Zoeken

Filters
Verwijder alle filters
Resultaat 1 tot 10 van 153.

GreenControl

Doel en relevantie praktijk Klimaatsturing op basis van behoeften van de plant in plaats van een centrale klimaatbox. Sensoren en modellen geven inzicht in de prestaties van het gewas en in het microklimaat van de plant. Het doel is een efficiëntere en duurzamere kas, met als doel 25% energiebesparing en 35% kostenverlaging zonder verlies van gewasopbrengst. Projectbeschrijving Dankzij een combinatie van geavanceerde 3D-sensoren, klimaatmodellen en nieuwe meettechnieken worden fotosynthese en verdamping gemeten. De data worden gekoppeld aan een controlesysteem. Zo worden belichting, CO₂-dosering en luchtstromen afgestemd op de werkelijke behoeften van de plant en de fluctuaties in energieprijzen. Hierin wordt nauw samengewerkt met technologiebedrijven en leveranciers van sensoren, klimaatcomputers, veredelings- en kassenbouwtechnologie. Door beter inzicht in de interactie tussen planten en omgevingsfactoren kan de gewasgroei geoptimaliseerd worden bij een efficiënter energiegebruik en een stabieler kasklimaat. Er zijn vier werkpakketten: Ontwikkeling 3D Sensornetwerk Klimaatmodellering en Optimalisatie Meten van Gewasprestaties Plantgebaseerde Controlestrategie Financiering en coördinatie Het totaalbudget voor dit onderzoek is € 5,5 mio - waarvan € 3.865.000 door NWO (cash), € 415.000 door partners (cash); € 1.145.000 door partners (in kind) en € 75.000 Kas als Energiebron/KijK. Dit project wordt gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef wordt begeleid door telers. Projectnummer: E25002

Van 01-01-2026 tot 31-12-2030
Lopend

Masterclass voor tulpenbroeiers

Auteur: Robert Solleveld

PROGRAMMA In vier middagen komen de volgende sprekers en onderwerpen aan bod: Sander Hogewoning (PlantLighting) over telen in gesloten omgeving en luchtbeweging; Erik Bax (AAB-advies) over de toekomst van de energiemarkt en wat dit betekent voor telers; Nieves García (Wageningen UR) en Sylvester de Nooijer (Delphy) over verdamping. Hoeveel verdamping is minimaal nodig voor goede groei? Wat gebeurt er met de groei als de RV hoger wordt ingesteld? Onderzoekers Paul Ruigrok, Sjoerd van Vilsteren en Arca Kromwijk over de proeven met lelie en fresia, waarbij de principes van Het Nieuwe Telen zijn toegepast. Hoe kan deze ervaring vertaald worden naar de tulpenbroeierij? Verdieping van de kennis uit Het Nieuwe Telen (deze is in de cursus ‘Energiezuinig Tulpen Broeien al deels toegelicht). De startdatum van deze cursus is dinsdag 11 november van 12.30 uur tot 15.30 uur. De andere cursusmiddag vinden plaats op dinsdag 18 en 25 november en dinsdag 2 december. LOCATIE Wageningen UR, Delphy, PlantLighting wanneer daar iets van de proeven te zien is, anders omgeving Zwaagdijk. KOSTEN De kosten voor de cursus bedragen € 600,00 ex btw. Voor werknemers is Colland subsidie mogelijk. AANMELDEN Meld je aan via het aanmeldformulier . Aanmelden is verplicht en kan tot 4 november, 12.00 uur.

