Zoeken

Resultaat 1 tot 9 van 9.

Maurice en Robert Reus: ‘Complete verduurzaming, van waterstof naar batterij’

Auteur: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)

Het startte allemaal met koelcellen die vervangen moesten worden De broers Maurice en Robert Reus hebben in 2020 het familiebedrijf overgenomen van hun vader en oom. Toen hun koelcellen aan vervanging toe waren, zagen ze dit als een kans. "We zijn eigenlijk verdergegaan naar verduurzaming", vertelt Robert. "We hadden al gehoord van warmtepompen die andere bedrijven hadden geplaatst. Zo konden we gelijk alles in één keer aanpakken." Dat leidde uiteindelijk tot complete verduurzaming van het bedrijf. Ambitieus plan met warmtepomp en waterstof Vanaf eind april tot en met juni is de energievraag op het bedrijf erg laag. Maar juist in de zomer en in de winterperiode gebruikt het bedrijf veel energie. De broers wilden zonne-energie omzetten in waterstof en dit opslaan. Met die waterstof kunnen ze stroom maken als de elektriciteitsvraag hoog is. Bij dat omzettingsproces komt veel warmte vrij, die wilden ze benutten. Daarom hebben ze gekozen voor een combinatie van warmte-koudeopslag en een warmtepomp. "Daarmee konden we warmte weer terugwinnen", vertelt Robert. MEI-subsidie De adviseur van de broers, Kees van Poortvliet, wees hen vrij snel op de MEI-subsidie. Dit vroegen ze in 2023 aan bij RVO. Deze subsidie is voor telers die willen investeren in innovatieve kas- of energiesystemen die de CO2-uitstoot verminderen. Onverwacht hogere kosten Tijdens de uitvoering van het plan liepen ze tegen een probleem aan. "De waterstofinstallaties werden veel duurder dan verwacht," vertelt Maurice. Ze namen contact op met RVO. "We hebben open kaart gespeeld", zegt Robert. Nesad Smailbegović, programma-adviseur bij RVO, begeleidde het proces: "We hadden regelmatig contact. Het doel was om samen een oplossing te vinden." Ook Glastuinbouw Nederland dacht mee in het zoeken naar een oplossing. Nesad van RVO benadrukt dat elke wijziging aan bepaalde eisen moet voldoen. "Het ging niet over zomaar een wijziging. Deze toepassing moest nog steeds in aanmerking komen voor de MEI-subsidie." Robert en Maurice waren blij met de samenwerking: "We hadden bij RVO de mensen met een goede insteek aan tafel. Alleen ga je sneller, samen kom je verder." Van het gas af met hulp van een accu Die oplossing kwam er. Een batterij met warmteterugwinning kwam op de markt. "Dat was technisch voortschrijdend inzicht", zegt Maurice. De waterstofcomponent werd vervangen door een batterijsysteem. Na overleg met het ministerie kregen ze groen licht. Het systeem wordt in mei 2026 geïnstalleerd. Het project draait nu volledig op hernieuwbare energie. "We zijn van het gas af", vertelt Robert trots. "Onze koelcellen zijn energiezuiniger. De warme lucht gaat nu niet meer de lucht in, maar naar de kassen". Verwachte resultaten Robert legt uit wat er concreet is veranderd door overstappen naar dit systeem: "Het laatste jaar voor de installatie verbruikten wij ongeveer 360.000 m3 gas. In 2025 was dit nog maar 24.000 m3. De bedrijfskantine en woonhuizen zitten nog wel op het gas en de ketel houden we enkel nog op temperatuur als back-up. Wat ook fijn is en wat voor veel rust zorgt, is dat we nu niet meer te maken hebben met de onrust in de wereld. Voordat we begonnen met dit systeem zorgde de oorlog in Oekraïne voor een gigantische prijsstijging in gas. Wij hadden geen vast contract en dan ben je overgeleverd aan de marktwerking in de wereld. En ook nu is er weer heel veel aan de hand in de wereld. Daarnaast was er al sprake van een belastingverhoging en het afschaven van belastingvoordeel voor de glastuinbouw op gas. Met dit systeem hebben we de regie weer een stukje meer in eigen handen." Wat kunnen collega's leren van dit proces? RVO-adviseur Nesad waardeert de transparantie van Maurice en Robert: "Elk gesprek was open en constructief, met duidelijke afspraken." De kennis van bedrijfsprocessen hielp ook. "Als je snapt wat er op zo'n bedrijf gebeurt, kun je meedenken aan oplossingen." Kees, subsidie-adviseur van de twee broers, vult aan: "Wees eerlijk en transparant. Rapporteer tijdig. Dan kun je heel ver komen." Voor andere ondernemers hebben Robert en Maurice een duidelijke tip: "Neem een adviseur. Die neemt veel werk uit handen. En wees eerlijk en meld op tijd problemen. Er is kennis en betrokkenheid bij RVO. Ook hielp de begeleiding van Glastuinbouw Nederland. Zo kun je vooroplopen met nieuwe technieken. Zonder inhoudelijke en financiële ondersteuning wordt voor ons het risico te groot en kan je als sector niet verder." Meer weten over de MEI-subsidie? Ben je van plan om te investeren in innovatieve systemen die de CO2-uitstoot verminderen? Kijk dan of je gebruik kunt maken van de subsidie Marktintroductie energie-innovaties glastuinbouw (MEI) .

