Zoeken

Filters
Verwijder alle filters
Categorie
Resultaat 1 tot 10 van 481.

Lagere luchtvochtigheid verbetert werking van huidmondjes bij chrysant

Auteur: Stefan van den Boogaart, Plant Lighting

In dit onderzoek staat de vraag centraal welke invloed de relatieve luchtvochtigheid (RV) heeft op de verdamping en het functioneren van de huidmondjes. Deze kleine openingen in het blad spelen een belangrijke rol bij de opname van CO₂ en de verdamping van de plant. Eerder onderzoek liet zien dat een langdurig hoge luchtvochtigheid kan leiden tot minder goed functionerende, ofwel 'luie', huidmondjes. In twee recente klimaatproeven is onderzocht of het tijdelijk verlagen van de luchtvochtigheid overdag of juist 's nachts dit kan voorkomen. Lagere RV stimuleert de verdamping In de eerste proef werd een continu hoge relatieve luchtvochtigheid van 95% vergeleken met een situatie waarbij de RV overdag werd verlaagd naar 79%. Dat had direct effect. De verdamping lag bij de lagere RV ongeveer 50% hoger: 1.400 tegenover 950 milliliter per vierkante meter per dag. Dit verschil ontstond volledig overdag; 's nachts werd geen verschil gemeten. In een tweede proef werd juist gekeken naar het effect van een lagere RV tijdens de nacht. Daarnaast is onderzocht of extra luchtbeweging bovenin en onderin het gewas de verdamping verder kan stimuleren. Bij een continu hoge RV zorgde extra luchtbeweging voor een beperkte toename van de verdamping. Relatief gezien betekende dit nog altijd een stijging van ongeveer 25%. Wanneer de RV werd verlaagd, nam de verdamping met ongeveer 35% toe. Daarbij bleek luchtbeweging onderin het gewas effectiever dan bovenin. Huidmondjes functioneren beter De belangrijkste conclusie uit beide proeven is dat zowel een lagere RV overdag als een lagere RV gedurende de nacht zorgt voor beter functionerende huidmondjes. Daarmee wordt opnieuw bevestigd dat een langdurig hoge luchtvochtigheid een belangrijke oorzaak is van disfunctionele huidmondjes. Opvallend is dat extra luchtbeweging op zichzelf nauwelijks invloed had op het functioneren van de huidmondjes. Hoewel de verdamping toenam, verbeterde de werking van de huidmondjes nauwelijks. Dat wijst erop dat niet alleen de hoeveelheid verdamping belangrijk is, maar vooral ook de luchtvochtigheid waaronder die verdamping plaatsvindt. Vervolgonderzoek Dit verrassende resultaat wordt in vervolgonderzoek verder onderzocht. Daarbij wordt ook gekeken of er tijdens de teelt een periode is waarin huidmondjes extra gevoelig zijn voor een hoge luchtvochtigheid. Als blijkt dat deze gevoelige fase zich alleen vroeg in de teelt voordoet, biedt dat interessante mogelijkheden voor de praktijk. Telers zouden dan in de tweede helft van de teelt een hogere luchtvochtigheid kunnen aanhouden, waardoor minder warmte nodig is en energie kan worden bespaard, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van het gewas. Financiering en coördinatie onderzoek Het Masterplan Verdamping is onderdeel van het onderzoek ‘Verdamping en vochtbalans van plant en kas in een energiezuinige teelt’. In Masterplan Verdamping werken de business unit Glastuinbouw van Wageningen University & Research, Delphy Improvement Centre, Plant Lighting en Glastuinbouw Nederland samen, met financiering door de Topsector Tuinbouw en Uitgangsmaterialen en Stichting Kennis in je Kas (KijK). Binnen de Topsector werken bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samen aan innovaties op het gebied van duurzame productie van gezond en veilig voedsel en de ontwikkeling van een gezonde, groene leefomgeving. Dit onderzoek is tot stand gekomen in het kader van het programma Kas als Energiebron, het innovatie- en actieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland.

