Zoeken

Resultaat 1 tot 10 van 15.

Telers enthousiast over eerste vernieuwde cursus ‘Weerbaar telen’

Een groep van negen siertelers dook de afgelopen periode in het thema weerbaarheid. Gedreven door het krimpende middelenpakket, de toenemende druk op gewasbescherming en de duurzaamheidsambities van de sector deden zij mee aan de vernieuwde cursus ‘Weerbaar telen’. Daarin kwam niet alleen theorie aan de orde, maar werd ook samen gekeken, besproken en ervaren wat in de praktijk werkt op het gebied van weerbaar telen. Wat opviel tijdens de cursus: veel telers zijn al bezig met weerbaar telen, maar zoeken nog naar houvast. Wat werkt wel? Wat niet? En hoe breng je alles samen in je eigen teelt? De cursus hielp telers beter te begrijpen welke maatregelen ze kunnen nemen met daarbij als rode draad het verkrijgen van inzicht in de samenhang, zodat je gerichter keuzes kunt maken. Onderwerpen die aan bod kwamen: de basis van een weerbare plant: stress, resistentie, hormonen en uitgangsmateriaal het weerbare systeem: hygiëne, klimaat, monitoring bodembiologie en organische stof de relatie tussen bemesting, plantontwikkeling en ziekten biostimulanten: wat is het verschil met gewasbescherming wanneer en waarom je ingrijpt, bijvoorbeeld bij stressmomenten in de teelt De cursus werd begeleid door Ellen Klein , met brede ervaring in weerbaar telen binnen verschillende gewassen. De nieuwe opzet is bewust interactief. In plaats van vijf middagen bestaat deze nu uit drie onderdelen: twee interactieve middagen met theorie, praktijkvoorbeelden en veel discussie en één excursiemiddag waarin deelnemers zien hoe weerbaar telen in de praktijk wordt toegepast. Positief beoordeeld De cursus werd gemiddeld beoordeeld met een rapportcijfer 7,5 tot 8. Deelnemers waren vooral positief over de combinatie van theorie en praktijk, de interactieve opzet en de uitwisseling met andere telers. Eén van de reacties vat het goed samen: “Eigenlijk zou iedere teler deze cursus moeten volgen.” De cursus is bewust gewasoverstijgend opgezet. De principes van weerbaar telen gelden immers voor elke teelt. Of je nu al stappen hebt gezet of nog aan het begin staat, de cursus helpt om verder te komen. Vervolg in het najaar In het najaar start opnieuw een aantal cursussen. Heb je daar interesse in? Meld je dan hier aan . Wij inventariseren dan het aantal belangstellenden. Op Basis daarvan krijg je vervolgens meer info over de precieze cursusdata en groepssamenstellingen.

Geplaatst op: 22-04-2026

Start cursus Weerbaar telen – snijheesters en snijbloemen

Van begrip naar praktische teeltstrategie Weerbaar telen is een belangrijk onderdeel van een geïntegreerde aanpak om ziekten en plagen te voorkomen of beheersbaar te houden. Tegelijkertijd is ‘weerbaarheid’ een breed begrip, dat in de praktijk op verschillende manieren wordt uitgelegd en toegepast. Juist daarom brengt de cursus structuur en helderheid: wat betekent het concreet en wat kun je er morgen al mee in je kas? De cursus start op woensdag 18 februari 2026 en is speciaal bedoeld voor telers van snijheesters en snijbloemen die gericht willen bouwen aan een robuuste, toekomstbestendige teelt. “Weerbaar telen vraagt om inzicht, samenhang en bewuste keuzes”, zegt Liesbeth Nijs, Themaspecialist Plantgezondheid bij Glastuinbouw Nederland. “In deze cursus helpen we telers om kennis uit onderzoek en praktijk te vertalen naar hun eigen bedrijf. Niet als losse maatregelen, maar als een samenhangende teeltstrategie waar je direct mee verder kunt.” Drie middagen: theorie én praktijk De cursus bestaat uit drie dagdelen: twee middagen met theorie en één middag met een excursie en praktijkvoorbeelden. De vervolgbijeenkomsten zijn op woensdag 4 en 18 maart, steeds van 13.00 tot 17.00 uur. Meer informatie over de inhoud, data en aanmelden vind je hier op de cursuspagina . Wil je gericht werken aan een weerbare teelt en bouwen aan sterke planten in een gezonde teeltomgeving? Dan biedt deze cursus een stevig en praktisch vertrekpunt.

