Zoeken

Filters
Verwijder alle filters
Resultaat 1 tot 10 van 98.

Eindrapport: zeer diffuus kasdek biedt kansen voor meer natuurlijk licht en minder energieverbruik

Auteur: Bram van Breugel, Guido van Stekelenburg, Nieves García Victoria (Wageningen University & Research)

Meer zonlicht benutten zonder lichtschade Veel siergewassen zijn gevoelig voor hoge lichtintensiteiten. Daarom wordt op zonnige dagen vaak geschermd, terwijl op andere momenten juist assimilatiebelichting nodig is om voldoende licht te geven. Dat kost energie. Eerder onderzoek liet al zien dat diffuus licht beter door het gewas wordt verdeeld en daardoor efficiënter wordt benut. In dit vervolgonderzoek is gekeken of een zeer diffuus kasdek (90% hortiscatter) nog meer voordelen biedt. Daarbij is onderzocht of lichtgevoelige gewassen meer natuurlijk zonlicht kunnen verdragen zonder kwaliteitsverlies. Hogere lichtniveaus blijken mogelijk De resultaten zijn veelbelovend. Bij zeer lichtgevoelige gewassen, zoals Phalaenopsis en Anthurium, bleef lichtschade beperkt, zelfs bij aanzienlijk hogere natuurlijke lichtniveaus dan in de huidige praktijk gebruikelijk zijn. Voor Phalaenopsis in de afkweek lijkt een verdubbeling van het toegestane natuurlijke lichtniveau haalbaar, mits het licht voldoende diffuus is. Dat biedt kansen om minder gebruik te maken van assimilatiebelichting. Bij een gelijkblijvende dagsom kan dit leiden tot een besparing van circa 47% op de elektriciteit voor belichting. Efficiënter omgaan met licht Het onderzoek laat bovendien zien dat planten onder een zeer diffuus kasdek het beschikbare licht efficiënter benutten. Bij Anthurium en Phalaenopsis werd een 16 tot 17% hogere lichtbenuttingsefficiëntie gemeten ten opzichte van een regulier diffuus kasdek. Ook bij minder lichtgevoelige potplanten werden positieve effecten gevonden. Onder het zeer diffuse licht groeiden de planten beter en produceerden potrozen zelfs 12% meer bloemen, terwijl zij gemiddeld minder licht ontvingen dan in de referentiesituatie. Waardevolle stap richting energiezuiniger telen De resultaten laten zien dat een zeer diffuus kasdek perspectief biedt om meer gebruik te maken van natuurlijk zonlicht, het energiegebruik voor assimilatiebelichting te verlagen én tegelijkertijd de productie op peil te houden of zelfs te verbeteren. Daarmee levert het onderzoek een waardevolle bijdrage aan een energiezuinigere en toekomstbestendige glastuinbouw. Financiering en coördinatie Dit project is uitgevoerd door Wageningen University & Research. Dit project is gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is begeleid door telers.

