Zoeken

Resultaat 1 tot 10 van 10.

Inspirerende bijeenkomst over groenbemesting en CO₂ door Vereniging Bioglasteelt

Auteur: Mark Meijers

Voorzitter Jorrit Jonkers benadrukte bij de opening van de middag, het belang van kennisdeling en samenwerking binnen de sector. Vervolgens gaf Marco van Es een update over het project Bac2nature , waarin innovatieve biologische oplossingen worden ontwikkeld voor een weerbare teelt. Groenbemesting Een belangrijk onderdeel van het programma was de presentatie over groenbemesting door Inge de Groot (Skal) en Marian Blom (Bionext). Zij deelden praktijkervaringen en gingen in op de gevolgen van nieuwe regelgeving voor biologische telers. De sessie leidde tot een levendige discussie waarbij de aanwezigen hun zorgen en ideeën deelden. CO2 en biologische middelen Het thema CO₂ stond centraal in het tweede deel van de middag. Lars Lamet van Value Carbon presenteerde mogelijkheden voor tijdelijke opslag van CO₂, gevolgd door een boeiende presentatie van Frank Kempkes en Mark van Hoogdalem (Wageningen University & Research) over het afvangen van CO₂ uit de buitenlucht. Deze technologische ontwikkelingen bieden perspectief voor een duurzamere en toekomstbestendige glastuinbouw. Tom Prins (Glastuinbouw Nederland) presenteerde de resultaten van een enquête onder leden over het gebruik van biologische middelen. De uitkomsten geven richting aan het beleid en de ondersteuning vanuit de vereniging. De bijeenkomst werd afgesloten met een financieel overzicht, exclusief voor leden, en een informele borrel waar volop gelegenheid was om na te praten en te netwerken. De Vereniging Bioglasteelt kijkt terug op een geslaagde middag vol kennisuitwisseling, inspiratie en verbinding. De bijeenkomst onderstreepte het belang van samenwerking en innovatie in de biologische glastuinbouw.

Geplaatst op: 15-10-2025

Kennisbijeenkomst Bioglasteelt

Graag nodigen wij je uit voor een inspirerende en informatieve bijeenkomst van de Vereniging Bioglasteelt. Tijdens deze middag komen actuele thema’s aan bod die direct van belang zijn voor jouw bedrijfsvoering, zoals de nieuwe wetgeving rondom groenbemesting en de toekomstige beschikbaarheid van CO₂. Daarnaast is er volop ruimte om ervaringen te delen en in gesprek te gaan met collega’s en experts. Programma 13.30 uur Ontvangst 14.00 uur Opening door Jorrit Jonkers (voorzitter Vereniging Bioglasteelt) 14.05 uur Update project Bac2nature door Marco van Es (Bac2nature) 14.30 uur Ervaringen groenbemesting door Inge de Groot (Skal) en Marian Blom (Bionext) 15.00 uur Tijdelijke opslag CO₂ door Lars Lamet (Value Carbon) 15.30 uur Presentatie afvangen CO₂ uit de buitenlucht door Frank Kempkes en Mark van Hoogdalem (Wageningen University & Research) 16.00 uur Enquête biologie en middelen door Tom Prins (Glastuinbouw Nederland) 16.30 uur Financieel overzicht vereniging (alleen voor leden Vereniging Bioglasteelt) 16.45 uur Afsluiting en borrel Locatie HortiTech: Gantelbaan 8, 2675 SJ Honselersdijk Aanmelden Deze bijeenkomst is gericht op leden van de Vereniging Bioglasteelt. Meld je aan via het aanmeldformulier . Aanmelden is verplicht en kan tot 24 september 2025, 12.00 uur. Beeldmateriaal & geluidsopnamen Er kunnen door de organisatie foto’s en video’s gemaakt worden ter terugblik of promotie van deze bijeenkomst. Als je daar bezwaar tegen hebt kun je dit vooraf aangeven via info@kasalsenergiebron.nl . Het maken van video- en geluidsopnamen door bezoekers is niet toegestaan. Meer informatie Neem voor meer informatie contact op met Mark Meijers, telefoon 06 128 909 58, e-mail mmeijers@glastuinbouwnederland.nl . HortiTech: Gantelbaan 8, 2675 SJ Honselersdijk

Hoe kan bioteelt de transitie maken naar fossielvrij?