Geplaatst op: 28-01-2026

Eindrapport: Perfecte Chrysant fossielvrij en weerbaar

Auteur: Bas Oudshoorn, Improvement Centre

De teelten zijn uitgevoerd in een twee gelijke afdelingen van 500 m2 , die voorzien zijn van een verduisteringsscherm, een energiedoek, een ontvochtigingsinstallatie met een capaciteit van 12 m3 /(m2 .uur), een belichtingsinstallatie (LED) van 200 µmol/(m2 .s) PAR en 10 µmol/(m2 .s) verrood. Resultaten onderzoek • Teelttemperatuur: een ruim 2°C lagere teelttemperatuur gaf een verlaging van 40% op de warmtevraag, een iets kortere houdbaarheid en een langere reactietijd. • RV: een 5-7% hogere RV gaf bijna een halvering van de warmtevraag. De houdbaarheidsduur was bij de hogere RV wel iets korter. • CO2: lagere doseringscapaciteit gaf slechts een beperkte verlaging van de CO2-concentratie, maar wel een forse verlaging van de dosering. Door de ramen zo dicht mogelijk te houden, kon met een lage dosering zelfs een hogere concentratie worden bereikt. Het knijpen van de luchtramen heeft wel geleid tot een bedompter klimaat met een langere reactietijd en een mindere bladkwaliteit tot gevolg. Conclusie Met de mix van verschillende energiezuinige strategieën tijdens de verschillende teelten zou op jaarbasis nog geen fossielvrije chrysantenteelt kunnen worden behaald. Hiervoor komt de teelt exclusief stomen nog 6,5 m3 /m2 .jaar aan aardgasequivalenten tekort. Weerbaarheid bodem en gewas Van de plagen is alleen luis een probleem geweest, waarvoor soms chemisch moest worden ingegrepen. De overige plagen waren met behulp van biologische bestrijders, voorzien van bankerplanten, en een intensieve scouting goed onder controle te houden. Voorafgaand aan de 1e teelt van dit onderzoek is de grond gestoomd. In alle teelten is gebruik gemaakt van middelen ter verhoging van de weerbaarheid van zowel de bodem als het gewas. In de vijf teelten van dit onderzoek zijn geen aantastingen door aaltjes en/of bodemziekten waargenomen. Echter de duur van het onderzoek was te kort om vast te kunnen stellen, of door een strategie van verhoging van de weerbaarheid een chrysantenteelt in de grond zonder stomen mogelijk is. Financiering en coördinatie Dit project is uitgevoerd door Delphy Improvement Centre en WUR Glastuinbouw en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, het innovatie- en actieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK), Chrysant NL, Ludvig Svensson, Signify, Dümmen Orange, Dekker Chrysanten, Royal van Zanten en Floritec. Het project is intensief gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 09-09-2025