Geplaatst op: 01-07-2026

Nieuwe inzichten in wankleurigheid tomatenteelt

Auteur: Emmy Brückner en Stephanie van Adrichem, HortiTech

Praktijkonderzoek Acht maanden lang zijn vier inhoudelijk verschillende kasafdelingen, gevuld met de rassen Macxize en Showvine, intensief gevolgd en beoordeeld op onder andere energieverbruik, klimaatgelijkheid, gewasactiviteit, nutriëntenopname en teelttechnische prestaties. Het gezamenlijke doel was helder: het ontwikkelen van een methode en bijbehorende randvoorwaarden om wankleurigheid in de grove tomatenteelt te verminderen. Open kas dag Tijdens de openkasronde konden telers het gewas met eigen ogen beoordelen en de verschillen tussen de afdelingen direct vergelijken. Na een centrale introductie werden de deelnemers verdeeld in vier groepen. Roulerend langs de afdelingen gingen zij inhoudelijk in gesprek met onderzoeker Daan van den Bergh, teler Ary de Jong, René Zwinkels en Cees Maan. De opzet zorgde voor een open uitwisseling van praktijkervaringen, kritische vragen en inhoudelijke discussie, precies daar waar onderzoek en praktijk samenkomen. Naast de zichtbare verschillen in het gewas werd ook dieper ingegaan op de verzamelde plantdata en de toegepaste klimaatregelingen binnen de proef. Hierbij werd duidelijk hoe verschillende strategieën rondom ontvochtiging en klimaatsturing invloed hebben op gewasbalans en productkwaliteit. Samenwerking als versneller van innovatie Ook de betrokken partners Climalux, Caeli™, DLI en Gremon deelden hun bijdrage en inzichten vanuit techniek, data en klimaatbeheersing. Daarmee laat de proef niet alleen de waarde van praktijkonderzoek zien, maar ook hoe samenwerking binnen de sector leidt tot versnelling van kennisontwikkeling. Financiering en coördinatie Dit project wordt gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Uitgevoerd door Stichting HortiSearch. Mede mogelijk gemaakt door Federatie van Vruchtgroente Organisaties (FVO), Climalux, Caeli en Kennis in je Kas (KijK).

Geplaatst op: 19-05-2026

Telers enthousiast over eerste vernieuwde cursus ‘Weerbaar telen’

Een groep van negen siertelers dook de afgelopen periode in het thema weerbaarheid. Gedreven door het krimpende middelenpakket, de toenemende druk op gewasbescherming en de duurzaamheidsambities van de sector deden zij mee aan de vernieuwde cursus ‘Weerbaar telen’. Daarin kwam niet alleen theorie aan de orde, maar werd ook samen gekeken, besproken en ervaren wat in de praktijk werkt op het gebied van weerbaar telen. Wat opviel tijdens de cursus: veel telers zijn al bezig met weerbaar telen, maar zoeken nog naar houvast. Wat werkt wel? Wat niet? En hoe breng je alles samen in je eigen teelt? De cursus hielp telers beter te begrijpen welke maatregelen ze kunnen nemen met daarbij als rode draad het verkrijgen van inzicht in de samenhang, zodat je gerichter keuzes kunt maken. Onderwerpen die aan bod kwamen: de basis van een weerbare plant: stress, resistentie, hormonen en uitgangsmateriaal het weerbare systeem: hygiëne, klimaat, monitoring bodembiologie en organische stof de relatie tussen bemesting, plantontwikkeling en ziekten biostimulanten: wat is het verschil met gewasbescherming wanneer en waarom je ingrijpt, bijvoorbeeld bij stressmomenten in de teelt De cursus werd begeleid door Ellen Klein , met brede ervaring in weerbaar telen binnen verschillende gewassen. De nieuwe opzet is bewust interactief. In plaats van vijf middagen bestaat deze nu uit drie onderdelen: twee interactieve middagen met theorie, praktijkvoorbeelden en veel discussie en één excursiemiddag waarin deelnemers zien hoe weerbaar telen in de praktijk wordt toegepast. Positief beoordeeld De cursus werd gemiddeld beoordeeld met een rapportcijfer 7,5 tot 8. Deelnemers waren vooral positief over de combinatie van theorie en praktijk, de interactieve opzet en de uitwisseling met andere telers. Eén van de reacties vat het goed samen: “Eigenlijk zou iedere teler deze cursus moeten volgen.” De cursus is bewust gewasoverstijgend opgezet. De principes van weerbaar telen gelden immers voor elke teelt. Of je nu al stappen hebt gezet of nog aan het begin staat, de cursus helpt om verder te komen. Vervolg in het najaar In het najaar start opnieuw een aantal cursussen. Heb je daar interesse in? Meld je dan hier aan . Wij inventariseren dan het aantal belangstellenden. Op Basis daarvan krijg je vervolgens meer info over de precieze cursusdata en groepssamenstellingen.