Geplaatst op: 14-07-2026

Gerbera modelgewas in proef met energiezuinig kasdek

Auteur: Mark Meijers

Twee afdelingen, drie rassen In twee kasafdelingen worden drie rotkopgevoelige Gerbera-rassen geteeld: Cava , Mindset en Love Me . Eén afdeling is uitgerust met Low-ε gecoat glas, de andere dient als referentieafdeling met standaard enkel glas. Beide afdelingen beschikken over LED-belichting, scherminstallaties en een actief ontvochtigingssysteem. De planten zijn verlengd opgekweekt zodat het effect van het kasdek al in de voorjaars- en zomerperiode zichtbaar wordt. Zo ontstaat voor de start van het belichtingsseizoen een volwaardig gewas, wat de resultaten praktijkgericht maakt. De grootste vraag vanuit de telers is naar het effect van het glas op de bloem temperatuur en kwaliteit, met name rotkoppen, maar ook bloemkleur en vorm, wat in de praktijk aan bloem afkoeling door uitstraling van warmte worden toegeschreven. Het nieuwe kasdek houdt juist deze uitstraling tegen. Hiermee wordt volgens de onderzoekers ook 20 – 25% op warmte bespaard. Actieve ontvochtiging en intensiever schermen levert nog eens 10 – 15% minder warmteverbruik op. Wat wordt gemeten? Tijdens de teelt, die loopt tot mei 2026, worden onder meer gewastemperatuur, bloemtemperatuur, klimaat, energieverbruik, CO₂-behoefte en gewasontwikkeling gemeten. Daarbij worden thermokoppels, LAT-sensoren en handmatige IR-metingen ingezet. De resultaten geven inzicht in de effectiviteit van Low-ε glas in een belichte sierteeltomgeving. Begeleiding en financiering De proef wordt begeleid door Eugenie Dings (Flori Consult Group), met ondersteuning van telers in de begeleidingscommissie. Coördinatie is in handen van Mark Meijers van Glastuinbouw Nederland. Deze proef is gefinancierd door het programma Kas Als Energiebron. Dit is het innovatie- en actieprogramma van Glastuinbouw Nederland en het ministerie van LVVN. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK).

Geplaatst op: 11-06-2025

Eindrapport: Energiegebruik bij low-chill aardbeien

Auteur: Frank Kempkes

Het hoofdras was Inspire, daarnaast waren er 4 goten met het ras Fandango. Het elektriciteitsverbruik voor de warmtepomp was 27.1 kWh/m². Warmteoverschot Bij het ontvochtigingsproces ontstond een warmteoverschot van 84.9 kWh/m² die voor de verwarming kon worden gebruikt. Daarnaast werd er via gas 54 kWh/m² (=6.1 m³/m²) voor de verwarming gebruikt. Deze was in de winter nodig omdat de warmtepomp, die door de ontvochtiging gedreven werd in de winter niet genoeg produceerde. In de zomer is dit tekort alsnog gewonnen uit de kas en in een aquifer opgeslagen. Daarmee had de kas all electric geklimatiseerd kunnen worden zonder dat daar aardgas voor nodig zou zijn geweest. Het warmtegebruik zou bij een glazen kasdek 3% hoger hebben gelegen dan bij het gehanteerde ETFE kasdek. In totaal is er 6.6 kg/m² CO₂ gedoseerd. Verdamping Met behulp van gegevens van de watergift, de drain en een weeggoot is de verdamping benaderd. De nachtverdamping is geschat op 25 g/m2 .uur. Inspire produceerde 10.7 kg/m² en Fandango produceerde 10.8 kg/m². Tot begin augustus zijn er nieuwe trossen aangelegd bij het ras Inspire, wat liet zien dat de verduistering in mei en eerste helft juni nog gezorgd heeft voor trosinductie. De vruchtmaat was erg goed in het voorjaar. In de zomer nam de vruchtmaat iets af. Vanaf juni vormde meeldauw een probleem, waardoor naast het gebruik van ‘groene’ middelen, ook regelmatig chemisch ingegrepen moest worden. Financiering Dit project is uitgevoerd door Wageningen University & Research en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is intensief gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 28-04-2025

Frank Kempkes: ‘Low-E-glas bespaart 20% warmte’