Energie als balans voor weerbaarheid

Auteur: Conny Vervoort

Het doel is om ruim 80% te besparen ten opzichte van de praktijk, waarbij gestreefd wordt naar een totale gas-input van 2 m 3 /m 2 . Om de lichtbenuttingsefficiëntie te verhogen, wordt gestreefd naar een zo constant mogelijke lichtsom van 23 mol/m 2 /dag en een etmaal temperatuur van 22 – 23 °C. Effect minder fluctuaties klimaat Om ervoor te zorgen dat de kastemperaturen en de lichtsommen niet te hoog oplopen, wordt er gebruik gemaakt van een coating op het kasdek (ReduFuse IR). Op momenten dat de instraling > 2100 Joules en de buitentemperaturen rond de 30 °C uitkomen, wordt er aanvullend spuitkrijt aangebracht om de hoge temperaturen en hoge instraling te weren. Op donkere dagen wordt bijbelicht met rode LED belichting om de 23 mol/m 2 /dag zoveel mogelijk na te streven. Deze contante lichtsom maakt het mogelijk om een constante productie na te streven, met een constante dunstrategie. De verwachting is dat op deze manier een weerbaardere plant verkregen wordt, omdat de stress door grote fluctuaties in klimaat verminderd worden. Effect verschillende substraten Daarnaast wordt het effect van verschillende substraten op de plantontwikkeling en weerbaarheid in kaart gebracht. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van nieuwe steenwolmatten, hergebruikte steenwolmatten en een organisch substraat van Lensli. Door intensief te scouten en de inzet van (preventieve) biologische bestrijding wordt gestreefd naar een 100% groene teelt. Tussen substraten zijn slecht minimale verschillen waarneembaar, waarbij een wat meer vegetatieve groei wordt waargenomen op het organische substraat. Resultaten op halverwege proef De huidige resultaten laten zien dat de productiecijfers in lijn zijn met de verwachting. De gemiddelde lichtbenuttingsefficiëntie over de productieweken ligt momenteel op 22,4 g/mol (terwijl 17 g/mol meer gangbaar is voor een zomerteelt komkommer). Tot op heden is de gewasgezondheid goed (op af en toe een stipje meeldauw en wat luisdruk na). Het onderzoek is nu op de helft en loopt tot en met week 40. Financiering Dit project wordt uitgevoerd door Botany en gefinancierd door het Innovatiefonds Hagelunie, Interpolis en Kennis in je Kas, in het kader van het programma Kas als Energiebron. Kas als Energiebron is een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. De proef wordt begeleid door telers. Daarnaast dragen ook de gewascoöperatie komkommer, Mertens, Wireless Value, Ridder, Eurofins, Grodan, Enza Zaden, Koppert, Gardin, Yookr, Lumiforte, Lensli en ProJoules bij aan dit project.

Geplaatst op: 22-08-2025

Energie als balans voor weerbaarheid

Doel en relevantie praktijk Het realiseren van een energie- en lichtefficiënte, weerbare en chemievrije komkommerteelt gedurende de zomer in een proefkas van 260 m2. Er zal daarbij aandacht zijn voor een vijftal subonderwerpen die allemaal met elkaar verweven zijn: Energiebesparing, verhogen van de lichtbenuttingsefficiëntie gedurende een zomerteelt, streven naar de optimale sink-source balans, plantweerbaarheid, irrigatie en bodemleven. Dit geeft telers handvatten om een energiezuinige en weerbare teelt te realiseren. Projectbeschrijving De glastuinbouwsector streeft naar een fossielvrije, klimaat-neutrale teelt in 2040. Doordat veel chemie komt te vervallen door strengere regelgeving ambieert de sector om in 2030 te telen met een biologisch ecosysteem zonder emissie van gewasbeschermingsmiddelen. Deze ambities vereisen innovaties die het energieverbruik verminderen, met behoud van productie en die bijdragen aan een weerbaar teeltsysteem zonder inzet van chemie. In een proefkas bij Botany BV vindt een praktijkgericht onderzoek plaats met een geïntegreerde aanpak tussen zowel energiebesparing en het creëren van een weerbaar teeltsysteem. De bevindingen zijn op korte termijn en breed toepasbaar, in zowel hightech- als lowtech-teelten van opgaande gewassen, zoals komkommer, tomaat en paprika. Energiebesparing Met inzet van actieve luchtontvochtiging, intensief schermen en een efficiëntere energie-inzet kan naar verwachting, tijdens een zomerteelt, met name in het voor- en najaar, een energiereductie van 15 m3/m2 naar 2 m3/m2 tot stand komen. (87% besparing t.o.v. praktijk). Actieve luchtontvochtiging draagt bij aan afvoer van overtollig vocht en optimalisatie van het verticale temperatuurprofiel. Coaten van het kasdek voor de wering van instraling is een goed alternatief voor schermen. Daarnaast wordt een coatingsplan ingezet. Chemievrij Om een chemievrije teelt te realiseren wordt een stabiel kasklimaat gecreëerd. Daarnaast spelen preventieve biologische gewasbescherming, intensief scouten en een verbeterde plantweerbaarheid via een gereduceerde stikstofgift een rol. De relatie tussen plantweerbaarheid (lagere gevoeligheid voor ziekten/plagen), bodemleven (door bodemlevenanalyses) en het (her)gebruik van (organische) substraten wordt verder in kaart gebracht. Financiering en coördinatie Het totaalbudget voor dit onderzoek is € 232.066 waarvan: 115.959 van Kas als Energiebron; € 104.046,- in cash van Innovatiefonds Hagelunie; € 500 – 1000,- in cash van de gewascoöperatie komkommer; € 11.561,- in kind van toeleveranciers. Dit project wordt gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef wordt begeleid door telers. Projectnummer: 25101