Geplaatst op: 21-04-2026

Eindrapport: Met Low-ε naar een fossielvrije onbelichte (aubergine)teelt

Auteur: Frank Kempkes, Monique Bijlaard en Marcel Raaphorst (allen Wageningen University & Research), Brigit den Bakker en Stijn Jochems (beiden Delphy Improvement Centre)

Waarom dit onderzoek? In de glastuinbouw is isolatie één van de krachtigste hefbomen voor energiebesparing. Schermen worden al breed toegepast, maar verdere isolatie via het kasdek biedt extra potentie. Met low-ε glas wordt warmtestraling terug de kas in gereflecteerd, waardoor warmteverlies afneemt zonder het licht volledig te blokkeren. Telers wilden weten: werkt dit ook op grotere schaal en wat doet het met klimaat en productie? Wat is onderzocht? In een kas van 1.000 m² werd een volledige aubergineteelt uitgevoerd onder low-ε AR-glas (Geysir), met insectengaas, drie schermen en actieve ontvochtiging. De resultaten werden vergeleken met een praktijkbedrijf met een standaard kas. Belangrijkste resultaten Na correctie voor een fout in het kasdek in de winter en het relatief grote geveloppervlak bleek het concept technisch zeer krachtig: Het fossiele warmtegebruik kwam onder de doelstelling van 100 kWh/m² uit Ten opzichte van het praktijkbedrijf werd meer dan 20% warmte bespaard De low-ε coating zorgde voor circa 12% minder warmtevraag In combinatie met warmteterugwinning en een warmtepomp is een bijna fossielvrije teelt technisch haalbaar De productie lag in deze proef 19% lager dan bij het referentiebedrijf, vooral door bloemabortie en tijdelijke onbalans in het gewas. Later in het seizoen herstelde de productie zich. Dat laat zien: het energiesysteem werkt, maar verdere optimalisatie van teeltstrategie, lichtbenutting en CO2-sturing is nodig om ook economisch maximaal te presteren. Vervolg Op basis van deze resultaten loopt in 2025 een vervolgproject met paprika onder low-ε glas, waarin productie, klimaat en energiegebruik verder worden geoptimaliseerd en vergeleken met low-ε schermen. Financiering en coördinatie Dit project is uitgevoerd door Wageningen University & Research en Delphy Improvement Centre en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is begeleid door telers.

Geplaatst op: 15-01-2026

Eindrapport: Mogelijkheden voor seizoensopslag van warmte

Auteur: Dennis Medema

Voor twee gesimuleerde teeltsystemen berekende WUR het benodigde volume voor seizoensopslag. Daarbij ging het om een onbelichte tomatenkas met een low-kasdek voor energiebesparing en een potanthurium kas met LED-belichting. Er zijn veel bedrijven die aan oplossingen werken voor warmteopslag. Voorbeelden zijn op zand gebaseerde opslag van voelbare warmte en opslag op basis van ijzerpoeder. Veel van deze oplossingen zijn volgens WUR echter bedoeld voor toepassing in de industrie, waarbij de bedrijfstemperaturen relatief hoog zijn of ze zijn ontworpen voor woningen, waar de warmtebelasting en daarmee de ontworpen opslagvolumes veel lager zijn dan nodig voor kassen.