Geplaatst op: 22-04-2026

Start cursus Het Nieuwe Telen voor niet-telers (23 februari)

Begrip versterkt samenwerking De cursus is bedoeld voor professionals die niet zelf telen, maar wel intensief met telers samenwerken. Denk aan adviseurs, toeleveranciers, beleidsmedewerkers en andere betrokkenen bij de glastuinbouw. In drie bijeenkomsten krijg je inzicht in de principes van Het Nieuwe Telen en leer je beter begrijpen hoe teeltstrategieën tot stand komen. Volgens Robert Solleveld, themaspecialist Energie, voorziet de cursus in een duidelijke behoefte: “Veel professionals werken dagelijks met telers samen, maar missen soms het teeltkundige perspectief achter keuzes in klimaat, energie en gewassturing. Met deze cursus helpen we niet-telers om die context beter te begrijpen. Dat maakt de samenwerking inhoudelijk sterker en effectiever.” De cursus behandelt onder meer de basisprincipes van HNT, de relatie tussen plantfysiologie en klimaatsturing, en de rol van energie en CO2 in moderne teeltsystemen. Theorie en praktijkvoorbeelden worden gecombineerd, zodat deelnemers de kennis direct kunnen plaatsen in hun eigen werk. Meer informatie over de inhoud, data en aanmelden is hier te vinden op de cursuspagina .

Geplaatst op: 02-02-2026

Introductiecursus Het Nieuwe Telen start op 16 december

Tijdens acht cursusbijeenkomsten maak je kennis met de theoretische achtergronden van HNT en leert je hoe dit op het eigen bedrijf in de praktijk kan worden gebracht. Onderwerpen die tijdens de cursus onder andere aan de orde komen zijn: Vochtbeheersing onder het scherm. Omgaan met uitstraling. Het actief en gezond houden van het gewas. Beter omgaan met CO2 door minder te ventileren. De nadruk van de cursus ligt op het begrip van de processen die van belang zijn voor de beheersing van het kasklimaat en sturing van de teelt. Er zijn nog enkele plaatsen vrij voor deze Introductiecursus maar vol is vol, dus meld je snel aan. Klik hier voor meer informatie en aanmelding.

