppm ligt, dit is afhankelijk van de lichtintensiteit. Meer luchtbeweging blijkt een positief effect te hebben op de opname van CO2. Welke luchtsnelheid optimaal is, is nog niet bekend. Het minimale lichtniveau voor een paprikaplant voor zetting is 150 joule per dag voor gewasonderhoud. De optimale netto fotosynthese wordt bereikt overdag ongeveer tussen de 18 en 21ºC. Een goed streven is om een vochtdeficit overdag tussen de 4 en 5 te realiseren en 's nachts tussen de 2,5 en 3. Mogelijkheden om deze optimale omstandigheden toe te passen liggen o.a. in het telen onder semi- gesloten kas of gesloten omstandigheden. Projectnummer: 11801-22

Van 01-01-2004 tot 31-12-2004
Afgerond
  • 1