Geplaatst op: 21-10-2025

Toekomstbestendige gerberateelt zet in op weerbare teelt

Auteur: Mark Meijers

Pieter van der Lugt van Van Geest Plantenkwekerij, opende het programma en benadrukte het belang van samenwerking binnen de sector om gezamenlijk te werken aan een weerbare en toekomstbestendige teelt. Duurzame kas De eerste presentatie werd verzorgd door Jantineke Hofland (Weerbare Plant), die inging op de aanpak van Fusarium. Met praktische inzichten en onderzoeksresultaten liet zij zien hoe telers meer grip kunnen krijgen op deze hardnekkige infectieziekte. Haar verhaal maakte duidelijk dat een geïntegreerde aanpak, met aandacht voor bodemgezondheid en plantweerbaarheid, essentieel is. Vervolgens gaven Mark Hoogdalem en Frank Kempkes (Wageningen University & Research) een update over het project Kas 2030 Gerbera . Zij gaven een toekomstbeeld van een duurzame kas waarin energie-efficiëntie, klimaatbeheersing en teeltoptimalisatie hand in hand gaan. Hun presentatie bood concrete handvatten voor telers die willen investeren in innovatie. Integrated Pest Management Eva Leeman (NVWA) nam de deelnemers mee in de laatste ontwikkelingen binnen het IPM-project (Integrated Pest Management). Ze ging in op de veranderende wet- en regelgeving en de rol van monitoring en preventie in een duurzame gewasbescherming. Tot slot presenteerde Wouter Mooij (Mooij Gewasbescherming) de mogelijkheden van groene opkweek. Hij liet zien hoe biologische en geïntegreerde methoden bijdragen aan een gezonde start van de teelt, met minder afhankelijkheid van chemische middelen. Na het inhoudelijke programma kregen de deelnemers een rondleiding door de plantenkwekerij, waar innovaties in de praktijk te zien waren. De middag werd afgesloten met een hapje en een drankje, waarbij volop gelegenheid was om na te praten en ervaringen uit te wisselen. De bijeenkomst onderstreepte het belang van kennisdeling en innovatie binnen de gerberateelt. De gewascoöperatie kijkt terug op een geslaagde middag met praktische handvatten voor de toekomst.

Geplaatst op: 07-10-2025

Flinke vooruitgang geboekt met chrysanten telen op water

Auteur: Jan van Staalduinen

Het project Toekomstbestendig snijbloemen telen op water, verkent de mogelijkheden voor verduurzaming van (nu nog) grondgebonden snijbloementeelten. Telen in gesloten watersystemen elimineert de emissie van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen naar de bodem en het grondwater. Bovendien maakt het grondontsmetting via het energie-intensieve stomen geheel overbodig. Chrysant, Matricaria en Lisianthus zijn gekozen als voorbeeldgewassen. Goede teeltresultaten zijn een noodzakelijke randvoorwaarde voor acceptatie door- en opschaling in de praktijk. Geen geelverkleuring, goede groei De verkenning vindt plaats bij Vertify in Zwaagdijk en voor een deel via praktijkproeven bij telers. Dit jaar lag de nadruk bij Vertify op chrysant. Dit gewas kampte vorig jaar nog met geelverkleuring en een matige groei. Onderzoek naar de juiste klimaatomstandigheden heeft veel resultaat geboekt. “Met behulp van sensoren zijn we het gewas gaan monitoren”, zegt projectleider Jasper Schermer. “Door het onderzoek naar de klimaatomstandigheden, in combinatie met het sensorengebruik, hebben we het klimaat kunnen finetunen. Geelverkleuring is nu verleden tijd en de groei verloopt prima. De BCO-leden zijn behoorlijk onder de indruk. De huidige demoteelt staat volgende week in bloei, dus dat is een mooi moment voor chrysantentelers om de proef te bekijken. Dat kan tijdens de open dag op 31 oktober.” Via Glastuinbouw Nederland zijn alle leden van de gewascoöperatie al voor de open dag uitgenodigd. De rassen in de huidige demoteelt zijn Ilonka, Powaru en het nieuwe ras Altaj, dat ook op het bedrijf van referentieteler Jan van Paassen staat. Schermer teelt ook de standaardrassen Baltica en Chic, alsmede Kennedy en Pina Colada. Goede takopbouw, snelheid en bloemkwaliteit De onderzoeker rekent op veel belangstelling voor de proef. “Telen in de grond staat op gespannen voet met de emissie-eisen waaraan telers over enkele jaren moeten voldoen”, verklaart hij. “Bovendien kost het stomen veel energie en geld, terwijl er dan ook niet geteeld kan worden. Telen op water is wat dat betreft een lonkend perspectief, mits de productie en de takkwaliteit goed zijn. In dat opzicht hebben we dit jaar wezenlijk vooruitgang geboekt door verbetering van het kasklimaat. Telers zijn echt enthousiast over de takopbouw, het volle gewas en de teeltsnelheid. De bloemkwaliteit en het takgewicht doen ook niet onder voor die van de grondteelt. Het zou mooi zijn als we met dit belangrijke gewas volgend jaar de stap naar de praktijk kunnen zetten, zoals we vorig jaar deden met Matricaria.” Het project ‘Toekomstbestendig snijbloemen telen op water’ is uitgevoerd door Vertify, wordt gefinancierd door de gewascoöperaties Chrysant en Lisianthus, met co-financiering vanuit Deliflor en de programma’s Glastuinbouw Waterproof van Kennis in je Kas (KijK) en Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. De proef is gevolgd en begeleid door Deliflor en telers.

