Zoeken

Resultaat 1 tot 5 van 5.

‘Perfecte Chrysant’: Fossielvrij binnen een weerbaar teeltsysteem

Doel De doelstelling van dit project is de chrysantenteelt verduurzamen door teelttechnisch de grenzen van minimale input op te zoeken. De nadruk ligt op het telen bij hogere luchtvochtigheden en lagere temperatuur voor energiebesparing en het minimaliseren van de CO2 input. Dit wordt toegepast in een teeltsituatie met dimbare LED belichting met dynamisch sturing van het licht voor het realiseren van de vastgestelde lichtsom. Projectbeschrijving Het project ‘De Perfect chrysant’ loopt al enkele jaren om stappen te zetten richting een duurzaam en fossiel-vrij teeltconcept. In deze jaren is er veel kennis ontwikkeld over het telen met LED belichting in combinatie met intensief isoleren en ontvochtiging met terugwinning van latente warmte. Het afgelopen jaar is een nieuwe route ingeslagen waarbij het lichtniveau fors is verlaagd en de teelt energiezuiniger is geworden door te telen met lagere temperaturen. Tot nu toe was het bij De Perfecte Chrysant beperkt mogelijk om behandelingen te vergelijken. Mede op verzoek van de telers is vergelijking van effecten van temperatuur, RV of CO₂ bij verder gelijke omstandigheden gewenst. De aanpak voor dit project is als volgt: het onderzoek vindt plaats in twee afdelingen met in totaal 5 teelten met verschillende doelstellingen. De kasinrichting is identiek met dimbare led’s, verneveling, insectengaas, actieve ontvochtiging met warmteterugwinning. Voor de belichtingsstrategie wordt gewerkt met een dimbare belichtingsstrategie op basis van prijs en instraling. In de winterteelten wordt er gestreefd naar een minimale lichtsom. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LVVN. Er is ook een bijdrage gevraagd van de gewascoöperatie chrysant. De getoetste factoren en de bevindingen zijn: • Teelttemperatuur: een ruim 2°C lagere teelttemperatuur gaf een verlaging van 40% op de warmtevraag, een iets kortere houdbaarheid en een langere reactietijd. • RV: een 5-7% hogere RV gaf bijna een halvering van de warmtevraag. De houdbaarheidsduur was bij de hogere RV wel iets korter. • CO2: lagere doseringscapaciteit gaf slechts een beperkte verlaging van de CO2-concentratie, maar wel een forse verlaging van de dosering. Door de ramen zo dicht mogelijk te houden, kon met een lage dosering zelfs een hogere concentratie worden bereikt. Het knijpen van de luchtramen heeft wel geleid tot een bedompter klimaat met een langere reactietijd en een mindere bladkwaliteit tot gevolg. Met de mix van verschillende energiezuinige strategieën tijdens de verschillende teelten zou op jaarbasis nog geen fossielvrije chrysantenteelt kunnen worden behaald. Hiervoor komt de teelt exclusief stomen nog 6,5 m3 /m2 .jaar aan aardgasequivalenten tekort. Van de plagen is alleen luis een probleem geweest, waarvoor soms chemisch moest worden ingegrepen. De overige plagen waren met behulp van biologische bestrijders, voorzien van bankerplanten, en een intensieve scouting goed onder controle te houden. In de vijf teelten van dit onderzoek zijn geen aantastingen door aaltjes en/of bodemziekten waargenomen. Echter de duur van het onderzoek was te kort om vast te kunnen stellen, of door een strategie van verhoging van de weerbaarheid een chrysantenteelt in de grond zonder stomen mogelijk is. Projectnummer: 23007