Auteur: Tristan Marçal Balk (Delphy)

Beschrijving huidige bioteelt Net zoals in de gangbare teelt zijn de meest voorkomende gewassen in de bioteelt tomaat, paprika en komkommer, met als groot verschil dat er een gewasrotatie wordt toegepast om opbouw van bodemziekten en plagen tegen te gaan. Alle biologische teelten zijn onbelicht, en over het algemeen wordt er in januari geplant. De meeste geïnterviewde telers hebben een bedrijfsgrootte van tussen 2.5 en 5ha en een poothoogte van tussen 3.5 en 4.5 meter, en gebruiken al één helder energiescherm. Irrigatie gebeurt met druppelaars en een beregeningssysteem onder de laagste vrucht, voeding en bemesting komt veelal uit de bodem die verrijkt is met compost en/of dierlijke mest, en enkele telers mesten bij met biologische korrels of vloeibare meststoffen. Bij het verteren van deze voedingsstoffen in de bodem komt CO2 vrij, concentraties kunnen bij gesloten ramen oplopen tot 5.000 ppm. De grootste hoeveelheid van deze CO₂ gaat verloren door het ventileren in de warme perioden van het groeiseizoen, en 90% van de telers doseert dan ook CO2 bij. Warmtebehoefte Qua inrichting van de klimaatstrategie wordt rekening gehouden met de weerbaarheid van de plant. Vergeleken met de gangbare teelten ligt hier nog meer de nadruk op, de tolerantie ligt lager omdat er bij infectie niet ingegrepen kan worden met het pakket chemische gewasbeschermingsmiddelen. Naast het verdampende gewas is een andere belangrijke aanvoer van vocht de bodem, en om problemen met condens op vruchten en/of plantendelen te voorkomen wordt vaak gewerkt met een minimumbuis en -raamstand om het vocht uit de ramen te stoken. Het overmatig gebruiken van de buizen (niet alleen op warmtevraag) zorgt voor meer onnodige verdamping, meer dissimilatie, en leidt tot zwakkere planten. Telers gebruiken over het algemeen ketels of WKK’s om in hun warmtebehoefte te voorzien, het jaarlijks gasverbruik van de telers ligt tussen 19 en 42m³/m². Bedrijven die gebruikmaken van een ontvochtigingssysteem of een aanvullende fossielvrije warmtebron verbruiken 30% minder gas. Zelf geven de telers aan dat de meeste besparingen op gas zijn te doen door de minimumbuis minder te gebruiken, ontvochtiging, en de toepassingen van HNT. Laatstgenoemde wordt door sommige telers al gebruikt, maar resultaten zijn wisselend en risico’s worden niet snel genomen door het gebrek aan chemische gewasbescherming, waardoor gewasgezondheid wordt verkozen boven gasverbruik. Andere belemmeringen voor de transitie naar fossiel-vrij zijn de locaties (vaak niet aangesloten in een tuinbouwclustergebied) of bedrijfsvoering (lage poothoogte). De telers willen bewuster omgaan met het gebruik van fossiele energie om het positieve imago dat zij hebben van de