Geplaatst op: 14-10-2024

PCM kan grote bijdrage leveren aan energiebesparing in glastuinbouw

Auteur: Dennis Medema

Kasintegratie PCM heeft in potentie een grote bijdrage aan energiebesparing in de glastuinbouw. Doordat het warmteoverschot overdag en de warmtevraag in de nacht worden beperkt zijn met name warme kasteelten met een lage DIF interessant. De bijpassende teelten zijn vruchtgroenten (tomaat, paprika, komkommer, aubergine) en warme sierteelt (chrysant, anthurium, phalaenopsis). Bij een extra focus op verwarming en koeling bij de gevels, is dit voor vrijwel elk gewas interessant, zelfs voor de aardbei. Aan de randen van de kas zijn standaard namelijk de extreemste klimaatomstandigheden, waardoor als bijkomend voordeel hittestress en koudeschade kan worden voorkomen. PCM heeft als voordeel dat het ook warmte opslaat en 's nachts weer afgeeft. Voor een hogere energiebesparing van PCM is ook een grotere installatie nodig. Dit is op verschillende manieren mogelijk, maar voor de meeste teelten met hoge lichtbehoefte dient de installatie hierop afgestemd te worden, zodat de plant optimaal kan groeien zonder ongewenst lichtverlies. Vervolgstap in praktijk Na deze kwalitatieve analyse dient het gebruik en de besparing van PCM nog wel geverifieerd te worden in een kastest, en wordt aanbevolen de invloed van PCM op het kasklimaat te monitoren en vergelijken met een conventionele teelt zonder PCM. Als pilotgewas is komkommer interessant vanwege de potentie en relatief snelle teeltduur, waarbij het effect ook in meerdere seizoenen onderzocht kan worden. Daarnaast is anthurium een interessante teelt met een korte teeltduur (vergeleken met de phalaenopsis). PCM biedt veel potentie voor de glastuinbouw in het voorjaar, de zomer, en de herfst. Waar in het voor- en najaar vaak een warmtevraag is, is er in de zomer een koelvraag waarbij PCM kan zorgen voor een betere CO₂-benutting. Ook in belichte teelten heeft het potentie, daar is ook vaker op etmaalbasis een warmteoverschot (in de belichte nacht en overdag bij veel intensief schermen) vergeleken met een onbelichte teelt. Het is een interessant systeem dat ervoor zorgt dat er minder energie nodig is, waarbij de teler minder last heeft van prijsschommelingen van gas en elektriciteit. Lees het eindrapport onderaan dit artikel. Het onderzoek naar PCM is gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is intensief gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 22-08-2024

Low-e bij Led belichting

Doel Het doel van dit project is het energiegebruik verminderen voor verwarming in een LED-belichte (sier)teelt met in totaal 50%. De toepassing van een low-e coating op het kasdek is daarbij nieuw. Hierbij is er 20-25% minder warmteverlies door het kasdek. Projectbeschrijving Het ideale kasdek combineert een zeer hoge transmissie met een zeer hoge isolatiewaarde zodat energieverliezen worden geminimaliseerd. In de twee jaren dat ervaring is opgedaan met Low-ε glas met tomaat en aubergine (beiden onbelicht) is al getoond dat een forse besparing (meer dan 20% op warmte) goed mogelijk is. In combinatie met ontvochtiging en warmteterugwinning zien we dat de warmtevraag bij onbelichte maar energiebehoeftige gewassen richting de 10 m3/m2 ae kan gaan. Daar waar in de onbelichte teelten door de kleine gewasomvang in de wintermaanden de oogst van latente warmte vrijwel nihil is, is juist in een belichte teelt veel latente warmte te oogsten, wat de balans tussen warmtevraag en warmteoogst dichterbij kan brengen of zelfs tot een warmteoverschot kan leiden. Een aantal bedrijven zijn versneld overgeschakeld naar full-LED belichting en tegelijkertijd is er over de hele linie met minder warmte input geteeld. Dat heeft geleid tot kwaliteitsproblemen, die kunnen veroorzaakt zijn door relatief koude plantorganen. De verwachting bestaat dat Low-ε glas een verhoogde glastemperatuur bezit waardoor de uitstraling van het gewas verlaagd wordt en een positief effect op dit soort problematiek kan hebben. Projectnummer: 23020