Van 28-02-2025 tot 17-12-2024
Afgerond

De perkplantenteelt naar fossielvrij

Doel: Demonstratie van een fossielvrij teeltconcept in perkplanten, waarbij de plantkwaliteit verbeterd wordt en de teelt verkort. Aanpak: De teelt van perkplanten wordt gezien als energie-extensieve teelt, de etmalen liggen hierbij gemiddeld tussen de 14 en 20°C. Binnen de perkplantenteelt is er nog weinig aandacht voor de toepassing van principes uit Het Nieuwe Telen (HNT) waarmee snel winst valt te boeken in verlaging van het piekverbruik in warmte. Juist omdat perkplanten bij relatief lage etmalen worden geteeld, zijn er grote stappen te maken richting een duurzame en fossielvrije teelt door betere isolatie (schermen), daarbij het goed beheersen van vocht (gebruik buitenlucht) en toepassen van laagwaardige warmte (groot verwarmingsoppervlak). Belangrijk in de teelt van perkplanten is dat de juiste kwaliteit op het juiste moment wordt afgeleverd. Daarbij is de inpassing van LED belichting ter vervanging van SON-t, zowel uit kwalitatief oogpunt (compacte planten) als uit energetisch oogpunt interessant. Met verneveling kan de luchtvochtigheid in de zomer op peil gehouden worden voor een betere groei en beter benutten van hen natuurlijk licht in combinatie met CO2 doseren. De aanpak is als volgt: WP1 Bepalen teeltschema + berekening ontvochtigingscapaciteit en warmtevraag Er is een teeltschema opgesteld met gewassen (6 ronden) waarbij er voor de start van elke teelt de klimaatstrategie bepaald wordt. Hierbij zal er een berekening worden uitgevoerd voor de benodigde ontvochtigingscapaciteit om een kwalitatief goede teelt te draaien. De capaciteit die in deze berekeningen als beste optie naar voren komt, zal in de afdeling geïnstalleerd worden. Op basis van de resultaten zal een vertaling gemaakt worden wat in de praktijk de benodigde ontvochtigingscapaciteit zal zijn. WP2 Uitvoering teelt Een afdeling van ±150 m2 zal worden gebruikt waar 6 teeltrondes worden uitgevoerd met pot-, en perkplanten. De afdeling zal worden ingericht met teelttafels, luchtbehandelingsunit (LBK) met buitenlucht aanzuiging en warmte blok, een groot verwarmingsoppervlak, een energiedoek en een lichtuitstootdoek. LED belichting met een intensiteit van ±90 μmol/m2/s met een wit spectrum (RWB) zal worden geïnstalleerd. Elke teeltfase en gewas heeft zijn eigen teelt specifieke verbeterpunten. De uitdaging in de bloeiende perkplanten is met name om tijdig de juiste kwaliteit af te leveren. Bij de cyclamen is bijv. de uitdaging om de luchtvochtigheid te beheersen, fusariuminfectie te voorkomen en meer zonlicht toe te laten om de teelt te versnellen. Er zal gebruik gemaakt worden van een negatieve DIF om te sturen op compactheid. Daarnaast zal voor de andere gewassen (Poinsettia, Calibrachoa, Petunia, Geranium en Obconica) vooraf ook een teeltplan worden opgesteld. Het gebruik van verneveling zal ervoor zorgen dat CO2, middels dosering, en licht optimaal door de plant kan worden benut. De pottemperatuur, de watergehalte in de pot en de gewastemperatuur zal worden gemonitord evenals de verdeling van temperatuur en luchtvochtigheid in de kas. Er zal een drooggewichtsmeting, een kwaliteitssortering en een houdbaarheidstest worden uitgevoerd aan het einde van elke teelt, om de behaalde kwaliteit van de planten te bepalen. Dit project wordt mede gefinancierd door de zomerbloementelers (15.000) en Ludvig Svensson (5.000) en 25.000 in kind bijdrage voor het plantmateriaal en LEDs. De teelt van perkplanten wordt gezien als een energie-extensieve teelt. De etmaaltemperatuur ligt gemiddeld tussen de 14 en 20°C en het warmtegebruik komt gemiddeld uit op 21.5 m3/m2/jaar. In de periode tussen januari 2020 en januari 2021 is bij Delphy Improvement Centre een demonstratieteelt opgezet in een kasafdeling van 168 m2 waarin het warmtegebruik is teruggebracht naar 0.82 m3/m2. Dit lage gebruik is gerealiseerd door het intensief inzetten van twee isolerende schermen (Harmony 2047 FR + Obscura 9950 FR W) en het realiseren van een steile licht:temperatuur lijn. De temperatuurgrenzen werden ruim ingesteld: in de nacht kon het hierdoor verder afkoelen en op de dag werd de warmte vanuit de zon gebruikt om de gewenste etmaaltemperatuur te realiseren. Er is hierin dus optimaal gebruik gemaakt van de buitenomstandigheden. In de winterperiode is met deze strategie de warmtevraag bijna volledig ingevuld met de warmte die vrij kwam vanuit de LED-belichting (110 μmol/m2/s). De LED-belichting is gedurende de teelt voor 2875 uur ingezet. Dit komt neer op een elektra input van 168 kWh/m2, hiervan is 70 kWh omgezet in convectie warmte, wat neerkomt op 7.16 m3/m2 aardgasequivalent. Daarnaast is er in de teelt gebruik gemaakt van de LBK waarvoor 3.37 m3/m2 nodig bleek. Conclusie is dus dat in de teelt grotendeels elektra is gebruikt om de gewenste teeltomstandigheden te realiseren. Met het omrekenen van deze input naar aardgasequivalenten is de vooraf opgestelde doelstelling van warmtebesparing nog steeds gerealiseerd. Projectnummer: 20120