Auteur: Jan van Staalduinen

Er zijn in de afgelopen tien, twaalf jaar veel innovaties beproefd om het warmteverlies van kassen te reduceren, variërend van de dubbeldeks VenLow Energy kas en de 2SaveEnergy kas met glas-ETFE spouwdek, tot kassen bekleed met noppenfolie. De evolutie in schermen en schermgebruik levert ook aantrekkelijke besparingen op. Veel concepten isoleren uitstekend en maken ten opzichte van een standaardkas besparingen mogelijk tot wel 70% op de benodigde warmte-input. De meeste innovaties hebben echter ook beperkingen van technische of economische aard, wat een brede toepassing in de weg zit. Warmteuitstraling Een nieuwe ontwikkeling die in onderzoek én praktijk goed presteert en betaalbaar lijkt, betreft glas met warmte-emissie verlagende (Low-E) eigenschappen. Er wordt ook gewekt aan Low-E-schermen. Uitstraling van warmte van gewas naar scherm, van scherm naar dek en van dek naar de (heldere) hemel is een niet te onderschatten verliespost op de warmtebalans. Dit naast lekverliezen en convectieverliezen (warmteoverdracht van de kas naar de buitenlucht). Drie lange teeltproeven Glas met een Low-E-coating laat evenveel licht door als standaard tuinbouwglas zonder AR-coatings. Daarvoor is het glas wel aan één zijde voorzien van een AR-coating. De zijde met de Low-E-coating, heeft door de opbouw van de coating ook een AR effect. Glas van dit type (Geysir) is gebruikt in proeven bij Wageningen UR en bij Delphy IC, met een onbelichte tomatenteelt (2022) en twee onbelichte aubergineteelten (2023 en 2024). Deze proeven, gefinancierd door Kas als Energiebron, hebben veel waardevolle informatie opgeleverd over het besparingspotentieel van Low-E. 20% besparing bij gelijke productie Frank Kempkes: “De opdracht was om state-of-the art teelten te draaien onder Low-E-glas en deze te vergelijken met parallelle teelten in referentieafdelingen zonder Low-E-glas. Dat betekent: volgens de principes van Het Nieuwe Telen en met gebruik van de beschikbare, energie-efficiënte systemen voor verwarming en actieve ontvochtiging met AVS-C en warmtepompen, aangevuld met twee gangbare scherminstallaties.” In de drie proeven kwamen de oogstpatronen onder Low-E en standaardglas keurig overeen en ook de cumulatieve opbrengsten verschilden nauwelijks van elkaar. Dat gold wel voor het warmteverbruik, dat nauwkeurig is gemonitord en toegerekend aan de verschillende afdelingen. “Voor de afdelingen met Low-E-glas in het dek en de buitengevel was maar liefst 20% minder warmte nodig”, aldus Kempkes. “Dat verschil is volledig toe te schrijven aan de eigenschappen van het glas en komt overeen met de vooraf berekende verwachtingen. Het consistente beeld dat we telkens zagen, laat weinig twijfel bestaan over het potentieel van deze besparingsoptie.” Low-E schermen Omdat er aan Low-E-glas een stevig prijskaartje hangt, zal de praktische toepassing zich beperken tot nieuwbouwprojecten. In bestaande kassen zou een scherm met Low-E-eigenschappen het verlies van stralingswarmte kunnen beperken. Om de potentie daarvan te verkennen, is er in januari van dit jaar een nieuwe proef gestart met een paprikateelt. “Het is jammer dat we daar in dit stadium nog weinig over kunnen vertellen, maar zodra de resultaten bekend zijn, publiceren we die uiteraard”, zei de onderzoeker aan het einde van zijn verhaal. Details over de proeven en achtergronden zijn te vinden in de presentatie van deze workshop. Foto: Low-E-glas, proef Wageningen UR