consument verder te versterken. Vandaar gebruiken sommige telers al creatieve oplossingen zoals een biomeiler of een aansluiting met een houtstookinstallatie, al zijn daar ook kritische reacties op vanuit de lokale gemeenschap of breder vanuit milieuorganisaties. Beschrijving fossielvrije bioteelt Als benchmark voor een fossiel-vrije bioteelt kunnen ervaringen uit het telen van chrysanten en tomaten worden gebruikt om het kader te schetsen van hoe de toekomstige bioteelt ingevuld zou kunnen worden. Belangrijk is dat fossiel-vrije technieken integraal moeten passen in de teelt, en geen nadelige invloed mag hebben op het kwaliteit van het product, gewas en bodem. Het veelvuldig gebruik van ontvochtiging in de chrysant heeft laten zien dat er minder gelucht hoeft te worden waarbij CO2 beter benut wordt, en dat dit niet ten koste hoeft te gaan van gewaskwaliteit omdat de praktijkervaring leert dat het gewas prima reageert op de ontvochtiging. Bij een betere benutting van de warmte blijft nog steeds een resterende jaarlijkse warmtevraag van 20 m³/m² openstaan, maar die zou voor een groot deel ingevuld kunnen worden met warmteterugwinning in combinatie met een warmtepomp. In combinatie met slurven die boven het gewas hangen kan dan een goede luchtmenging gerealiseerd worden van kas- en inblaaslucht, zoals ook gebeurt bij chrysantentelers. Het fossielvrije bioteelt concept bestaat dan uit een kasuitrusting met: Twee heldere energieschermen, waarvan één scherm het licht diffuus kan maken; Luchtbehandelingskasten met warmteterugwinning via een koelblok; Warmtepomp; Warmtebuffer om warmte op te slaan en te kunnen gebruiken op etmaalbasis; Groot verwarmingsoppervlak: verdubbeling van onderbuizen met behoud van groeibuizen; Luchtslurven boven het gewas door om droge lucht in de kas te blazen. Dit vraagt om een kas met voldoende hoogte. Met de uitrusting zal dan ook de teeltstrategie aangepast moeten worden voor het verbeteren van gewaskwaliteit en het verder besparen van energie en CO₂: Ontvochtigen om warmte-input door vochtproblemen te voorkomen en tegelijkertijd de kas beter te kunnen isoleren door ramen en schermen gesloten te houden en zo indirect de warmtevraag verder te verlagen en CO2 in de kas te houden; Warmte inbrengen alleen nog op warmtevraag; Maximaal gebruik van schermen om warmte uitstraling van het gewas en zo condensvorming door een koud gewas te voorkomen; Toepassen van lange termijn licht-temperatuur integratie om piekverbruik in de warmtevraag te verlagen; Plantbelasting hoeft niet verlaagd te worden om energie over te houden om de weerbaarheid van de plant te verhogen; Gebruik van compostsoorten met stabiele koolstofverbindingen voor de langzame vrijgave van CO2 uit de bodem gedurende de gehele teelt.