Van 01-04-2025 tot 31-01-2026
Lopend

Succesvolle bijeenkomst Haal meer energie uit weerbaarheid

Auteur: Liesbeth Nijs

Maarten Vliex, directeur van Botany opende de middag, waarna Ruud Paauwe, directeur van Glastuinbouw Nederland inzoomde op de nationale en Europese ontwikkelingen op het gebied van plantgezondheid en de noodzaak van de sector om te blijven innoveren. Liesbeth Nijs van Glastuinbouw Nederland, Frank Huijs van Botany, Herman Hermans van Innocrop en Frank Hoeberichts van Eurofins presenteerden de resultaten uit de pilot Weerbare komkommerteelt. In deze demonstratieteelt is een gezonde komkommerteelt gerealiseerd door een systeemaanpak met: maximale (preventieve) inzet van groene middelen en biologische bestrijders, intensief scouten en aangepaste voeding op basis van plantbalans, op steenwol en op organische substraten. Na de pauze presenteerden Maarten Vliex van Botany en Govert Trouwborst van PlantLighting de resultaten van de belichte winterteelt van Kas als Energiebron en plannen voor het komend seizoen. Om meer energie te besparen is ontvochtiging, maar vooral het optimaliseren van de verdamping noodzakelijk. Tijdens de paneldiscussie gaven Ted Claessen van Vereijken Kwekerijen, Edwin Bornkamp van Enza zaden, Silke Hemming van WUR, Frank Hoeberichts van Eurofins en Annemiek Canjels van Provincie Limburg een inkijkje hoe zij, ieder vanuit zijn of haar expertise, omgaan met de uitdagingen op het gebied van plantgezondheid en energiebesparing. Blijven innoveren en samenwerken was ook hun boodschap aan de zaal. De bijeenkomst werd mede mogelijk gemaakt door de innovatieprogramma’s Kas als Energiebron en Het Nieuwe Doen in Plantgezondheid. De presentaties zijn hieronder te bekijken.

Geplaatst op: 15-11-2024

Eindrapport Chrysant zonder stomen

Auteur: Marrah Pfister

De behandelingen hadden niet altijd een eenduidig resultaat maar toch kunnen de volgende conclusies worden getrokken: Er zijn indicaties dat een verhoging van het percentage blauwe LED verlichting tijdens de bewortelingsfase de weerbaarheid tegen Pythium verhoogd door een versterkt wortelstelsel. Direct steken in de grond gaf een verhoging van Verticillium infectie en wordt daarom afgeraden. Daarnaast zijn er indicaties dat een andere perspotsamenstelling kan bijdragen aan de weerbaarheid tegen Pythium. Dit project is uitgevoerd door Wageningen UR en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is intensief gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 25-09-2024