Geplaatst op: 09-04-2025

Eindrapport: Lichtwinst met hydrofiele glascoatings

Auteur: Vida Mohammadkhani, Wageningen UR

In het onderzoek zijn drie soorten hydrofiele materialen getest: TiO2 coating van Full Boost, Hydrofiele coating van Lumiforte en zelfklevende hydrofiele folie van Fujifilm. Deze materialen zijn op helder glas aangebracht en getest in droge en natte condities. Zowel in het laboratorium als in de praktijk. Vergeleken met standaard glas blijkt een hydrofiele behandeling aan de binnenkant van het glas de transmissie van het kasdekmateriaal te verhogen. De Lumiforte coating heeft zeer goede hydrofiele eigenschappen. Lichtwinst is vooral gemeten onder natte omstandigheden, maar ook droge condities geven een kleine lichtwinst. De praktijkproef wijst uit dat glas behandeld met de Lumiforte coating, minstens een jaar goed presteert. De Fujifilm folie had geen voordelen in lichttransmissie onder droge condities maar wel onder natte condities. De diffuse hydrofiele coating van Full-Boost verminderde de lichttransmissie onder droge condities en liet onder natte condities een kleine lichtwinst zien. De conclusie is dat hydrofiele coatings de lichttransmissie onder natte condities verbeteren, met variabele prestaties, afhankelijk van het type behandeling. Financiering Dit project is uitgevoerd door Wageningen University & Research, Business Unit Glastuinbouw en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is gevolgd en begeleid door telers.

Geplaatst op: 01-04-2025

Eindrapport: Nieuw Glas op de Kas

Auteur: Gert-Jan Swinkels, Kshiti Mishra, Bram van Breugel, Silke Hemming

Een kasdek beschermt het gewas tegen weersinvloeden. Het draagt bij aan een een optimaal kasklimaat en moet energie- en kostenefficiënt zijn. Een kasdek moet bestand zijn tegen extreem weer, storm en hagel. Hoewel kunststof een meer logische oplossing lijkt voor een klimaat- en risicobestendige kas lijkt, geeft de sector vooralsnog de voorkeur aan glas. Zeker wanneer dit gehard is, beschikt glas over extreem goede eigenschappen en heeft vaak een langere levensduur dan de meeste kunststoffen. Verhogen lichttransmissie Om de lichttransmissie van het kasdekmateriaal te verhogen zijn de volgende technieken beschikbaar: low iron glas, antireflectie coatings, oppervlaktebehandelingen op basis van verschillende werkingsprincipes (nano,micro/macro) en hydrofiliteit. De diffusiteit van glas kan verhoogd worden te verhogen door structuren op glas aan te brengen of dit te etsen of zandstralen. De volgende technieken worden gebruikt voor hoog isolerende kasdekmaterialen: low-e coatings (beperken stralingsverlies), meerlaags (isolerende spouw), aerogels (verhoogde spouwisolatie). Het verhogen van de mechanische resistentie kan door het glas thermisch (standaard) of chemisch (dun glas) te harden of te lamineren, waardoor het niet uiteenvalt na schade. Nieuwe kasdekmaterialen Voor de Nederlandse glastuinbouw is een beperkt aantal ‘nieuwe’ materialen verkrijgbaar die concurrerend zijn in vergelijking met bestaande materialen. Daarnaast wordt door producenten en andere