Van 01-10-2023 tot 01-12-2025
Lopend

De Perfecte Chrysant: elk seizoen is weer anders

Auteur: Arie de Gelder (WUR)

Dit is ook al gemeld in een nieuwsitem op 12 juli over het monitoringsonderzoek rond insectengaas en werd in de bijeenkomst op 19 oktober bevestigd. Het werd niet te warm, of te droog, of te vochtig. Insectengaas met verneveling is door de iets hogere luchtvochtigheid overdag, die op ca 70% RV te handhaven is, waarschijnlijk gunstig voor de groei. End of Day Het gebruik van verrood 20 μmol.m⁻².s⁻¹ gedurende dertig minuten aan het begin van de donkerperiode (End of Day-EOD) gaf iets meer strekking van de steel, maar verder geen voordeel in de vorm van een teeltversnelling. Nu is steelstrekking in de zomer bij chrysant geen probleem en heeft de EOD weinig toegevoegde waarde. In de teelt die geplant werd in week 34 is de intensiteit van de EOD behandeling verlaagd naar 10 μmol.m⁻².s⁻¹ en de duur verkort tot twintig minuten. Met weinig verrood licht van korte duur wordt het effect al bereikt. In de herfstteelt zien we een klein effect op de reactietijd van één dag versnelling bij enkele cultivars en een betere bladkwaliteit onder in het gewas. De betere bladkwaliteit onder in het gewas is te verklaren uit iets meer strekking van de steel vlak boven de bodem waardoor er meer luchtbeweging rond de onderste bladeren mogelijk is. Belichtingsstrategie De toepassing van EOD verrood is in het vervolg van De Perfecte Chrysant geen onderzoekpunt meer. In de winter gaan we het toepassen, maar in de zomer laten we het weg. Voor de komende winter gaan we ons richten op het effect van een belichtingsstrategie die rekening houdt met de prijs van de elektriciteit. Daarvoor gaan we de intensiteit in de loop van de dag en de week variëren. Dat vergelijken we met een strategie waarbij dezelfde lichtsom per periode – lange dag en per week van de kortedag - wordt gegeven met een constante lichtintensiteit. Daarmee spelen we in op de vraag vanuit de praktijk naar het effect van een dynamische belichtingsstrategie bij een gemiddeld lagere intensiteit. Dat is een aanpassing van de teeltwijze waarbij we goed rekening houden met de ontwikkeling in de praktijk. Daar is de tendens van steeds intensiever belichten door de energiekosten omgekeerd naar een efficiënte en effectieve, kosten besparende strategie. En zo is het elk seizoen en elk jaar weer anders om tot een Perfecte Chrysant te komen.

Geplaatst op: 07-11-2022

Gerbera in Kas2030 verloopt redelijk goed: fossielvrij en emissiearm

Auteur: Arie de Gelder (WUR)