Geplaatst op: 31-10-2024

PCM kan grote bijdrage leveren aan energiebesparing in glastuinbouw

Auteur: Dennis Medema

Kasintegratie PCM heeft in potentie een grote bijdrage aan energiebesparing in de glastuinbouw. Doordat het warmteoverschot overdag en de warmtevraag in de nacht worden beperkt zijn met name warme kasteelten met een lage DIF interessant. De bijpassende teelten zijn vruchtgroenten (tomaat, paprika, komkommer, aubergine) en warme sierteelt (chrysant, anthurium, phalaenopsis). Bij een extra focus op verwarming en koeling bij de gevels, is dit voor vrijwel elk gewas interessant, zelfs voor de aardbei. Aan de randen van de kas zijn standaard namelijk de extreemste klimaatomstandigheden, waardoor als bijkomend voordeel hittestress en koudeschade kan worden voorkomen. PCM heeft als voordeel dat het ook warmte opslaat en 's nachts weer afgeeft. Voor een hogere energiebesparing van PCM is ook een grotere installatie nodig. Dit is op verschillende manieren mogelijk, maar voor de meeste teelten met hoge lichtbehoefte dient de installatie hierop afgestemd te worden, zodat de plant optimaal kan groeien zonder ongewenst lichtverlies. Vervolgstap in praktijk Na deze kwalitatieve analyse dient het gebruik en de besparing van PCM nog wel geverifieerd te worden in een kastest, en wordt aanbevolen de invloed van PCM op het kasklimaat te monitoren en vergelijken met een conventionele teelt zonder PCM. Als pilotgewas is komkommer interessant vanwege de potentie en relatief snelle teeltduur, waarbij het effect ook in meerdere seizoenen onderzocht kan worden. Daarnaast is anthurium een interessante teelt met een korte teeltduur (vergeleken met de phalaenopsis). PCM biedt veel potentie voor de glastuinbouw in het voorjaar, de zomer, en de herfst. Waar in het voor- en najaar vaak een warmtevraag is, is er in de zomer een koelvraag waarbij PCM kan zorgen voor een betere CO₂-benutting. Ook in belichte teelten heeft het potentie, daar is ook vaker op etmaalbasis een warmteoverschot (in de belichte nacht en overdag bij veel intensief schermen) vergeleken met een onbelichte teelt. Het is een interessant systeem dat ervoor zorgt dat er minder energie nodig is, waarbij de teler minder last heeft van prijsschommelingen van gas en elektriciteit. Lees het eindrapport onderaan dit artikel. Het onderzoek naar PCM is gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is intensief gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 22-08-2024

Kalanchoë toekomstbestendig met minimale energie en remmiddelen II: Controle over vocht en luchtbeweging

