Zoeken

Resultaat 1 tot 4 van 4.

Energiezuinig teeltconcept chrysant

In deze deskstudie wordt gekeken naar de volgende twee onderwerpen: Mogelijkheden om verdere besparingen op warmte te realiseren met behoud van productie en kwaliteit. De mogelijkheid om in de chrysantenteelt rendabel koeling in te zetten, t.b.v. energiebesparing én optimalisatie van het kasklimaat in de zomerperiode. In een startbijeenkomst met tuinders wordt besproken wat de ideale en tolereerbare klimaatomstandigheden zijn waarbinnen een chrysant met een hoge productie en kwaliteit kan worden geteeld. Verder wordt een longlist opgesteld van mogelijke maatregelen. Een aantal maatregelen worden doorgerekend, zowel op het gebied van het effect op teeltsnelheid en takgewicht (QMS model van DLV Plant) als op energiegebruik (KASPRO model van Wageningen UR Glastuinbouw). De voorlopige resultaten besproken in een workshop en de discussie wordt verwerkt tot een eindscenario en opnieuw doorgerekend. Doel is het opleveren van een concept voor de chrysantenteelt waarmee het warmtegebruik en elektriciteitsverbruik beperkt wordt tot 10 m 3 /m 2 .jaar en 100 kWh/m 2 .jaar (referentie is 143 kWh), en waarmee de huidige productie en kwaliteit geborgd blijft. Door warmteoogst in de zomer en opslag in aquifers en benutting in de winter kan de chrysantenteelt voor warmte mogelijk klimaatneutraal worden. Dit project is een uitbreiding/vervolg op de deskstudie ‘Besparen op elektriciteit’ die op dit moment door WUR en DLV Plant uitgevoerd wordt. Bij chrysant is al in praktijkproeven aangetoond dat met de juiste maatregelen het warmtegebruik fors kan worden teruggebracht. In de studie zijn de meest relevante opties die warmtebehoefte verder kunnen beperken doorgerekend op hun besparingspotentie. Met de gezamenlijke opties kan een gasverbruik van minder dan 10 m3/m2 per jaar worden gerealiseerd. De belangrijkste opties zijn daarbij het toepassen van een extra isolerend kasdek, 2 e scherm en anders omgaan met de klimaatinstellingen. Mogelijke knelpunten zijn het verhoogde risico op schimmelziekten en de lage investeringsruimte van sommige opties. Daarnaast is berekend dat bij een lage elektriciteitsprijs en een hoge gasprijs het economisch interessant wordt om de warmte te voorzien aardwarmte, of met een warmtepomp in combinatie met luchtbehandelingskasten en warmteopslag in een aquifer. Hiermee zou een klimaatneutrale kas binnen bereik liggen. Projectnummer: 20025

Van 01-06-2015 tot 31-08-2015
Afgerond

Elektriciteit besparing bij chrysant; opstellen van teeltconcepten

De teelt van chrysant heeft in de laatste decennia een grote versnelling doorgemaakt waarbij het aantal teelten toegenomen is van 4 naar 5 teelten per jaar. Ook voor wat betreft besparing op energiegebruik voor verwarming zijn stappen gemaakt. Op kleine schaal wordt al een besparing van 10 m3/m2/jaar gerealiseerd. V.w.b. belichting is de intensiteit de laatste decennia flink toegenomen, ondanks dat economische berekeningen (Raaphorst et al., 2010) aangeven dat afhankelijk van energieprijzen en productprijzen belichting niet altijd economisch rendabel is. In dit project worden twee concepten opgesteld voor een energiezuinige teelt van chrysanten. Het eerste concept wordt opgesteld voor een bestaand bedrijf, waarbij de maatregelen moeten passen binnen de bestaande bedrijfsuitrusting. Het tweede concept is voor een bedrijf dat nieuw bouwt, en technische aanpassingen kan doen. Doelstelling is een reductie in elektriciteitsgebruik voor belichting met 30% met behoud van productie. Dat betekent een reductie van 145 kWh/m2/ jaar naar 100 kWh/m2. jaar. De teeltconcepten worden doorgerekend op gevolgen voor productie en kwaliteit (QMS model) en op energiegebruik (KASPRO). Verder wordt een aantal mogelijkheden verkend, waarvan nog niet duidelijk is wat de effecten precies zijn, maar waarvan een inschatting gemaakt zou kunnen worden van het effect op teeltsnelheid, productie, takgewicht en energiegebruik. In de studie is ook gekeken naar besparing op elektriciteit voor belichting. De belangrijkste maatregelen blijken ook forse investeringen te vragen, zoals AR-coatings, diffuus glas, LED-belichting of een hoogspiegelende kasconstructie. Laagdrempeliger maatregelen, zoals bodemreflectie (bijvoorbeeld met styromull) kunnen ook nog tot een 5% lagere elektriciteitsbehoefte leiden. Daarnaast zijn er nog vele kleine maatregelen waarvan verwacht wordt dat deze tot een hogere energie-efficiëntie kunnen leiden. Voorbeelden daarvan zijn het gewasstadium-afhankelijk belichten of een verlengde opkweek. Van deze maatregelen is nog onvoldoende bekend hoe groot hun effect is en of deze ook economisch rendabel zijn. Op dit moment wordt er gewerkt aan een demonstratieproject om de meest belovende maatregelen toe te passen in een nieuw teeltconcept waarbij juist ook de kwaliteit van het gewas voorop staat. Projectnummer: E15005