Geplaatst op: 18-11-2025

Masterclass voor tulpenbroeiers

Auteur: Robert Solleveld

PROGRAMMA In vier middagen komen de volgende sprekers en onderwerpen aan bod: Sander Hogewoning (PlantLighting) over telen in gesloten omgeving en luchtbeweging; Erik Bax (AAB-advies) over de toekomst van de energiemarkt en wat dit betekent voor telers; Nieves García (Wageningen UR) en Sylvester de Nooijer (Delphy) over verdamping. Hoeveel verdamping is minimaal nodig voor goede groei? Wat gebeurt er met de groei als de RV hoger wordt ingesteld? Onderzoekers Paul Ruigrok, Sjoerd van Vilsteren en Arca Kromwijk over de proeven met lelie en fresia, waarbij de principes van Het Nieuwe Telen zijn toegepast. Hoe kan deze ervaring vertaald worden naar de tulpenbroeierij? Verdieping van de kennis uit Het Nieuwe Telen (deze is in de cursus ‘Energiezuinig Tulpen Broeien al deels toegelicht). De startdatum van deze cursus is dinsdag 11 november van 12.30 uur tot 15.30 uur. De andere cursusmiddag vinden plaats op dinsdag 18 en 25 november en dinsdag 2 december. LOCATIE Wageningen UR, Delphy, PlantLighting wanneer daar iets van de proeven te zien is, anders omgeving Zwaagdijk. KOSTEN De kosten voor de cursus bedragen € 600,00 ex btw. Voor werknemers is Colland subsidie mogelijk. AANMELDEN Meld je aan via het aanmeldformulier . Aanmelden is verplicht en kan tot 4 november, 12.00 uur.

Geplaatst op: 21-10-2025

Blog: Masterplan Verdamping

Auteur: Brigit den Bakker

Proef in belichte tomatenteelt bij Delphy In het kader van dit project is er afgelopen seizoen een belichte tomatenproef uitgevoerd bij het Delphy Improvement Centre. Deze proef werd uitgevoerd met het ras Macxize XR van Axia. Op dit moment wordt er gewerkt aan de afronding hiervan en worden er voorbereidingen getroffen voor het vervolg. In deze blog leest u een korte samenvatting van de afgelopen proef. Afgelopen teelt zijn de effecten onderzocht van luchtbeweging op verdamping en gewaskwaliteit in een teelt met hoog vocht en een hoge gift-EC. In twee kassen is luchtcirculatie aangebracht: één met 7 m³/m²/uur, de ander met 16 m³/m²/uur. De lucht werd net onder het scherm aangezogen en via slurven onder de goten uitgeblazen. Lage verdamping: 1,3 liter per dag Door de hoge luchtvochtigheid en de hoge EC in de watergift werd de verdamping flink beperkt. Gedurende de winterperiode bleef die steken op zo’n 1,3 L/m²/dag – lager dan de eerder veronderstelde ondergrens van 1,7 liter. Het gevolg: minder wateropname, minder water voor de vruchten, en daardoor een lager gemiddeld vruchtgewicht. Ook liep de drain-EC op, wat extra druk op het gewas legde. Het gemiddelde vruchtgewicht was in deze periode laag. Wat zagen we aan het gewas? In de winterperiode zijn er veel bladrandjes waargenomen. In de donkerste periode hadden de planten ook last van oedeem. Ondanks het hoge vocht, is maar een enkel blaadje met Botrytis gezien. Wankleur, een probleem dat vaak uit de praktijk wordt gemeld, werd in deze proef niet gezien. Vermoedelijk doordat er een dubbele groeibuis met voorloop werd gebruikt, wat de vrucht op temperatuur hield. Conclusie en vervolg proef We concluderen dat een lage luchtbeweging van 7 m 3 /m 2 /uur genoeg is om Botrytisproblemen te beperken. Door de lage verdamping is bladkwaliteit wel een puntje van aandacht. Voor de komende proef is het doel om met lage verdamping een goede productie te realiseren. Het idee is om door middel van groeibuizen een hogere vruchttemperatuur te realiseren om meer water naar de vruchten te trekken. Nieuw is ook de sturing: in één kas gebeurt dat op een vaste gift-EC, in de andere op drain-EC. Financiering In het Masterplan Verdamping werken samen: de business unit Glastuinbouw van Wageningen University & Research, Delphy Improvement Centre en Plant Lighting. Dit is in het kader van Kas als Energiebron, het innovatieprogramma van Glastuinbouw Nederland en het ministerie van LVVN. Met financiering door de Topsector Tuinbouw en Uitgangsmaterialen en Kennis in je Kas (KIJK).