Doel Het doel van dit project is een demonstratieproef uitvoeren waarin met zo min mogelijk warmte-input, elektra en zonder gebruik van remmiddelen een goede kwaliteit Kalanchoë geteeld wordt. Projectbeschrijving Kalanchoë is na Phalaenopsis het belangrijkste product binnen het segment potplanten. Het is een jaarrond-teelt met belichting. Kalanchoë heeft een aantal bijzondere eigenschappen t.a.v. reactie op daglengte en ook dat het wisselt tussen CAM en C3 fotosynthese. In het voorgaande project wordt een energiezuinige teelt zonder gebruik van remmiddelen gedemonstreerd. Echter voldeden de planten, geteeld onder energiezuinige omstandigheden en zonder remmiddelen, helaas niet allemaal aan de gewenste kwaliteit. Dit project is een vervolg waarin het microklimaat op een energiezuinige manier gestuurd kan worden door actief te ontvochtigen en een nieuw teeltsysteem met verticale luchtbeweging. De eerste teelt valt in het najaar en is bedoeld om met het nieuwe teeltsysteem met verticale luchtbeweging te leren telen. In de daarop volgende winter-teelt wordt energiegebruik geminimaliseerd en is energiezuinig telen met behoud van kwaliteit de grootste uitdaging. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Het onderzoek bevestigt dat Kalanchoë goed kan groeien met een energiezuinige teeltstrategie op basis van full-LED-belichting en intensief schermen, maar dat remmiddelenvrije teelt alleen haalbaar is met compact groeiende cultivars. Verhoogde verdamping via verticale luchtbeweging leidde wel tot een droger microklimaat, maar had vrijwel geen effect op de plantvorm. Het verkorten van de opkweekfase gaf kleinere planten zonder kwaliteitswinst, terwijl veenvrij telen vergelijkbare resultaten opleverde als het standaard substraat. De bevindingen suggereren dat Kalanchoë mogelijk bij hogere luchtvochtigheid geteeld kan worden zonder kwaliteitsverlies, wat perspectief biedt voor verdere energiebesparing. Verdere studie is nodig om te bepalen wat de minimale benodigde gewasverdamping is voor gezonde groei. Projectnummer: 24007

Van 01-05-2024 tot 01-12-2025
Afgerond

Luchtbeweging is essentieel: horizontaal of verticaal?

Auteur: Jan Voogt

Vanouds deden we dat door inzet van een minimum buis, maar door onderzoek en praktijkervaring is inmiddels wel duidelijk dat ventilatoren veel effectiever en energiezuiniger zijn. En dan rijst altijd weer de vraag: wat is beter, horizontaal of verticaal? Horizontaal Veruit de meeste kassen zijn (nog) uitgerust met horizontale ventilatoren. De achterliggende gedachte was dat hiermee horizontale temperatuurverschillen worden opgeheven. Dat klinkt erg logisch, maar in de praktijk blijkt dat slechts zelden het geval. Uit rookproeven komt naar voren dat natuurlijke luchtstromingen, die temperatuurverschillen in de kas veroorzaken, meestal vele malen sterker zijn dan die van de ventilatoren. En bovendien blazen de ventilatoren altijd dezelfde kant uit, terwijl die natuurlijke luchtstromingen wisselend van alle kanten kunnen komen. Als je dan bovendien kunt uitrekenen dat bij de gangbare installaties het totale luchtvolume circa één keer per uur ‘door elkaar wordt geroerd’, dan mag je daar geen wonderen van verwachten. Dat is alsof je met een