partijen zoals universiteiten en onderzoeksinstellingen voortdurend gewerkt aan nieuwe materialen die op de korte termijn ter beschikking komen of nog maar op lab schaal of in concept bestaan. Met betrekking tot de kostprijs moeten nieuwe materialen concurreren met relatief goedkope alternatieven zoals energie - en schaduwschermen en tijdelijke coatings. Thermische isolatie Wat betreft thermische isolatie hebben verschillende concepten zoals low-e coatings en meerlaags glas zich qua energiebesparing in onderzoeks- en demonstratieprojecten reeds bewezen. De weg naar de praktijk wordt soms bemoeilijkt door praktische problemen zoals vervuiling en het niet kunnen afvoeren van sneeuw bij meerlaags glas. Voor de toekomst biedt vacuümglas wellicht perspectief maar nader onderzoek is hier aan te bevelen. Op dit moment is de prijs van dergelijk glas te hoog voor de glastuinbouw. Met aerogels kan de isolatie van meerlaags glas verder verhogen en moeten dus meer als een lange -termijn oplossing worden gezien. Hoewel aerogels op zich hoog-transparant kunnen zijn, zorgt de combinatie met extra glaslagen niet voor een hogere transmissie dan andere meerlaags toepassingen. Er zijn vooralsnog geen kasdekmaterialen met aerogels op de markt. Innovaties uit andere industrieën Dun gehard glas is sterk en licht en maakt lichtgewicht meerlaags beglazing mogelijk maar heeft voor de lichtdoorlaat nauwelijks voordelen. De belangrijkste bottlenecks zijn voorlopig montage en beschikbare afmetingen, maar het is de verwachting dat de glastuinbouw kan meeliften op nieuwe ontwikkelingen in de bouwindustrie. Gelamineerd glas maakt de kas veiliger voor breukschade en in combinatie met dun glas kan op gewicht worden bespaard. Er is echter nog weinig bekend over de voor de tuinbouw relevante eigenschappen. Van adaptieve materialen blijft de PAR transmissie (ook bij volledig transparant) meestal ver achter ten opzichte van standaard glas waardoor deze vrijwel alleen in aanmerking komen voor (zwaar) geschermde teelten. Maar vooral door de nichemarkt en (blijvend) hoge kostprijs blijven deze materialen voorlopig ver buiten bereik van de glastuinbouw. Technisch gezien kan een kasdekmateriaal geoptimaliseerd worden voor een bepaalde eigenschap. De belangrijkste bottleneck hierbij is dat verbetering van één eigenschap vaak ook andere verslechtert. Zo neemt bij hoog-isolerende materialen in de regel de transparantie af en het gewicht toe. Een andere bottleneck is dat onderzoek zich veelal richt op gebouwen, de automotive industrie en elektronica waarbij de investeringsruimte gewoonlijk vele malen hoger ligt dan bij de glastuinbouw, zeker bij consumentenelektronica. Desondanks wordt de behoefte aan nieuwe kasdekmaterialen steeds sterker door de transitie naar hogere energie-efficiëntie onder extreme weersomstandigheden en zullen veelbelovende innovaties uit andere industrieën steeds opnieuw onderzocht moeten worden. Financiering Dit project is uitgevoerd door Wageningen University & Research en gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef is begeleid door telers.