Geplaatst op: 02-03-2022

Duurzame Bioteelt inzichtelijk

Doel: Ontwikkelen van een uitgewerkt teeltconcept voor de toekomstige duurzame biologische glasteelt. Met de kennis hebben de telers goed zicht op welke opties ze hebben om op energiegebied verder de verduurzamen. Aanpak: De bioteelt onder glas in NL beslaat ±150 ha en door locatie –veelal in het buitengebied- en door schaalgrootte, zijn investeringen in technieken lastiger rond te rekenen. Daarnaast ligt de warmtebehoefte per vierkante meter in de bioteelt hoger dan in de gangbare teelt doordat er meer gestookt wordt om te ontvochtigen. Waar in de biologische teelt sterk de focus ligt op weerbaar telen zonder chemisch ingrijpen, is deze kennis binnen de gangbare teelt in zekere zin verloren gegaan onder de telers. De gangbare teelt heeft weer sterk de focus gehad op rendement en efficiënt telen middels het gebruik van nieuwe technieken. Bij het opzetten van een project om binnen de biologische teelt inzicht te verkrijgen hoe de teelt te verduurzamen ligt er de kans om deze twee werelden weer kennis met elkaar te laten maken en om de combinatie van beide manieren van telen ter discussie te stellen in kennisinteractie bijeenkomsten. In dit project wordt eerst middels 10 interviews inzichtelijk gemaakt hoe de bioteelt er nu uitziet en hoe de transitie naar een duurzame bioteelt eruit moet komen te zien. Er zal een overzicht gemaakt worden van fossiel-vrije opties specifiek gericht op de bio-kasteelt en de mogelijke uitwerkingen hiervan op de ecologische balans. De biotelers zal inzicht gegevens worden in de ervaringen (5 interviews) met fossiel-vrije opties in andere grondgebonden kasteelten met relatief hoge energieverbruiken. Twee kennisinteracties bijeenkomsten zullen worden opgezet tussen gangbare en biologische glasgroentetelers en mogelijk ook andere telers van grondgebonden teelten. In deze bijeenkomsten zal ook de discussie plaats vinden hoe de teelt van de toekomst eruit moet zien volgens de telers en volgens andere belanghebbenden. Beschrijving fossiel-vrije bioteelt Als benchmark voor een fossiel-vrije bioteelt kunnen ervaringen uit het telen van chrysanten en tomaten worden gebruikt om het kader te schetsen van hoe de toekomstige bioteelt ingevuld zou kunnen worden. Belangrijk is dat fossiel-vrije technieken integraal moeten passen in de teelt, en geen nadelige invloed mag hebben op het kwaliteit van het product, gewas en bodem. Het veelvuldig gebruik van ontvochtiging in de chrysant heeft laten zien dat er minder gelucht hoeft te worden waarbij CO₂ beter benut wordt, en dat dit niet ten koste hoeft te gaan van gewaskwaliteit omdat de praktijkervaring leert dat het gewas prima reageert op de ontvochtiging. Bij een betere benutting van de warmte blijft nog steeds een resterende jaarlijkse warmtevraag van 20 m³/m² openstaan, maar die zou voor een groot deel ingevuld kunnen worden met warmteterugwinning in combinatie met een warmtepomp. In combinatie met slurven die boven het gewas hangen kan dan een goede luchtmenging gerealiseerd worden van kas- en inblaaslucht, zoals ook gebeurd bij chrysantentelers. Het fossiel-vrije bioteelt concept bestaat dan uit een kasuitrusting met: Twee heldere energieschermen, waarvan één scherm het licht diffuus kan maken. Luchtbehandelingskasten met warmteterugwinning via een koelblok. Warmtepomp Warmtebuffer om warmte op te slaan en te kunnen gebruiken op etmaalbasis. Groot verwarmingsoppervlak: verdubbeling van onderbuizen met behoud van groeibuizen. Luchtslurven boven het gewas door om droge lucht in de kas te blazen. Dit vraagt om een kas met voldoende hoogte. Met de uitrusting zal dan ook de teeltstrategie aangepast moeten worden voor het verbeteren van gewaskwaliteit en het verder besparen van energie en CO₂: Ontvochtigen om warmte-input door vochtproblemen te voorkomen en tegelijkertijd de kas beter te kunnen isoleren door ramen en schermen gesloten te houden en zo indirect de warmtevraag verder te verlagen en CO2 in de kas te houden. Warmte inbrengen alleen nog op warmtevraag. Maximaal gebruik van schermen om warmte uitstraling van het gewas en zo condensvorming door een koud gewas te voorkomen. Toepassen van lange termijn licht-temperatuur integratie om piekverbruik in de warmtevraag te verlagen. Plantbelasting hoeft niet verlaagd te worden om energie over te houden om de weerbaarheid van de plant te verhogen. Gebruik van compostsoorten met stabiele koolstofverbindingen voor de langzame vrijgave van CO2 uit de bodem gedurende de gehele teelt. Projectnummer: 20144