theelepeltje in een grote pan soep roert. Al vele jaren geleden is dat bevestigd door onderzoek met metingen en thermografische beelden (uitgevoerd door Westland Energie), maar vreemd genoeg is het heersende geloof in horizontaal recirculeren daardoor nauwelijks aan het wankelen gebracht. Verticaal In HNT-onderzoek is lang geleden de conclusie getrokken dat horizontale temperatuurverschillen niet efficiënt kunnen worden vereffend door ventilatoren, maar dat ze moeten worden voorkomen door het nemen van andere maatregelen, zoals een goed kasontwerp, gevelisolatie, tweezijdig luchten en het vermijden van schermkieren. Echter, tegelijk is gebleken dat ventilatoren wel een zeer belangrijke functie kunnen vervullen, namelijk het creëren van luchtbeweging tussen het gewas. Maar dan ligt het opeens veel meer voor de hand om niet horizontaal, maar juist verticaal te werken: Vocht moet worden getransporteerd naar het kasdek om het af te voeren door condensatie of ventilatie. Verticaal transport is dan veruit de kortste weg. Dit lijkt trouwens het meeste op de werking van de minimumbuis die immers ook door opstijgende warme lucht een verticale beweging veroorzaakt. Lucht die horizontaal wordt geblazen, wordt onderweg steeds vochtiger en eindigt bij de gevel. Waar blijft dat vocht dan? Lucht die horizontaal langs een kouder schermdoek wordt geblazen koelt af, wordt zwaarder en veroorzaakt koude plekken in het gewas. In geval van belichting wordt door verticale luchtbeweging de warmte van lampen effectief en egaal naar het gewas gebracht. Uit rookproeven blijkt dat in hoog opgaande gewassen vertikale luchtbeweging veel egaler verdeeld is dan in horizontale, omdat horizontale stromingen door het bladpakket worden afgeremd en dus niet ver doordringen. Feiten en gevoel Zoals bij meer onderdelen van Het Nieuwe Telen is er echter spanning tussen feiten en gevoel. Want ondanks de logica en aantoonbare voordelen van verticale luchtbeweging is er nog steeds een aanzienlijke groep tuinders en ook adviseurs en leveranciers die ‘meer gevoel hebben’ met de vertrouwde horizontale ventilatoren en ‘niets hebben’ met verticale luchtbeweging. Zelf heb ik inmiddels geleerd dat het weinig zin heeft om hierover verder in discussie te gaan. Natuurkundige wetmatigheden lenen zich nu eenmaal niet voor discussie en gevoel en feiten hebben een verschillende dimensie. Gelukkig zijn er steeds meer tuinders die wel open staan voor nieuwe inzichten en over hun oude gewoontes en gevoel durven heenstappen. Laatst hadden we in de cursusgroep een plantenkweker, die bevestigend verklaarde: “Bij ons zijn heel wat teeltproblemen verdwenen sinds we verticale ventilatoren hebben, wij zouden nooit meer zonder willen”. Meer informatie Natuurlijk zijn verticale ventilatoren geen ‘Haarlemmerolie’ waarmee alle problemen vanzelf worden opgelost. Het voorkomen van vochtproblemen bijvoorbeeld, vergt een geïntegreerde aanpak, waarbij de juiste aansturing van de gehele kasinstallatie in combinatie met de vochtbalans van de kas en het verticale temperatuurprofiel essentieel zijn, met name onder LED-belichting. Voor meer achtergrondinformatie over het nut van luchtbeweging zie het boek ‘ Plant Empowerment, de basisprincipes ’.