Geplaatst op: 11-02-2025

Terugblik en presentaties workshop Kasdekmaterialen en schermen

Auteur: Liesanne Wieleman

De dag stond in het teken van vooruitstrevende oplossingen op het gebied van diffuus licht, Low-Ɛ glas, schermen en ontvochtiging. Nadat Dennis Medema van Glastuinbouw Nederland een update gaf over wat er speelt op energiegebied in de glastuinbouw, gingen verschillende sprekers in op de nieuwste materialen en technieken die bijdragen aan een duurzamere en efficiëntere teelt. Dit gaf waardevolle inzichten en praktische handvatten om de transitie naar een fossielvrije glastuinbouw te versnellen. Het enthousiasme en de interactie tijdens het evenement benadrukten ook het belang van samenwerking en innovatie binnen de sector. Nieuwe ontwikkelingen in kasdekmaterialen en schermen Silke Hemming trapte af met een overzicht van ontwikkelingen in kasdek- en schermmaterialen. Voorbeelden zoals antireflectieglas en nieuwe technieken om licht hoog-diffuus te maken, lieten de impact zien van meer licht en diffuusheid in de kas. Daarnaast kwamen innovaties aan bod zoals lage-emissiecoatings, anti-drip coatings en materialen die het zonlichtspectrum kunnen aanpassen. Deze technologieën bieden niet alleen meer lichtopbrengst, maar spelen ook een cruciale rol in energiebesparing. Het effect van diffuus licht op gewas en energieverbruik Guido van Stekelenburg ging dieper in op de voordelen van diffuus glas. Begrippen als hemisferische transmissie en Hortiscatter werden toegelicht, evenals hun meetmethoden en praktijkresultaten. Diffuus licht verbetert de lichtverdeling in de kas, wat kan leiden tot hogere productiviteit en energie-efficiëntie. Energiebesparing door Low- Ɛ glas Frank Kempkes besprak de werking van Low-Ɛ glas, dat energiebesparingen van 15-20% mogelijk maakt door stralingsverlies te verminderen. Dit type glas biedt niet alleen energiebesparing, maar behoudt ook een optimaal kasklimaat, wat essentieel is voor gewasgroei. Slim schermgebruik voor een fossielvrije toekomst Met de huidige hoge energieprijzen kwam ook het gebruik van schermen uitgebreid aan bod. Hemming benadrukte het belang van de juiste schermeigenschappen en -toepassing, zoals lucht- en vochtdoorlatendheid. Praktische inzichten werden gedeeld om telers te helpen bij hun transitie naar fossielvrije productie. Energiebesparing door ontvochtigen Feije de Zwart ging in op het belang van energiezuinige vochtbeheersing. Met technieken zoals luchten, schermkieren, ventilatoren, buitenluchtaanzuiging en actieve ontvochtiging met warmteterugwinning kunnen telers zowel vocht reguleren als energie besparen. Het perspectief op energiebesparing door deze methoden werd uitgebreid toegelicht. Kasenergiewijzer: een tool voor fossielvrije teelt Gert-Jan Swinkels presenteerde de Kasenergiewijzer, een nieuwe tool ontwikkeld in samenwerking met toeleveranciers. Deze tool maakt het mogelijk om de impact van technieken zoals LED-verlichting, ontvochtiging, schermen en duurzame energiebronnen te vergelijken. Met concrete voorbeelden werden de voordelen van een tweede scherm, de overstap naar LED en het gebruik van geothermie of WKO inzichtelijk gemaakt. Wil je de tool ook uitproberen? Dat kan via deze link. De presentaties van de sprekers zijn hieronder toegevoegd.

Geplaatst op: 20-11-2024

Low-ε glas en (LED)belichting FASE 2: teelt

Doel Het doel van dit project is het verminderen van energiegebruik voor verwarming in een LED-belichte (sier)teelt. Het bepalen van de performance van Low-ε glas voor een siergewas in combinatie met belichting, ontvochtiging en andere HNT-maatregelen. Projectbeschrijving De aanleiding voor dit project zijn goede ervaringen bij groentegewassen met Low-ε glas, een kasdek die een zeer hoge transmissie met een zeer hoge isolatiewaarde combineert, zodat energieverliezen worden geminimaliseerd. Met tomaat en aubergine (beiden onbelicht) is al aangetoond dat een forse besparing (meer dan 20% op warmte) goed mogelijk is. Het probleem dat ten grondslag ligt aan het project is blootgelegd door Fase 1 en een survey onder kassenbouwers en telers: het materiaal is bekend, maar onbemind. Dit komt door onbekendheid met de eigenschappen van het materiaal (effect op lichtransmissie en op warmte), maar de belangrijkste vragen liggen in de effecten op de teelt, vooral het effect op de bloem temperatuur en kwaliteit. Daarnaast zijn er economische vragen: wat zijn de kosten, wat levert het op? Deze vragen moeten beantwoord worden in dit project waarbij gerbera gebruikt wordt als modelgewas. Dit project gaat over een teeltvergelijking tussen twee kasafdelingen: één afdeling met een kasdek van normaal enkellaags float glas, en één afdeling met een kasdek van glas dat gecoat is met een lage emissie coating. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Projectnummer: 24023

Van 01-10-2024 tot 01-12-2026
Lopend

‘Interne zoektocht naar geschikte ‘smart materials’ voor tuinbouwsector’