Van 01-10-2019 tot 30-04-2021
Afgerond

De groenste komkommer

Jaarrond productie van komkommer zal de marktpositie verbeteren en bijdragen aan de lange termijn rentabiliteit. Assimilatielicht is een voorwaarde om komkommers in de winter te kunnen telen. De belichting die benodigd is moet hoger zijn dan 100 µmol om een komkommerteelt de winter door te brengen, en zal aangevuld worden met LED’s vanwege een warmteoverschot op bepaalde momenten. Bepalen van de teeltstrategie en plantbalans met een voldoende hoog lichtniveau voor winterproductie vormt de uitdaging van dit onderzoek aangezien dit ook nog geen gemeengoed is in de komkommerteelt. In dit project zal een klimaatneutraal teeltconcept worden gedemonstreerd, waarbij de kennis rondom Het Nieuwe Telen tezamen met een hoog lichtniveau en minimale warmte input en maximale warmte terugwinning gecombineerd zal worden. In een winterteelt komkommerproef bij het Improvement Centre in 2017-2018 waarbij is geteeld met 215 µmol hybride belichting is gebleken dat er nog een uitdaging ligt in de juiste plantbalans en plantbelasting in relatie tot geboden licht en klimaat. Kennis wordt nu meegenomen in deze demonstratieteelt. Voorafgaand aan de inrichting van de afdeling zal een ontwerpfase plaatsvinden om definitief invulling te geven aan de lichtconfiguratie en ontvochtigingssysteem . Vooraf aan de teelt wordt een teeltplan opgesteld. Op het Delphy Improvement Centre wordt een afdeling van 1000 m2 ingericht met een hybride belichtingssysteem, actieve ontvochtiging, energiedoeken en een lichtafschermingsdoek. De meeste uitdagingen zullen liggen in de winterperiode waar de focus zal liggen op de plantbalans en licht in relatie tot het minimaliseren van het energieverbruik. Naar de zomer toe zal de focus meer komen te liggen in het optimaal gebruik maken van licht, temperatuur en CO2. Gedurende de teelt zal de ontwikkeling van het gewas, de productie en het gemiddeld vruchtgewicht op weekbasis gemonitord worden. Om inzicht te krijgen in de lichtbenutting van assimilatiebelichting zal een CropObserver worden gebruikt. Ook wordt de hoeveelheid PAR, watergift, watergehalte en EC in de mat, planttemperatuur en netto uitstraling gemeten. Ook zal van een snuffelpaal van EMS worden opgehangen om de concentraties van m.n. NOx en ethyleen te meten n.a.v. eerdere problemen in de praktijk mogelijk gerelateerd aan de belichting. Diverse partijen dragen in cash en in kind bij aan dit project waaronder gewascooperatie komkommer, Ludvig Svensson, Philips, Cultilene. De proef was opgezet en uitgevoerd met het doel om jaarrond aan de markt te zijn met duurzame komkommers van goede kwaliteit. Op termijn zal de glastuinbouw grotendeels gasloos moeten kunnen telen. Er is belichting nodig om in de winter komkommers te kunnen telen. LED belichting (148 μmol/m2/s) was toegevoegd aan een Son-t installatie (74 μmol/m2/s) om stappen te maken in energie efficiëntie en tegelijkertijd de huidige belichtingssituatie in acht te nemen. Actieve ontvochtiging (ontvochtigingscapaciteit: 30 gram/m2/uur) werd gebruikt in dit teeltsysteem, om te beproeven of gasloos telen binnen handbereik ligt. Het productiedoel was om minimaal 3 kg/m2/week te produceren in de wintermaanden om een rendabele teelt aan te tonen. Belangrijkste conclusie is, is dat verrood onderdeel van de oplossing zal zijn om in de winter een rendabele komkommerteelt te realiseren. Het lichtspectrum zal de focus moeten krijgen in vervolgonderzoek. Optimalisatie van de warmte oogst strategie om in de toekomst gasloos te kunnen telen volgt in de onderzoeks stappen daarna. Projectnummer: 20094