Geplaatst op: 22-05-2023

Masterclass HNT in Aardbei succesvol afgerond

Auteur: Henny van Gurp

Geplaatst op: 04-04-2023

Cursus energiezuinig tulpen broeien heeft impact op teeltwijze

Auteur: Jan van Staalduinen

De cursus ‘Energiezuinig tulpen broeien’ is vorig jaar met financiële steun van het programma Kas als Energiebron speciaal ontwikkeld voor deze specifieke groep telers. Hoeveel een strakke klimaatregeling in de tulpenbroeierij nooit erg hoog op de prioriteitenladder stond, zorgen twee ontwikkelingen voor extra vraag naar aanvullende kennis: de structureel hoge energieprijzen én het besef dat energiebesparing en meer grip op vochtbeheersing hand in hand kunnen gaan. Vochtbeheersing “Vochtbeheersing is in de broeierij het grote vraagstuk, temeer daar de klimaatverschillen tussen de kas en de buitenlucht buiten in het broeiseizoen vaak erg klein zijn”, schetst cursusleider Annemiek Bosma, die de eerste lichting cursisten in december jongstleden onder haar hoede nam. “Op de meeste bedrijven zijn wel één of twee schermen en een ventilatiesysteem aanwezig, maar veel broeiers weten niet precies hoe ze die optimaal kunnen laten samenwerken om efficiënt vocht af te voeren. Dat was voor iedere cursist feitelijk de belangrijkste vraag.” Verdamping en calcium Een tweede vraag waarmee broeiers worstelen, is hoeveel het gewas minimaal moet verdampen om actief te blijven. Die activiteit is vooral noodzakelijk om voldoende calcium op te kunnen nemen. Calciumgebrek kan bij tulpen tot bladkiep en glazigheid leiden. Bosma: “Wanneer het antwoord op die vraag bekend is, kunnen de broeiers scherper aan de wind zeilen en meer energie besparen. Duidelijkheid over grenswaarden helpt immers altijd. Het punt is dat dit vraagstuk voor tulpen nooit is onderzocht. Het lijkt mij goed om dat alsnog te organiseren, maar dat is aan de broeiers.” Aanpassen teeltplan De cursusleidster merkt op dat bladkiepgevoelige soorten en soorten die minder gevoelig zijn vaak in één afdeling staan. “Daarnaast is de bladkiepgevoeligheid niet in de hele teelt even groot”, vult zij aan. “Telers streven naar een klimaat dat bladkiep voorkomt en stemmen dat af op de meest gevoelige soorten in de meest gevoelige fase. Het extra energieverbruik van de hele kas moet je dan eigenlijk toerekenen aan die rassen, waardoor deze weleens heel erg duur kunnen zijn om te telen. Aanpassen van het sortiment én het creëren van verschillende klimaatafdelingen kan het energieverbruik ook verminderen.” Kierstrategie omgedraaid Cursist Frank de Boer, teeltmanager bij Mopabloem uit Rijsenhout, bevestigt dat hij graag concretere handvatten zoekt om calciumgebrek voor te blijven. Zijn schermstrategie is op grond van nieuw verworven inzichten al wat aangepast. “Ik was gewend om vocht af te voeren door een ruime kier in het scherm te trekken en de luchtramen aan de luwe zijde op een kleine kier te zetten”, licht hij toe. “Nu doen we het anders. Eén van de leerpunten was dat je het scherm beter zo lang mogelijk dicht kunt laten en boven het scherm juist ruimer moet luchten. Daardoor wordt de lucht in de nok droger en kun je bij een dicht scherm of een kleine schermkier toch effectief vocht kwijt uit de teeltruimte.” Een belangrijk voordeel is dat je daarmee een plotselinge kouval voorkomt op het gewas onder de schermkier. Dat is positief voor de uniformiteit van de tulpen, terwijl je de vochtbeheersing beter in de hand hebt. Of dat veel energie bespaart betwijfel ik, maar we voelen ons hier wel prettiger bij. En hopelijk blijft het gewas daardoor ook actiever, wat gunstig is voor de calciumopname. Dat is vooral belangrijk wanneer het buiten relatief warm is, zoals deze winter.” De Boer voert feitelijk twee strategieën, want één van de twee afdelingen heeft een actieve ontvochtigingsinstallatie. “Het lijkt wat op het Dry Gair-principe, maar het is een eigen ontwerp van onze lokale installateur”, licht hij toe. “In die afdeling kunnen we de schermen en luchtramen langer dicht laten, want de luchtbehandeling haalt veel vocht uit de kas. Daarbij verbruikt hij weliswaar elektriciteit, maar we houden meer warmte in de kas.” Nuttige opfriscursus Broeier Geert Laan (Laan Tulips) uit Avenhorn noemt de cursus een feest van herkenning. “Ik kon het allemaal prima volgen, maar merkte wel dat veel basiskennis was weggezakt. Goed om die weer eens op te frissen in vier lessen. Het balansdenken binnen Het Nieuwe Telen was voor mij nieuw, daar wil ik nog eens goed op inzoomen. Het toeval wil dat we ons scherm dit jaar gaan vervangen. Nu hangt er nog een zeer dicht vanwege de SON-T’s die er eerst hingen en vanwege Groen Label. De SON-T’s zijn al vervangen door LED’s. Waarschijnlijk kiezen we nu voor een iets minder dicht scherm, dat meer licht doorlaat en intensiever kan worden benut.” Laan zegt de schermkier te hebben teruggebracht van meer dan 5% naar minder dan 3%. “We ontvochtigen ook via luchtbehandeling in combinatie met een warmtepomp en warmte/koudeopslag. De gewasactiviteit is voor ons leidend. Ook wij zouden daarom graag willen weten wat het gewas minimaal moet verdampen om actief en gezond te blijven.” Tweede groep start in najaar Bosma zegt positieve feedback te hebben gekregen van de cursisten over de inhoud en het interactieve karakter van de cursus. Vanwege het enthousiasme en de verwachte belangstelling onder collega broeiers, wil Glastuinbouw Nederland in het najaar een tweede ronde organiseren. Enkele aanmeldingen hiervoor zijn al binnen. Geïnteresseerden kunnen zich melden bij regiocoördinator Wilbert Ammerlaan, wammerlaan@glastuinbouwnederland.nl .