Auteur: Ank van Lier

Het Smart Materials-project - dat wordt gecoördineerd door Wageningen University & Research en waarbij diverse bedrijven betrokken zijn - richt zich op de zoektocht naar materialen uit de hightechindustrie, die potentieel hebben voor de glastuinbouw. “Wij als Cultilene zien volop mogelijkheden op dit vlak en willen en kunnen hier ook een bijdrage aan leveren”, zegt Ralf Derksen, Innovations and Solutions Manager bij het bedrijf. “Vanuit de enorme potentie die ons moederbedrijf Saint-Gobain biedt, willen we een brug vormen om - naast substraat - ook andere potentiële innovaties te koppelen aan de tuinbouw.” Saint-Gobain is volgens Derksen vooral sterk in de ontwikkeling van producten en materialen voor de woning- en utiliteitsbouw. “Om meer inzicht te krijgen in de kansen van deze innovaties voor de tuinbouw participeren wij als Cultilene, maar ook collega’s van andere Saint-Gobain-dochterbedrijven, in het Smart Materials-project. Op die manier willen we onze collega’s inzicht geven in wat er speelt binnen de tuinbouw, zodat zij kunnen inschatten welke van ‘hun’ materialen mogelijk meerwaarde hebben voor de tuinbouw. En zij deze info ook kunnen meenemen in hun R&D-ontwikkeling. In die zin is dit project voor ons vooral ook een interne zoektocht en oriëntatieproject. Cultilene fungeert hierbij in feite als toegangspoort richting de tuinbouw, voor alle Saint-Gobain-bedrijven.” Kansrijke producten en materialen Derksen is heel duidelijk: concrete ‘smart materials’ vanuit de woning- en utiliteitsbouw, die kunnen worden toegepast in de tuinbouw, zijn op korte termijn nog niet te verwachten vanuit Saint-Gobain. “We zitten nog in de onderzoeksfase. Desondanks zijn er wel bepaalde producten en materialen die kansrijk zouden kunnen zijn en telers kunnen helpen de productie te verbeteren en energie te besparen. Dan denk ik met name aan bepaalde typen glas en plastic folies, die worden ingezet in de woning- en utiliteitsbouw.” De Innovations and Solutions Manager noemt concreet glas met een lage emissiecoating, de zogeheten Low E-coating. Deze wordt nu al toegepast in de bebouwde omgeving. “Deze coating zorgt ervoor dat veel minder energie verloren gaat via het glas en zou op die manier een bijdrage kunnen leveren aan de energietransitie waar de tuinbouw voor staat. Feit is echter ook dat de coating nu nog zorgt voor lichtverlies; iets dat in de tuinbouw vanzelfsprekend niet wenselijk is. Maar we gaan kijken of we het glas met deze coating, door verder te innoveren, wellicht geschikt kunnen maken voor de tuinbouw. Wat dit betreft staan we echter nog aan het begin.” Manipuleren van lichtspectrum Een ander product dat Saint-Gobain in het vizier heeft als mogelijk kansrijk voor de tuinbouw is een plastic folie, die het lichtspectrum manipuleert. “Deze folie is in staat om groen licht, waar de plant minder aan heeft, om te zetten naar rood licht. Dit is nuttig in de fotosynthese. De levensduur van een dergelijke folie is echter nog niet optimaal, en dat is wel een struikelblok voor inzet in de tuinbouw. Ook dat vergt dus verder onderzoek. Maar er zullen de komende jaren ongetwijfeld innovatieve kasdekmaterialen gaan komen uit de koker van Saint-Gobain. Zeker als het ‘interne balletje’ gaat rollen en ook andere dochterbedrijven actief gaan kijken welke Saint-Gobain-materialen potentie bieden voor de tuinbouwsector.” Het project ‘ Smart Materials for greenhouses ’ wordt gefinancierd vanuit de Topsector Tuinbouw en Uitgangsmaterialen en High Tech Systemen en Materialen.