Teelt en productie In het voorjaar kon de verhouding temperatuur-licht lang op de gewenste streeflijn worden gehouden. De streeflijn voor de temperatuurregeling in ToControl op de ISII is in de zomer naar een lagere basistemperatuur van 13.6 o C gezet met 0.41°C/Mol PAR verhoging. In de zomer is geen LED-verlichting gebruikt en kon de basis FCG tabel voor etmaaltemperatuur worden nagestreefd. De daglengte is in stappen verkort naar nu tien uur om meer generativiteit te krijgen. De komende winter willen de onderzoekers, door te sturen met daglengte en temperatuur, proberen de productie wat meer geconcentreerd te krijgen rond Kerstmis, Valentijnsdag en andere feestdagen. De productie in de eerste drie kwartalen is: 490 stuks Rich en 683 stuks Kimsey per m² met een constante kwaliteit. In september kwamen, na de hittegolf van begin augustus, weinig nieuwe knoppen door en is de plantbelasting gedaald naar 22 stuks/m 2 bij Rich en 30 bij Kimsey. Verwacht wordt dat dit wel weer gaat herstellen. De bloemdiameter en steellengte zijn goed gebleven en ook de bladstrekking is voldoende. In juli zijn de oude afgestorven bladeren onder de teeltgoten verwijderd. Energie en klimaat De inzet van elektriciteit voor belichting op jaarbasis (september 2019-augustus 2020) is 113 kWh/m² geweest. Dit is lager dan de vooraf opgestelde prognose. Voor warmte en vochtbeheersing is 74 kWh warmte in de buizen (8.4 m 3 ) en 42 kWh warmte in de LBK gegaan, alles per m 2 . Het grootste gedeelte van de warmte die in de LBK gaat, is nodig om de tot onder het dauwpunt afgekoelde kaslucht weer op de kasluchttemperatuur te brengen. Deze warmte wordt grotendeels weer teruggewonnen uit de latente warmte die bij het ontvochtigen vrijkomt. Alleen is daar wel elektriciteit voor de warmtepomp voor nodig, ca. 10 kWh/m 2 . De klimaatsturing met doeken, buizen, actieve ontvochtiging, verneveling en LED is goed verlopen. De luchtvochtigheid kan goed worden gestuurd. Water en nutriënten Er is met volledige recirculatie van drainwater geteeld. Dit is op een enkele technische storing na goed verlopen. De bemesting is vrij stabiel te houden. Er is geen ophoping van Na + in het water. De N gift – 7 mmol/liter – en drainwaardes zijn lager dan het normale advies. Gewasgezondheid Een leerzaam deel van het project is de biologische gewasbescherming. In gerbera komen veel plagen voor. In Kas2030 zijn Californische trips, kas wittevlieg en tabaks wittevlieg, luis (meerdere soorten), spint, echinotrips, mineervlieg en Turkse mot waargenomen. De eerste zes plaaginsecten zijn met verschillende predatoren goed onder controle gehouden. Ze komen wel voor maar in beperkte mate en de predatoren doen hun werk effectief. Dat is niet het geval bij de Turkse mot. Deze is eind augustus in het gewas gekomen en heeft snel een populatie ontwikkeld, die niet goed biologische bestreden kon worden, omdat de kweek van experimentele biologische bestrijders niet goed loopt. Er is door de rupsen veel schade aan vooral Rich aangericht. In tweede helft september is chemisch ingegrepen met Nocturn en Dipel. Dit verstoort in enige mate het evenwicht bij de andere plaaginsecten, zodat herintroductie van biologische bestrijders nodig is. Een tweede factor, die de biologische bestrijding van plagen beïnvloedt, is de bestrijding van meeldauw. Daarvoor moet toch met enige regelmaat chemisch worden ingegrepen, ondanks het inzetten van een beperkte mate van zwavelverdampers. De meeldauw komt pleksgewijs terug vanuit het hart van de planten, daar waar de zwavel niet goed kan komen, en verspreidt zich dan door het gewas. Ook voor meeldauw geldt dat Rich meer wordt aangetast dan Kimsey. Telers die vragen hebben over het onderzoek, kunnen altijd contact opnemen met de uitvoerders van WUR: Frank Kempkes, Ada Leman, Jim van Ruijven en Arie de Gelder.