Van 01-08-2018 tot 31-12-2019
Afgerond

HNT Paprika 2.0

Vanuit de succesvolle demonstratie van HNT paprika 2016 zijn enkele belangrijke vragen overgebleven en nieuwe uitdagingen ontstaan. Zo is het warmteverbruik vooral verlaagd door minder minimum buis, geen warmte vernietiging voor CO 2 aanmaak (externe CO 2 voorziening) en meer benutten van zonnewarmte. Het verbruik in de koudste maanden is echter nog relatief hoog. Daar ligt dus nog een uitdaging qua besparing en om een vlakker en daarmee economisch rendabeler verbruiksprofiel te creëren. Een belangrijke nevendoelstelling in 2016 was de vruchtkwaliteit en plantgezondheid. Met name het vermijden van binnenrot in de vruchten of gewasuitval door fusarium is voor de praktijk essentieel. Dat is tot nu toe goed gegaan in de proef, maar een keiharde sluitende verklaring en daarmee voor de praktijk direct na te volgen recept is er niet. Wel is het aannemelijk dat het beperken van uitstraling, de hogere etmaaltemperaturen en het telen in balans (licht/temperatuur relatie) een positieve bijdrage geleverd hebben. Door het nagenoeg wegvallen van warmteverbruik in de zomermaanden is de teelt volledig aangewezen op externe CO 2 voorziening. Dat brengt een nieuwe afweging mee t.a.v. de inzet van CO 2 . Daarom is er behoefte aan een optimale CO2 doseringsstrategie. Dit heeft geleid tot een voorstel voor een demonstratie van HNT paprika bij Delphy IC met: Twee beweegbare scherminstallaties bestaande uit een hoog isolerend scherm en een hoog transparant scherm Een CO 2 doseerstrategie afhankelijk van licht en raamstand Inzet van luchtbeweging i.p.v. minimum buis met hetzij horizontale ventilatoren hetzij nivolatoren Extra metingen voor CO 2 controle Inzet van een thermoview camera om het effect van uitstraling te volgen en gewas condensatie te voorkomen De energiedoelstelling is een verbruik van 15 m 3 /m 2 aan warmte en 22.5 kg CO 2 /m 2 per jaar. Dit is heel veel lager dan gebruikelijk in de praktijk, maar toch met beperkte investeringen. Om de vertaalbaarheid naar de praktijk zo goed mogelijk te maken is naast een intensieve, wekelijkse begeleiding door telers voorzien in een monitoring op een naastgelegen praktijkbedrijf. Met hetzelfde ras en plantdatum worden de verschillen geminimaliseerd. Door een intensieve vergelijking van klimaat, gewas en productie wordt gezocht naar verschillen en overeenkomsten tussen de praktijk en de proef. Dit moet de telers vertrouwen geven om elementen uit HNT paprika 2.0 over te nemen in de praktijk. De plantdatum was op 1 december. Gedurende de teelt is een aantal struikelblokken geweest waar goed lering uit is getrokken. De beoogde productieprognose is niet gerealiseerd. De productie in de kas gemeten kwam uit op 31.1 kg/m2 en het gemiddeld vruchtgewicht was 195 gram. De lagere productie wordt toegeschreven aan een aantal factoren: extra lichtverlies door het spouwscherm; een periode in maart waarin boriumgebrek is ontstaan (water en opname van voedingselementen tijdens de proef was niet optimaal); beperkte dosering van CO2 en het toepassen van vruchtdunning. Gedurende de zomerperiode zijn kwalitatieve problemen aan de vruchten geconstateerd: watervlekken (verbranding van de schouders) en stekplekken. Dit is met name toe te schrijven aan de hoge temperaturen in combinatie met een hoge instraling die in juni was gerealiseerd. Het ras Allrounder bleek hier gevoeliger voor te zijn dan in de teelt in 2016 is gerealiseerd met Maranello. Positief was dat er gedurende de teelt geen enkele vrucht met binnenrot is geconstateerd na een week bewaring. Projectnummer: 20047