Een weerbare stap vooruit naar een fossielvrije paprikateelt

Auteur: Joke Vreugdenhil

Door de hoge isolatie van de kas met gebruik van drie doeken en actieve ontvochtiging met warmte terugwinning is de energie-input erg laag geweest. Vanaf week 12 t/m week 41 is de kasverwarming volledig ingevuld met de terugwonnen warmte van de actieve ontvochtiging. De ontvochtiging heeft vooral in de nacht en vroege ochtend gedraaid bij gesloten doeken ramen. Het systeem is ingezet om het klimaat, en specifiek de luchtvochtigheid, onder gesloten doeken en ramen optimaal te sturen voor het gewas. Na zon onder mocht de kas afkoelen. Hier is de ontvochtiging ook ingezet door de naverwarming van het systeem terug te schakelen. t/m week 41 zijn er 16.3 m³/m² gasequivalenten gebruikt voor de teelt. 12.1 m³/m² voor buiswarmte en 4.2 m³/m² aan warmte voor het ontvochtigingssysteem. Daarbij is er 16.9 m³/m² aan gasequivalenten geoogst, maar dit kan zonder lange termijn warmte opslag niet altijd nuttig gebruikt worden. Het netto energiegebruik tot en met week 12 was daardoor 5.5m³/m². Wel is extra elektriciteit nodig voor dit systeem. Hoeveel precies wordt nog berekend. Vitaliteit Opvallend was ook de vitaliteit van het gewas en het lage uitvalspercentage. Op de proef van 1000m² zijn slechts drie planten uitgevallen. Ook is het gewas nog opvallend groen in de laatste weken van de teelt (ook onderin het gewas) en de wortelkwaliteit is over de hele teelt goed. Deze goede gewaskwaliteit brengt vragen naar boven over de rol van het kasklimaat in relatie tot de gewasgezondheid. Middels de inzet van ontvochtiging wordt het gewas meer gestimuleerd om te verdampen en zouden mogelijk ook minder kritische momenten in de substraat zijn (bijvoorbeeld te nat). Op basis van deze proef kunnen we hier geen conclusies aan verbinden, maar feit blijft dat er met weinig energie een gezond en productief gewas is gerealiseerd. In een toekomstig weerbaar teeltconcept zal ook klimaat een belangrijke rol spelen, waarover nu nog veel onbekendheden zijn. Plaagdruk De plaagdruk is ook laag geweest. De ramen waren afgegaasd om luis buiten te houden. Dit is tot het eind van de zomer gelukt. Ondanks dat de luizen zich snel door de kas verspreiden, bleef het aantal luizen per plant laag waardoor er geen problemen zijn geweest met honingdauw. Bij de start van de teelt is er P14 (lieveheersbeestje) uitgezet in combinatie met bankerplanten en deze is teruggevonden bij de luizen. Ook is er gewerkt met sluipwespen en galmuggen. Vooral van de sluipwespen is veel activiteit gezien. Om geen risico te nemen is er wel chemisch ingegrepen. Zoals gezegd hangen de laatste vruchten nog aan de plant maar met een opbrengst van tot nu toe 31 kg/m², een planting halverwege januari en een lage energie-input. Deze proef biedt daarom veel aanknopingspunten voor verdere energiebesparing in de paprikateelt. Het project wordt uitgevoerd door Delphy Improvement Centre en is gefinancierd door het programma Kas als Energiebron, het innovatie- en actieprogramma vanuit het ministerie LNV en Glastuinbouw Nederland. Daarnaast leveren de gewascoöperatie paprika, Rijk Zwaan, de Ruiter Syngenta, Cultilene en Ludvig Svensson een bijdrage. Voor vragen kunt u terecht bij Bas Oudshoorn, onderzoeker bij Delphy Improvement Centre.

Geplaatst op: 08-11-2023

Goede resultaten onderzoek ‘Paprika weerbaar richting fossielvrij’

Auteur: Bas Oudshoorn (Delphy Improvement Centre)