Geplaatst op: 20-10-2020

Fossielloze en duurzame Demokas demonstraties 2020

Vanuit de LNV klimaatenveloppe 2018 voor Kas als Energiebron zijn bij WUR in Bleiswijk vier fossielvrije demo kassen gebouwd. Deze kassen zijn ingericht met als doel emissieloze teelten te demonstreren t.a.v. CO2, water en nutriënten en maximaal biologische gewasbescherming. De insteek is om all electric met groene stroom de kas van warmte te voorzien en te belichten. In de kassen met diffuus glas wordt het groeilicht gegeven met full LED. Het telen met full LED heeft ook consequenties voor de plantgezondheid en de aanpak van biologische gewasbescherming. In april 2019 is gestart met de teelten potanthurium, fresia, aardbei en gerbera. Nadrukkelijk is gekozen het zwaartepunt in sierteelt gewassen te leggen omdat in voorgaande demo projecten (VenlowEnergy, 2SaveEnergy en winterlichtkas meer aandacht was voor groentegewassen.Dit project is een vervolg daarop. Doel Demonstratie van fossielvrije en emissieloze teelten met 4 gewassen: gerbera, potanthurium, fresia, aardbei. Telers kunnen nu al hun voordeel doen met onderdelen van de kennis die ontwikkeld wordt zonder al volledig over te schakelen op fossielvrije en emissieloze teeltwijze. Aanpak De fossielvrije verwarming van de kassen is ontworpen op winning van kaswarmte uit ontvochtiging en eventueel kaskoeling. Alle gewassen worden belicht met full LED. De specifieke aspecten per teelt zijn: Gerbera : Naast het reguliere telen worden ook simulaties in flexibel stroom aanbod gedemonstreerd door het tijdelijk afschakelen van de belichting en de gevolgen daarvan te monitoren. Door te belichten met 200 µmol wordt de teelt geïntensiveerd. Hiermee wordt een vlakker seizoensprofiel nagestreefd in zowel productie en kwaliteit als warmteverbruik. Dankzij de mechanische ontvochtiging (latente kaswarmtewinning) kan er maximaal geïsoleerd worden met de energieschermen. Tevens kunnen de installaties ingezet worden om de voor de kwaliteit van gerbera tot nu toe gewenste lage etmaaltemperaturen te realiseren. De biologische gewasbescherming wordt ingezet volgens het “standing army” principe. De werkelijke groei wordt gerelateerd aan het groeimodel gerbera om afwijkingen vast te stellen t.o.v. de planning. De Crop Observer wordt ingezet om stress momenten te herkennen. In verband met het 100% recirculeren van water wordt het natrium gehalte gemonitord. Indien nodig kunnen maatregelen voor het verwijderen van natrium worden overwogen. Potanthurium: Voortbordurend op het project Grip op Licht wordt in de potanthurium meer licht toegelaten dan in de praktijk. Hier wordt zowel toetreding van meer zonnewarmte (energiebesparing) als teeltversnelling mee beoogd. Hieraan is onlosmakelijk vochtverneveling verbonden met een goede monitoring op de huidmondjesopening en het voorkomen van lichtschade. Er wordt geteeld zonder krijt maar met een schaduwscherm. De toepassing van goed isolerende schermen en temperatuurintegratie, waarbij de grenzen van temperatuur tolerantie van het gewas maximaal worden benut, helpen om tijdelijke periodes met hoge