Geplaatst op: 07-10-2025

Ontvochtiging & elementen

Doel Met dit project wordt onderzocht hoe innovatieve ontvochtigingstechnieken kunnen bijdragen aan een energiezuinig en actief klimaat onder Full LED-belichting. Daarbij ligt de focus op de relatie tussen klimaatsturing, verdamping en elementopname in tomaat, met speciale aandacht voor het voorkomen van wankleurigheid. Beoogde resultaten: inzicht in de ondergrens van gasgebruik onder LED klimaatsturing via elektrische input (Caeli / Climalux) in plaats van gas energiebesparing van 10 tot 20% voorkomen van wankleurigheid door meer warmte in de kop van het gewas Projectbeschrijving De Nederlandse tomatensector schakelt steeds verder over van SON-T naar Full LED. Daarbij blijkt dat niet alleen het licht verandert, maar vooral ook het warmteprofiel. Waar SON-T naast licht ook warmte afgeeft, levert LED vrijwel geen stralingswarmte. In de winter van 2024–2025 kreeg een groot deel van de trostomatenteelt te maken met harde wankleurigheid. Het sterke vermoeden is dat dit wordt veroorzaakt door een gebrek aan warmte in de kop van de plant, waardoor verdamping en elementopname afnemen. Binnen dit project worden daarom twee innovatieve systemen getest onder Full LED: Caeli™ : actief lucht mengen boven en onder het scherm Climalux CLX-2 : LED-armaturen met geïntegreerde ventilator Deze systemen worden vergeleken met twee referentieafdelingen: SON-T en Full LED. Doel is om warmte beter in de kop van het gewas te krijgen, wankleurigheid te verminderen én energie te besparen. Financiering en coördinatie Dit project wordt gefinancierd en gecoördineerd door Kas als Energiebron, een innovatieprogramma van het ministerie van LVVN en Glastuinbouw Nederland. Mede mogelijk gemaakt door Kennis in je Kas (KijK). De proef wordt begeleid door telers. Het totaalbudget voor dit onderzoek is € 466.170, waarvan € 75.000,- in cash van Federatie van Vruchtgroente Organisaties (FVO). Projectnummer: E25004

Van 01-10-2025 tot 01-09-2026
Lopend

Binnenkort op de mat: Magazine 15 jaar Het Nieuwe Telen

Auteur: Robert Solleveld

In dit magazine blikken we terug op wat is bereikt met elkaar dankzij onderzoeken, een schat aan gedeelde kennis én concrete resultaten in de praktijk. Je krijgt praktische tips van onze experts op het gebied van Het Nieuwe Telen. Ook lees je columns van experts, interviews met telers en beleidsmakers en geleerde lessen. Er is al veel bereikt — maar we zijn er nog niet. Er ligt nog volop potentie. Dat is de rode draad die je terugziet in het eindresultaat. We wensen iedereen veel leesplezier.