Van 01-03-2015 tot 31-10-2016
Afgerond

Energiezuinige belichting Chrysant

In dit project wordt in twee proefkassen en een praktijkroef geprobeerd aan te tonen dat een besparing van 30% op elektriciteit voor belichting mogelijk is in de chrysantenteelt. Met behulp van LED-belichting en alleen belichten wanneer de plant er behoefte aan heeft. Het effect van LED-belichting als aanvulling op SON-T lampen. Het effect van 3 verschillende belichtingssystemen op chrysant werd onderzocht, t.w. SON-T belichting, hybride belichting (50% SON-T en 50% LED) en 100% LED-belichting. In een voorjaarsteelt bleek dat de productie het hoogst was onder hybridebelichting met verrood nabelichting. In een kortdurende proef met jonge stekken chrysant (Baltica) bleek dat nabelichten met verrood geen positieve invloed heeft op de lichtonderschepping en op het bladoppervlak. Het effect van verschillende lichtspectra op de beworteling is onderzocht en gebleken is dat de spectrale samenstelling beïnvloedt beworteling: volledig blauw of volledig rood licht leidt tot minder wortels dan spectra waar ook verrood aan toegevoegd was. In een najaar teelt zijn 14 rassen geteeld onder SON-T, hybride en LED belichting en waarin belicht werd naar behoefte. De productie, kwaliteit en lichtbenuttingsefficiёntie was het hoogst onder SON-T belichting, maar ook het energieverbruik was in deze behandeling het hoogst. Telen onder LEDs heeft 20% minder elektriciteit gekost (voor belichting), maar de productie en kwaliteit waren minder dan onder SON-T belichting. Uit de resultaten van de praktijkproef blijkt dat chrysantenteelt goed mogelijk is onder hybride belichting (combinatie SON-T en LED lampen). Wel is gebleken dat stralingswarmte noodzakelijk is voor een goede reactietijd. Er is een klein positief effect op de lichtbenuttingsefficiëntie (LBE) bij toepassing van LED naast de SON-T lampen. De potentieel te behalen energiebesparing, door minder intensief belichten voor eenzelfde resultaat, lijkt echter gering. Daarom zal energiebesparing bij hybridebelichting vooral moeten komen uit de hogere energie-efficiëntie in umol/Watt bij LED lampen. Projectnummer: 14890

Van 01-03-2013 tot 01-02-2014
Afgerond

Vervolg Biologisch grondontsmetten

In het project over biologisch grond ontsmetten (BGO) dat in 2011 en 2012 zijn op een chrysanten en een sla bedrijf goede resultaten geboekt met de methode. Vaak met een beter of minimaal gelijkwaardig effect als bij stomen. Op basis hiervan kan voorzichtig worden geconcludeerd dat de methode technisch gezien een alternatief kan zijn voor stomen. Het toepassen van bodemresetten in de praktijk vindt echter nog weinig opgang. Redenen hiervoor zijn: De kosten van ‘bodemresetten’ verschillen weinig van die van stomen. De benodigde tijdsduur voor bodemresetten van enkele weken is voor intensieve teelten, zoals Chrysant en Lisianthus een extra kostenverhogende factor in vergelijking met stomen. Stomen is voor de meeste bedrijven een ‘bedrijfszekere’ wijze van grondontsmetting. In dit project wordt op 5 praktijkbedrijven i.s.m. DLV experimenten met BGO aangelegd. Bij de 5 demonstratie-bedrijven wordt de toepassing van bodemresetten gevolgd en gerefereerd aan een controle perceel. Daarnaast worden bij Wageningen UR drie kassen ingericht, waarbij BGO vergeleken wordt met een stoombehandeling en een luchtdicht afgedekt maar onbehandeld perceel. Het resultaat van dit project is, naast demonstratie op praktijkbedrijven, een gecompleteerd protocol voor de toepassing van BGO. Wageningen UR Glastuinbouw en Thatchtec B.V. hebben voor dit vervolgonderzoek bij vier chrysantenbedrijven praktijkervaring opgedaan. Aanvullend onderzoek is uitgevoerd naar procesversnellingsmogelijkheden en betrouwbare procesindicatoren. De teelt en ontsmettingsresultaten zijn bij 3 van de 4 bedrijven tot 5 teelten na ontsmetting even goed of beter als na stomen. Het proces kan verkort worden naar 9 dagen door gebruik te maken van een hogere dosering ruwe eiwit, maar dit leidt tot groeiremming in de eerstvolgende teelt. Uitvoering in juli biedt de beste inpassing: het geeft de hoogste bedrijfszekerheid en het beste bedrijfskundig resultaat. Het ontsmettingsproces kan betrouwbaar worden gevolgd met behulp van zuurstofmetingen, tellingen van totaal aaltjes en het gehalte aan nitraat, ammonium en bicarbonaat in het 1:2 volume-extract. Het bestaande protocol is met deze nieuwe kennis aangepast. Projectnummer: 14889

Van 01-03-2013 tot 01-03-2014
Afgerond
  • 1