buitentemperaturen of juist weinig warmteaanbod door bijv. hoge elektraprijzen te overbruggen. Hoge temperatuurfluctuaties hoeven voor het gewas geen probleem te betekenen indien de weekgemiddelden binnen de opgestelde streefwaarde uitkomen. Ook voor potanthurium is het plan om in 2020 de gewasbescherming pro actief aan te pakken. In 2019 is er schade ontstaan aan de planten door een te grote plaagdruk. De watervoorziening en bemesting vinden plaats in een gesloten cyclus. De nul-emissie is bij dit gewas nog niet in gevaar gekomen. Aandachtspunten bij de volgende teelt zullen zijn het natrium gehalte, het oplopende zoutgehalte bovenin de pot bij watergift onderdoor en het toevoegen van weerbaarheids bevorderende middelen aan de potgrond. Fresia: Het teeltconcept dat bij de fossielvrije fresia teelt gevolgd wordt is sterk afwijkend van de huidige praktijk. Ondanks dat de fresia een lage warmtebehoefte kent zijn grote stappen mogelijk door de inzet van een warmtepomp en ontvochtiging (of kaswarmtewinning). Met de ontvochtiging als stuurinstrument voor het RV in de kas kan veel intensiever geïsoleerd worden als het buiten koud is. Toepassing van het relatief koude full LED maakt intensivering mogelijk. Fresia wordt in de praktijk in de grond geteeld. Een teeltsysteem los van de grond brengt emissieloos telen qua water en nutriënten dichterbij en scheelt bovendien in warmtebehoefte door beperking van de verdamping van vocht uit de grond. Verneveling moet de efficiency van het te gebruiken licht en CO2 verbeteren. Met het teeltsysteem los van de grond zijn in 2019 onverwachte problemen opgetreden die voor 2020 getackeld moeten worden. Ook t.a.v. plantgezondheid ligt er een reeks aan uitdagingen om op te lossen (zie het projectplan). Een belangrijk deel van de CO2 emissie in de huidige Fresia teelt is gekoppeld aan het ontsmetten d.m.v. stomen. Het teeltsysteem los van de grond (kleikorrels en zandbed) moet mogelijk ook ontsmet worden, met name als er, zoals in 2019, besmet uitgangsmateriaal ingezet wordt. Gedacht wordt aan ontsmetting met ozon, magnetron, waterstofperoxide of biologische ontsmetting. Aardbei: In de demonstratie van fossielvrije aardbeiteelt wordt de stap gezet naar een jaarrond teelt op basis van doordragerrassen. Met hijsbare goten is de ruimtebenutting hoger dan de praktijk. Dit functioneerde goed in 2019. De biologische gewasbescherming was eveneens succesvol. Wel is er tipburn opgetreden wat in 2020 extra aandacht zal krijgen om tegen te gaan. In het lichtspectrum van de LED lampen is verrood toegevoegd waarmee de korte dag en de winterrust periode beïnvloed kan worden. Om het fossielvrije karakter te simuleren wordt de piekvraag warmte gemaximeerd en via temperatuurintegratie geprobeerd negatieve gevolgen te voorkomen. Net als bij de andere demoteelten is er een uitgebreid teelt- en gewasmonitorings meetprogramma (zie het projectplan). Binnen het pakket plantgezondheid zal het weerbaar telen met behulp van supplementen toegepast worden. T.a.v. 100% water hergebruik is de monitoring van Na en Si van belang. Projectnummer: 20139