De kasafdeling is uitgerust met drie energiebesparende doeken (twee keer Luxous 1147 en een keer hoogisolerend aluminiumdoek). Er wordt geen gebruik gemaakt van een minimum buis en de etmaal temperaturen zijn lager dan voorheen ‘normaal’ was. Het streven was om maximaal 10m 3 /m 2 aan gas-equivalenten te gebruiken tijdens dit project. De overgebleven benodigde energie moet op een duurzame manier worden opgewekt. Dit wordt gedaan door middel van actieve ontvochtiging, waarbij latente warmte uit de kaslucht wordt gewonnen. Energie oogsten Latente warmte is de hoeveelheid energie die nodig is om een stof een faseovergang te doen ondergaan, bijvoorbeeld water naar waterdamp. Een plant heeft dus energie nodig om water te verdampen. Deze is afkomstig van de zon (straling) en de luchttemperatuur als deze hoger is dan de planttemperatuur (convectie). De energie die nodig is voor de faseovergang blijft aanwezig in de waterdamp en komt weer vrij bij condensatie. Door de condensatie gecontroleerd te laten plaatsvinden door middel van actieve ontvochtiging, kan de energie worden geoogst, opgeslagen en weer worden ingezet met behulp van een warmtepomp bij warmtevraag in de kas. Ontvochtigingsgrens In de eerste weken van de teelt is de actieve ontvochtiging niet ingezet. Er was in deze periode geen energie overschot in de kas om te oogsten. Enerzijds kwam dit door de lage verdampingscapaciteit van het kleine gewas. Anderzijds door de geringe energie-input van de zon. Zeven weken na de start is de ontvochtiging voor het eerst ingezet (week 7) en vanaf week 12 was de energie-input gelijk of lager dan de hoeveelheid geoogste energie uit de ontvochtiging. Uiteraard mag de energieoogst niet ten koste gaan van het gewas. Daarom wordt er vooral ’s nacht en in de ochtend ontvochtigd. Tijdens de nacht mag het VD zakken tot 1.5 gr/m 3 . Onder deze grens wordt de ontvochtiging aangeschakeld. Richting zon-op stijgt de ontvochtigingsgrens van 1.5 naar 3.5 gr/m 3 met als doel verdamping te stimuleren. Energie-input De laatste weken zien we dat de ontvochtiging uitschakelt wanneer de ramen openen om de kas te koelen. Op zonnige dagen is dit een aantal uur na zon-op en op bewolkte dagen soms pas rond het middaguur. Bij veel instraling wordt er hierdoor minder energie geoogst, maar is er ook minder energie-input nodig voor het verwarmingssysteem. Op bewolkte dagen is er meer energie-input nodig, maar kan er ook meer worden geoogst. Op deze dagen zien we ook dat de doeken gesloten kunnen blijven ten opzichte van de praktijk, zonder dat het vocht te hoog oploopt. Hierdoor is de kas beter geïsoleerd en wordt energie bespaard. Voldoende mogelijkheden De afgelopen maand ligt de hoeveelheid teruggewonnen energie drie maal hoger dan de energie-input. Het streven om onder de 10m 3 /m 2 aan gas-equivalenten te blijven is niet gehaald. Momenteel is er 12.6m 3 /m 2 gebruikt, maar we zien nog voldoende mogelijkheden om meer energie te besparen in de eerste weken van de teelt. De hoeveelheid geoogste energie ligt op 10, 6m 3 /m 2 . De netto energie-input ligt daarmee op 2 m 3 /m 2 en deze blijft zakken. Om dit in de praktijk te realiseren is het wel nodig om over een langetermijnopslag te beschikken. Voor meer informatie kan contact worden opgenomen met Bas Oudshoorn . Voor paprikatelers is er ook een mogelijkheid om aan te sluiten bij de BCO die wekelijks bij elkaar komt. Dit wordt zeer gewaardeerd. Neem daarover contact op met Joke Vreugdenhil , netwerkcoördinator Paprika bij Glastuinbouw Nederland. Het project wordt uitgevoerd door Delphy Improvement Centre en is gefinancierd door het programma Kas als Energiebron, het innovatie- en actieprogramma vanuit het ministerie van LNV en Glastuinbouw Nederland. Daarnaast leveren de gewascoöperatie Paprika, Rijk Zwaan, De Ruiter Syngenta, Cultilene en Ludvig Svensson een bijdrage.

Geplaatst op: 16-08-2023

Is een stoomvrije chrysant mogelijk?

Auteur: Aron Boerefijn

De kennissessies hadden vooral als doel om samen met chrysantentelers en veredelaars input te verzamelen voor kansen en knelpunten om door verbeterde weerbaarheid en perskluitkwaliteit de teelt stoomvrij te maken. Chris Blok (onderzoeker bij Wageningen Universiteit & Research) presenteerde daarin de strategie en activiteiten. Nieuwe kansrijke onderzoekstappen Het beeld is dat door middel van LED-belichting de weerbaarheid is te sturen en dat door een verbeterde perskluit problemen met wortelknobbelaaltje, trips, Fusarium en Pythium zijn aan te pakken. Hiermee zou mogelijk de teelt van chrysant stoomvrij kunnen worden gemaakt, wat nu veel aardgas kost. Wel zijn er nog vragen die moeten worden beantwoord. De daarop volgende discussie met de telers en veredelaars was levendig, met bijdragen van alle partijen en gericht op het vinden van nieuwe en potentieel kansrijke onderzoekstappen. Nu wordt een onderzoeksvoorstel verder uitgewerkt en ingediend bij het programma Kas als Energiebron. Bekijk de presentatie van de kennissessie in de bijlage.

Geplaatst op: 10-09-2020