Van 01-03-2020 tot 30-11-2020
Afgerond

Het Nieuwe Telen als verkoopargument

Auteur: Stijn Laagland

Lidl bezocht enkele glastuinbouwbedrijven en maakte hiervan leuke filmpjes voor de campagnewebsite Lidl.nl/Oorsprong . Teler Thijs Gipmans van Gipmans Planten uit Venlo legt in een van de filmpjes uit hoe hij de verse basilicum voor Lidl produceert. Het verhaal is een heel mooi voorbeeld van Het Nieuwe Telen in de praktijk. Het illustreert ook mooi hoe de markt het concept omarmt en inzet als verkoopargument. De vraag naar gezonde, verantwoorde geteelde producten neemt toe en telers die aan die vraag kunnen voldoen hebben er een mooie continue handel aan.

Geplaatst op: 26-06-2017

Monitoring HNT Bioteelt

Op een biologische groentekwekerij wordt in de nieuwbouw de eerste stappen van Het Nieuwe Telen toegepast: vochtbeheersing met buitenlucht en een tweede energiescherm. In dit project worden teelt, kasklimaat en energieverbruik gemonitord. Bij BioVerbeek is gedurende twee teelten een systeem gemonitord dat lucht inblaast tussen het gewas. De regainunit bespaart ongeveer 3 m3/m2 per jaar en de ventilatoren kosten tezamen 3,3 kWh/m3 per jaar. De totale energiebesparing wordt geschat op 9 m3/m2 per jaar. Hiermee mogen de meerkosten van een regainunit ongeveer 3,5 €/m2 zijn. Het temperatuurverschil tussen twee meetpalen verdeeld over de lengterichting van de luchtslurven is over het jaar gemiddeld zeer klein, maar kan tijdelijk groot zijn, zodat dan risico op condensatie ontstaat. Het realiseren van overdruk in de kas blijkt hiermee geen garantie voor een goede temperatuurverdeling. De productie in de nieuwe kas was hoger dan in een vergelijkbare oudere kas. Dit kan mede te danken zijn aan het diffuse glas in het kasdek en is ondanks de lagere lichttransmissie van het kasdek (geschat op 60-65%). Projectnummer: 14426

Van 01-08-2011 tot 01-08-2013
Afgerond

Oplossingsrichtingen energiegebruik BiJo

In dit project worden mogellijkheden tot reductie van het elektra verbruik van de gesloten kas installaties bij BiJo aangedragen. WUR Glastuinbouw inventariseerde bij BiJo waar in de gesloten kas kan worden bespaard op het elektriciteitsverbruik en hoe kan worden voorkomen dat de aquifers te ver afkoelen. Hiervoor is gesuggereerd dat de ventilatoren in de gesloten kas minder vaak hard moeten draaien en dat extra warmte wordt geoogst in de open kas. Projectnummer: 14266-04

Van 01-03-2011 tot 01-05-2011
Afgerond

Het Nieuwe Telen in biologische teelten

Systemen voor vochtbeheersing door gecontroleerde buitenluchtaanzuiging en luchtbeweging moeten intensiever schermen mogelijk maken waarmee energie wordt bespaard. Nieuwe onderzoeksaspecten zijn de toepassing van een dubbelscherm en de wijze van buitenluchtaanzuiging: vanuit de gevel of van boven het scherm. Daarnaast wordt gekeken naar de verschillen tussen ventilatoren voor verticale luchtbeweging en luchtinbreng via horizontale slangen. Het project bevat zowel kasproeven in Bleiswijk als begeleiding van drie telers in de praktijk die een systeem voor buitenluchtaanzuiging (gecontroleerde ventilatie) willen aanleggen. Focus op biologische tomatenteelt. De pijler voor energiebesparing is gebruik van sterk isolerende schermen. Het probleem bij schermen is dat er veel minder condensatie van vocht tegen het koude kasdek plaatsvindt, waardoor de luchtvochtigheid te hoog oploopt. De twee gangbare methoden om vocht te beheersen, vochtafvoeren via een vochtkier en gebruik van minimum buis, vergen allebei veel energie. Deze proef toonde aan dat een aanzienlijke hoeveelheid energie bespaard kan worden door een dubbel energiescherm te gebruiken. Ook het niet instellen van een minimum buis en het scherm pas te openen als de zon meer kracht heeft, leverde energiebesparing op. Het extra scherm kon langer gesloten blijven dankzij goede luchtvochtigheidregeling. Projectnummer: 13488