Geplaatst op: 28-12-2023

Met Low-ε naar een fossielvrije onbelichte (aubergine)teelt

Doel Het doel van dit project is demonstratie van een fossielevrij toekomstbestendige onbelichte aubergineteelt. Dit door de toepassing van laag emissieglas samen met schermgebruik, ontvochtiging en teeltstrategie. Projectbeschrijving Verhoging van de isolatie via het kasdek via een laag-emissiecoating is een veelbelovende ontwikkeling. Dit glas combineert een zeer hoge transmissie met een zeer hoge isolatiewaarde zodat energieverliezen worden geminimaliseerd. Met eerdere proeven in tomaat en aubergine blijkt dat de voorspelde besparing op warmtevraag van 20% meer dan gehaald wordt. Het langzamer afkoelen van de kas als potentieel nadeel, waardoor in warme perioden hogere etmaaltemperaturen ontstaan, blijft in het algemeen binnen 0.3 á 0.4 °C en heeft in geen van de proeven tot nadelige gevolgen voor het gewas geleid. Vanwege schaaleffecten van onder andere temperatuur en interactie met insectengaas is het zinvol om het onderzoek op te schalen. Dat geven ook auberginetelers aan. Het onderzoek bestaat uit het aanpassen van het kas- en teeltconcept, evaluatie van het teeltconcept tegen een referentiesituatie uit de praktijk en kennisoverdracht. Dit project wordt gefinancierd door het ministerie van LNV. Sterke energiebesparing met low-ε glas De proef met aubergine onder low-ε glas, drie schermen en actieve ontvochtiging laat zien dat zeer vergaande energiebesparing technisch haalbaar is. Na correctie voor het verkeerd gemonteerde kasdek in de winter en het relatief grote geveloppervlak kwam het fossiele warmtegebruik uit op minder dan 100 kWh per m² (11,4 m³ gas). Daarmee werd de energiedoelstelling alsnog gehaald. Ten opzichte van het referentiebedrijf lag het warmtegebruik zelfs meer dan 20% lager. Simulaties tonen bovendien aan dat de low-ε coating op het glas zorgde voor circa 12% minder warmtevraag. Actieve ontvochtiging met warmteterugwinning speelde hierbij een belangrijke rol. Door de geoogste warmte opnieuw in te zetten, kon een groot deel van de warmtevraag elektrisch worden ingevuld. In combinatie met een warmtepomp en seizoensopslag (WKO) kan deze teelt in principe richting fossielvrij worden gebracht. Productie bleef tijdelijk achter De productie in de proefkas bleef 19% lager dan bij het praktijkbedrijf. Dat verschil ontstond vooral in het voorjaar door bloemabortie en een wisselende plantbelasting, waardoor het gewas uit balans raakte. Ook een lagere effectieve lichttransmissie en een minder gunstige CO2-concentratie speelden waarschijnlijk mee. Door gerichte teeltmaatregelen herstelde het gewas zich later in het seizoen en aan het einde van de teelt waren de producties vrijwel gelijkwaardig. CO₂-benutting vraagt aandacht Het CO2-gebruik kwam hoger uit dan gewenst. Op basis van metingen werd 26 kg per m² geregistreerd, terwijl berekeningen uitkwamen op 17 kg per m². Daarmee werd de doelstelling van 15 kg per m² net niet gehaald. Dit wijst erop dat de benutting van CO2 in de kas nog niet optimaal was en verdere optimalisatie nodig is. Wat laten de resultaten zien? De combinatie van low-ε glas, hoge isolatie en actieve ontvochtiging heeft een groot potentieel om de aubergineteelt structureel energiezuiniger te maken. De resultaten laten zien: De warmtevraag kan met meer dan 20% worden verlaagd 100 kWh per m² fossiele warmte is haalbaar in dit concept Low-ε glas draagt hier substantieel aan bij De grootste uitdaging ligt in het behouden van een stabiele, hoge productie Het project maakt duidelijk dat de techniek werkt, maar dat verdere verfijning van teeltstrategie, lichtbenutting, CO2-sturing en vochtregeling nodig is om energiezuinig telen ook economisch optimaal te laten zijn. Projectnummer: 23021

Van 01-11-2023 tot 01-12-2024
Afgerond