Van 01-10-2016 tot 01-03-2018
Afgerond

Paprika energiezuinig met een goede kwaliteit

Paprika is de een na grootste teelt qua oppervlakte en bij uitstek geschikt om de uitgangspunten van Het Nieuwe Telen op toe te passen. Twijfels over gevolgen voor gewasgezondheid en vruchtkwaliteit zijn de belangrijkste belemmeringen in de praktijk om zo energiezuinig mogelijk te telen. Daarom is demonstratie van een energiezuinige teeltwijze met een uitrusting die zo dicht mogelijk aansluit op de praktijk de manier om te laten zien wat mogelijk is. Een afdeling van het GreenQ/IC is uitgerust met dubbel beweegbaar energiedoek. In een jaarrond teelt worden de principes van HNT toegepast. Dit betekent telen met selectief en weinig inzet van minimum buis, bij gesloten scherm met luchtbeweging (via nivolatoren) om een minimale gewasverdamping te garanderen, maximaal isoleren (> 3.000 uren) met 2 schermdoeken. Vochtafvoer vooral door ventilatie boven gesloten doeken en zo min mogelijk via schermkieren. Verlaging van gewasverdamping en optimalisatie van de assimilatenbalans wordt onderzocht door gewassturing met bladplukken. Dit project wordt volledig door EZ betaald uit de zogenoemde Proof of Principle gelden voor het programma Kas als Energiebron. De productie kwam op een normale tijd op gang. De plantbelasting is de hele teelt relatief hoog gebleven. Dit heeft tot gevolg gehad dat de vruchten in de tweede helft van de teelt relatief klein bleven. De productie gemeten in de kas kwam op 35.8 kg.m⁻² met een gemiddeld vruchtgewicht van 189 gram. Het gasgebruik kwam uit op 16.9 m³.m⁻². De etmaaltemperatuur is gemiddeld op 20⁰C + 2 ⁰C/1000 J.cm⁻².dag⁻¹ gehouden, bij een gewas dat belast is met vruchten. Er zijn twee schermdoeken gebruikt. Een Luxous 1147 FR scherm is 4614 uur en een Luxous 1547 D FR scherm is 4186 uur 100% gesloten geweest op een totale teeltduur van 8375 uur. Uit de metingen met een netto stralingsmeter bleek dat er door het intensieve schermdoek gebruik vrijwel geen momenten zijn geweest met een hoge netto straling van het gewas naar de kas. Onder de doeken is voor luchtbeweging gebruik gemaakt van nivolatoren, die een lichte luchtbeweging in het bovenste deel van het gewas realiseren. Er is vrijwel geen binnenrot gevonden in vruchten die een week bewaard waren. De resultaten van dit experiment sluiten goed aan bij de gedachten van Het Nieuwe Telen over plantbalans en het effect van uitstraling op het gewas. Projectnummer: 20020

Van 01-10-2015 tot 31-12-2016
Afgerond
  • 1