Geplaatst op: 09-09-2025

Energiezuinig sturen van de verdamping in vruchtgroenten

Auteur: Jan van Staalduinen

Verdamping door het gewas is volgens Brandsma een energie-gedreven proces. Het is nodig om water en nutriënten via de wortels op te nemen en door de plant te distribueren. In omgekeerde richting is er ook intern transport nodig om suikers en andere metabolieten vanuit de bladeren naar de groeipunten te brengen. Soms is verdamping ook wenselijk om voor verkoeling te zorgen. Hoe werkt verdamping? Hoe meer een gewas verdampt, hoe meer vocht je uit de kas moet afvoeren om niet in problemen te komen. Daarbij gaat onvermijdelijk energie verloren. Voor een energiezuinige klimaatsturing die het gewas net genoeg laat verdampen om die processen te faciliteren, is het goed om te weten hoe alles in elkaar grijpt. Brandsma startte haar presentatie daarom met een beknopte uitleg over begrippen zoals waterpotentiaal, capillaire werking en turgor, over de werking van huidmondjes en over de dynamiek in de waterbalans van de plant. Schade en verdamping Vervolgens gaf zij een overzicht van schadebeelden die menigeen in verband brengt met verdamping. Aan de hand van casestudies over bladrandjes in tomaat (calcium- en/of magnesiumgebrek), verkort vaasleven bij snijbloemen (verstoord functioneren huidmondjes) en oedeem in tomaat gaf zij uitleg over de mogelijke oorzaken en oplossingen. De onderzoekster benadrukte echter dat er over de precieze oorzaken en remedies, waarin ook licht soms een rol lijkt te spelen, nog het nodige te ontdekken valt. Verdampingsonderzoek in tomaat De Nooijer presenteerde de tussentijdse resultaten van het verdampingsonderzoek in tomaat. Dit is onderdeel van het bredere Masterplan Verdamping (waaraan ook chrysant en komkommer meedoen), dat door Kas als Energiebron, Stichting KijK en Topsector T&U gedurende drie jaar wordt gefinancierd. Telers willen namelijk dolgraag weten welke ondergrenzen zij, zowel overdag als ’s nachts, voor de verdamping moeten aanhouden om het gewas niet tekort te doen, maar ook zonder onnodig veel energie in de teelt te stoppen en onnodig veel energie te verliezen via ontvochtiging. De onderzoeker gaf eerst een overzicht van problemen in energiezuinige tomatenteelten onder full LED. Daartoe behoren schimmelproblemen (kroonschimmel en stengelverlies als gevolg van Botrytis), slechte vruchtkleuring (wankleur), slechte bladkleur, slechte bladrandjes en opbrengstderving als gevolg van geringe lichtbenuttingsefficiëntie. Teeltronde 1: vochtniveau en EC De eerste teeltronde in seizoen ’23-’24 vond plaats in twee afdelingen met een hoog en een laag vochtniveau. In beide afdelingen werd deels een lage en deels een hoge EC aangehouden. Uit de waterbalans bleek dat hoog vochtniveau en hoge EC resulteerde in de laagste verdamping, een lager gemiddeld vruchtgewicht en een iets lagere opbrengst. Een hoog vochtniveau leidde tot oedeem (vochtblaasjes op de bladeren) en Botrytis, maar had geen zichtbaar effect op de vruchtkwaliteit. Teeltronde 2: luchtbeweging In de tweede teeltronde (’24-’25) werd ingezoomd op luchtbeweging om Botrytis onder controle te houden en stengelverlies te voorkomen. De lucht werd aangezogen onder het scherm en uitgeblazen via luchtslangen onder de teeltgoten. De circulatie in de twee afdelingen bedroeg respectievelijk 7 en 16 m3/m2/uur. In beide afdelingen heerste een hoog vochtniveau en werd indien nodig water verneveld. Hierdoor viel de verdamping nog lager uit dan in de eerste proef. Opvallend genoeg was deze het laagste in de kas met de hoogste luchtcirculatie. Botrytis was in beide kassen onder controle. Bladrandjes en -vlekken kwamen in de wintermaanden in beide afdelingen veelvuldig voor, mogelijk door magnesiumgebrek. De gewasstand werd vaak als te vegetatief beoordeeld, maar was in de kas met lage luchtcirculatie gemiddeld beter. Van wankleurige vruchten was geen sprake, waarschijnlijk dankzij de dubbele groeibuis. Dit probleem lijkt daarmee eerder gerelateerd te zijn aan vruchttemperatuur dan aan te weinig verdamping. De productie bleef in beide afdelingen achter door een te laag gemiddeld vruchtgewicht. Bij lage luchtcirculatie trad vanaf week 13 herstel op, bij hoge luchtcirculatie niet. Conclusies De Nooijer stelde vast dat sommige teeltproblemen, niet alle (!), inderdaad voortkomen uit te weinig verdamping c.q. te hoge vochtniveaus. De productie blijft in die omstandigheden ook achter. Luchtcirculatie helpt om Botrytis te vookomen, het optimum hiervoor is niet vastgesteld.

Geplaatst op: 10-07-2025