Van 01-01-2020 tot 31-12-2020
Lopend

Begeleiden en monitoren energie-innovaties in de praktijk

Dit project betreft begeleiding en monitoring op praktijkbedrijven die geïnvesteerd hebben in nieuwe technieken voor energiebesparing en/of toepassing van hernieuwbare energie. Doel is zowel de ondernemer te ondersteunen bij het leren omgaan met de nieuwe technologie (vooral ten aanzien van de teelttechniek) als een objectieve monitoring om verbeteringen en aanpassingen voor vervolg ontwikkelingen te bevorderen en om duidelijke informatie ten behoeve van volgers (collega-telers) te kunnen presenteren. Naast technische monitoring is er aandacht voor het bepalen van weerbaarheid van gewassen tegen ziekten en plagen en het monitoren van ziektedruk in een gewas. Deze analyses zijn van belang om de relatie tussen het toepassen van maatregelen uit HNT en plantgezondheid en plantweerbaarheid zichtbaar te maken. Onbekendheid met die gevolgen is een belangrijke drempel voor telers om HNT toe te passen in de praktijk. Jaarlijks worden de te monitoren installaties/bedrijven geselecteerd. Naast het technisch en plantkundig volgen van de bedrijven, is kennis delen een belangrijk onderdeel van dit project. Er zullen meerdere bijeenkomsten op de bedrijven worden georganiseerd. Voor 2018 ligt de focus op: inzet van koeling (hybride) belichting ventilatoren daglichtkas sensornetwerk Voor 2019 op: Full LED belichting (tomaten) Daglichtkas (phalaenopsis) Meerdere luchtafvoer/ontvochtigingsinstallaties Gebruik van een uitgebreid sensor-netwerk in de klimaatregeling. Monitoring energiebalans en kwaliteit bij Alstroemeria Monitoring klimaat ongelijkheid op praktijkbedrijf Chrysant Voor 2020 is voorzien: Actieve ontvochtiging in gerbera en bij andere gewassen. Het gaat hierbij om toepassingen met apparatuur zoals de Dry Gair of vergelijkbare technologie voor actieve ontvochtiging van het kasklimaat. Hiermee kan intensiever geschermd worden en hoeft de minimum buis minder vaak te worden ingezet. Het betreft voortzetting van de in 2019 gestarte monitoring en uitbreiding naar andere gewassen dan gerbera. Monitoring energiebalans in alstroemeria. Een groep alstroemeria telers is actief aan de gang om intensiever te schermen dan in het verleden gebruikelijk was. Het beperken van de uitstraling is daarbij een belangrijk uitgangspunt, mede met het oog op het voorkomen van streepjes en vlekken in het blad. Met dit onderwerp was al gestart in 2019 maar door problemen met de thermoview camera heeft het project vertraging opgelopen en is continuering in 2020 gewenst. Tevens wordt de analyse uitgebreid naar het onderzoeken van de rol van schadelijke stoffen bij het optreden van het verschijnsel. Monitoring klimaat ongelijkheid praktijkbedrijf chrysant. Deze monitoring is ondersteunend bedoeld voor het onderzoek de Perfecte Chrysant (DPC). In een proefafdeling is slechts één gewasstadium van chrysant aanwezig, terwijl in de praktijk alle stadia binnen een afdeling voorkomen. Monitoring hybride LED toepassing in de chrysantenteelt. Op 5 praktijkbedrijven wordt al hybride LED belichting toegepast. Deze vijf bedrijven worden intensief onderling vergeleken. Kennisnetwerken en monitoring bedrijven. Er bestaan netwerken van bedrijven die vergelijkbare innovaties toepassen. Glastuinbouw Nederland begeleidt de onderlinge kennisuitwisseling en vanuit dit project wordt waar nodig ondersteund met verdieping of extra monitoring. Nog nader in te vullen monitoring op bedrijven die geïnvesteerd hebben in energie innovaties met gebruik van MEI subsidie. Mogelijke voorbeelden zijn: een nieuw type warmtepomp bij Phalaenopsis, LED bij de teelt van sla en een open buffer systeem. Voor 2021 staat de invulling welke bedrijven te monitoren staat nog niet vast, maar gedacht wordt aan: Toepassing in de praktijk rondom LED-belichting Mits zinvol, het monitoren van de toepassing van zonthermie Monitoren bij een vooraanstaande tomatenteler met nieuwbouw met toepassing van veel aspecten rondom duurzaamheid Monitoren van een teeltbedrijf die de principes van HNT volledig toepast Naast monitoring in de praktijk wordt in 2021 een overzicht gemaakt van alle innovaties van de afgelopen jaren met een beeld van de energievraag die rest voor verschillende gewassen/gewasgroepen om klimaatneutraal te werken. Daarbij wordt aangegeven of er nog een (teelt)technische energiemaatregel ingezet/ontwikkeld/toepasbaar moeten worden gemaakt, waarna vervolgens het restant duurzaam wordt ingevuld. Deze kennis zal worden verspreid door middel van presentaties, weblogs en vakbladartikelen. Ook zal kennisdeling worden opgezet in discussiegroepen over de innovaties / praktijkbedrijven. De verschillende systemen kunnen bijdragen aan de beheersing van het kasklimaat met betrekking tot de temperatuur- en vochtverdeling (gelijkheid) en ontvochtiging. Besparing op energie (warmte) is alleen te bereiken als intensiever wordt geïsoleerd met meer scherminstallaties (tweede beweegbaar doek), de schermen meer uren worden gebruikt en als minder gebruik wordt gemaakt van een minimum buis om gewasverdamping te bevorderen. Daarom kan de bereikte energiebesparing nooit 1-op-1 worden toegerekend aan de installaties. Dankzij de installaties durven ondernemers wel verder te gaan in het terugdringen van de minimum buis en in het meer sluiten van het energiescherm. De installaties voor ontvochtiging dragen vooral bij aan gelijkheid, doordat minder snel gebruik gemaakt hoeft te worden van schermkieren. Het is al langer bekend dat schermkieren een slechte invloed hebben op de klimaatgelijkheid. Zie de diverse berichten en rapporten hieronder. Projectnummer: 14913

Van 01-01-2013 tot 31-12-2020
Afgerond
  • 1