Geplaatst op: 23-02-2023

Investeringsruimte nieuwe onderzochte schermconcepten hangt af van schermgebruik

Auteur: Gert-Jan Swinkels (WUR)

Bij een realistische waarde van 100 Euro/MWh en een terugverdientijd van 10 jaar zal de investeringsruimte liggen tussen ca. 27 euro/m² bij een PV-bedekking van 25% en ca. 62 euro/m² bij 100% bedekking, inclusief de kosten voor een uitgespaard 2e scherm. Voor minder zwaar geschermde teelten zal deze investeringsruimte evenredig minder zijn met het aantal schermuren. Klimaatneutraal De glastuinbouw wil met een volledig duurzame en economisch rendabele energievoorziening in 2050 klimaatneutraal zijn. In dat kader speelt de optimale benutting van zonne-energie een belangrijke rol. Het combineren van stroomproductie met voedselproductie (Agrivoltaics) wordt steeds vaker toegepast. Waar zonnepanelen boven akkerbouwgewassen een beschermde werking hebben tegen de weersinvloeden hebben zonnepanelen in of op een tuinbouwkas dit voordeel niet. Daar komt bij dat in de glastuinbouw de inkomsten per vierkante meter over het algemeen (veel) hoger zijn dan de inkomsten uit geproduceerde elektriciteit, zodat bij lichtminnende gewassen alleen gewasproductie meer rendeert dan de combinatie met PV. Voor schaduwgewassen kan de overtollige zonne-energie echter gebruikt worden zonder dat dit ten koste gaat van de gewasproductie. Dit is eerder in kasconcepten zoals de Daglichtkas uitgewerkt en opgeschaald naar de praktijk. Looptijden Waar de Daglichtkas uitgaat van concentrated PV en warmte-oogst, gaat het in dit rapport om PV-cellen geïntegreerd in een schaduwscherm. Hiervoor heeft consortiumpartner Verzuu Screen Development een innovatief schermsysteem ontwikkeld (DV systeem), bestaande uit een rolscherm dat naast op- en afrollen ook als 'eiland' heen en weer kan bewegen tussen twee spanten. Voordeel is onder andere dat met een bepaalde schermregeling een traploos schaduwpercentage kan worden gerealiseerd waardoor bespaard kan worden op een tweede scherm. Omdat deze regeling bestaat uit herhalende cycli van (volledig) op- en afrollen, zal het gewas afwisselend blootgesteld worden aan het volle daglicht en maximale schaduw krijgen maar zal de gemiddelde lichtverdeling over één cyclus wel homogeen zijn. Bij realistische looptijden kan de cyclustijd oplopen tot 40 minuten bij hoog geschermde teelten. Op de vraag in hoeverre dit bij schaduwgewassen tot problemen in de vorm van foto-inhibitie en bladschade leidt (of mogelijk voordelen) kan geen eenduidig antwoord gegeven worden maar het is niet uitgesloten dat dit de gemiddelde fotosynthesecapaciteit significant verlaagt. Klimaatomstandigheden Voor de integratie van de PV-cellen is een tweetal architecturen getest, waar bij de eerste architectuur de focus lag op flexibiliteit en dikte en bij de tweede op betrouwbaarheid en robuustheid. Door te werken met bypass diodes bleek een alternatieve architectuur mogelijk die bij op- en afrollen hogere opbrengsten geeft. De verwachting is dat een combinatie van de beide concepten tot zowel een flexibeler als een eenvoudiger produceerbaar PV-geïntegreerd scherm zal leiden. Uit metingen aan het functional model blijkt dat het cel rendement overeenkomt met de verwachte waarde en dat gedeeltelijke beschaduwing geen extra rendementsverlies tot gevolg heeft. Knelpunt is nog de flexibiliteit, omdat het ontwikkelde prototype PV scherm niet flexibel genoeg blijkt om op te kunnen rollen met een diameter die acceptabel is met betrekking tot lichtonderschepping. Wat betreft klimaatomstandigheden absorberen PV-cellen zoveel mogelijk licht waar een conventioneel schaduwscherm juist overtollig licht reflecteert. Ook kan PV in de open lucht beter afkoelen door uitstraling naar de hemel, terwijl dat in een kas veel minder lukt. De gesimuleerde temperatuurextremen lijken echter niet tot significant rendementsverlies te leiden in vergelijking tot conventioneel PV.

Geplaatst op: 15-06-2022