Van 01-01-2009 tot 31-12-2009
Afgerond

Teeltbegeleiding en resultaatmonitoring van geconditioneerde teelten

In het project wordt in de driehoek teler - voorlichter - onderzoeker een teelt-, meet- en energieplan opgesteld. Aan de hand van het uitvoeren, analyseren en communiceren van metingen in de kas in relatie tot de gewasproductie wordt aan de teler een belangrijk handvat gegeven om 'opnieuw te leren telen'. Er nemen vier tot acht bedrijven deel aan dit project voor maximaal 2 jaar. Intensief overleg moet leiden tot overeenstemming over de ideale teeltwijze en bedrijfsuitrusting voor het specifieke gewas. Bij de monitoring en teeltbegeleiding van conditionerende bedrijven tomaat en biologische vruchtgroenten kwam naar voren dat kaskoeling tot 10% meer productie geeft doordat minder CO2 via de ramen verdwijnt. Geschat wordt dat koude hiermee een waarde genereert van 4 € /GJ. De warmtepomp kan hiermee voor de warmteproductie pas concurreren met een WKK als de gasprijs hoger ligt dan 0,25 tot 0,30 €/m3. Bij phalaenopsis is kaskoeling sowieso nodig om meertakkers te kunnen produceren. De phalaenopsisteelt vraagt meer warmte dan de warmtepomp kan produceren. Kaskoeling van boven is minder efficiënt dan kaskoeling van onderen, maar geeft wel meer luchtbeweging in de kas en daardoor een effectievere ontvochtiging. Sommige bedrijven onttrekken meer warmte dan koude uit de aquifer, waardoor maatregelen moeten worden getroffen om de aquifer weer in balans te krijgen. Projectnummer: 13230

Van 01-01-2008 tot 01-01-2010
Afgerond

Perspectief gesloten kasconcept voor biologische kasteelt

In dit project wordt de kennis van telen in gesloten kas op een gangbaar tomatenbedrijf (Themato) vertaald naar de mogelijkheden en effecten voor de biologische teelt (Biokas). Gelet op de specifieke teelt- en klimaatfactoren van de biologische teelt, wordt onderzocht of een (semi) gesloten kas een energiebesparing kan opleveren. Resultaten van dit onderzoek zijn: Biologische gewassen worden in de grond geteeld. Hierdoor is een warmteverdeelsysteem met luchtslangen met een grotere diameter dan 35 cm niet haalbaar. FiWiHex- warmtewisselaars zijn in een grondteelt niet mogelijk door hun grote volume. Vanwege gasemissies uit organische bemesting is 100% gesloten kas in biologische teelt niet mogelijk, omdat altijd gelucht moet worden. Omdat in de biologische teelt met wisselteelten wordt gewerkt, moet het systeem ook rendabel zijn voor andere teelten. Omdat met een (semi) gesloten kas minder aardgas gestookt wordt, is ook minder CO2 beschikbaar. Hierdoor moet in de biologische teelt ook toepassing van zuivere CO2 mogelijk zijn. Berekeningen tonen aan dat alleen een semi-gesloten kas rendabel is voor de biologische teelt. Wanneer de warmtepomp meer draaiuren kan maken geeft dit een lagere investeringsbehoefte. Schermen en temperatuurintegratie kunnen hier aan bijdragen. Projectnummer: 11934

Van 01-07-2004 tot 15-09-2005
Afgerond
  • 1